Maaike Schutten Webloghttp://www.maaikeschutten.comRSS Feed weblog Maaike Schutten<![CDATA[Goedemiddag, stand.nl, zegt u het maar]]> De laatste tijd verzand ik steeds dieper in een staat van meningenmoeheid. Meningen zijn de fruitvliegjes van ons bestaan: wat je ook doet, ze komen overal op af en ze planten zich voort met een snelheid waar niet tegenop te meppen is. Op gewone-mensen-markten en in gewone-mensen-winkelstraten, op pleinen, in tentjes, op Facebook, Twitter, websites, weblogs, in krantenkolommen en kolommen en kolommen, rond tafels, achter deskjes, met retorische trucjes of zonder enige retorica, op de radio, hop, bel in en vertel wat je van de stelling vindt. Over de Grieken, over Job, over Jobs, over graaiers, over het kapsel van de presentator, stand.nl, goedemiddag, zegt u het maar.

Ik kon ook altijd moeiteloos een mening oplepelen over een onderwerp naar keuze, of er eentje opwarmen als dat nodig was, maar hoe meer ik er nu hoor, hoe minder ik nog weet wat ik vind. Een mening op zich is weinig; slechts een toevoeging aan een kakofonie die je dover en dover maakt. Een mening wordt pas iets als je er iets mee kan: als hij een alternatief biedt, of nieuwe inzichten, als hij je kan overtuigen met argumenten die nog kloppen ook, als hij de boel terugbrengt tot de kern. Kortom: een mening moet van verdomd goede huize komen als hij niet wil verdwijnen in de verstikkende zwerm die iedere dag groter wordt. Wat je zegt ben je bovendien de helft van de tijd zelf: ook wij zijn graaiers, ook wij zijn kleurloos, ook wij hebben eigenlijk geen idee. 

Daarom vind ik momenteel zo weinig op deze plek, want tegen de tijd dat ik erachter ben wat ik vind, heb ik er een roman over geschreven (najaar 2012, gok ik bij deze). En ondertussen denk ik na over wat ik op deze plek zal schrijven, want dat hier iets moet gebeuren, staat natuurlijk vast. Tegen de tijd dat ik het met mezelf eens ben wat ik er van vind, zal ik dat met gepaste stelligheid de ether in slingeren. Tot die tijd: leuke plaatjes van schoenen, puppy’s en katten die op Hans Hillen lijken.   

PS - En verder vond ik het jasje van Martijn Krabbé in The Voice Of Holland natuurlijk géén gezicht.


]]>
<![CDATA[Column voor Runners' World: meneer Cooper]]>

Een beetje psychotherapeut zal vertellen dat zo goed als alles terug te herleiden is naar de jeugd. Ik hou daarvan. Ik hou van het idee dat mijn moeizame start als hardloper niet door mij komt, of mijn onsportiviteit, of mijn gebrek aan doorzettingsvermogen, maar door een man in trainingspak zonder haar of gevoel en met zo’n seriemoordenaarachtig litteken op zijn wang. Hij noemde zichzelf gymleraar, maar eigenlijk was hij drill instructor met als doel om zoveel mogelijk pubers paarsaangelopen naar Frans of Aardrijkskunde te sturen.

Zo schiep hij er genoegen in om ons zo nu en dan te onderwerpen aan een voor militairen uitermate geschikte variant van de Coopertest. Ik had er tot dit schrijven overigens nooit bij stilgestaan dat de Coopertest ook daadwerkelijk uitgevonden was door een meneer Cooper, die toen hij af wilde vallen toevallig ontdekte dat het binnen 12 minuten lopen van een zo groot mogelijke afstand een prima manier was om de conditie te testen. Onze gymleraar vond het echter een beter idee om ons binnen een zo lang mogelijke tijd zo hard mogelijk zo veel mogelijk rondjes rond de vijver bij onze school te laten lopen. Daar ging ik dus, op mijn tennisschoenen van Scapino zonder enige vering of comfort, rennend voor mijn leven, omdat er vanuit het gras dingen werden geroepen als ‘IS DAT RENNEN?’ en ‘MIJN SCHOONMOEDER KAN NOG HARDER DAN DAT!’. De eerste rondjes hield iedereen nog wel vol, maar als er ‘HIJGEN IS VOOR HONDEN!‘ geroepen werd, wist je dat het een slijtageslag begon te worden - en wist ik dat mijn Scapinoschoenen en ik daar onderdeel van waren. Ik keek dan naar het kabbelende water en probeerde mezelf dingen wijs te maken over gaan met the flow, terwijl naast me ‘RENNEN! JE BENT TOCH GEEN MEISJE?’ gebruld werd en mijn milt met veel gevoel voor drama explodeerde.

Toen ik laatst langs het water liep waar ik altijd loop en nadacht over stromen op de golven van het leven en meer van dat soort flauwekul, realiseerde ik me dat ik me diep in mijn hart altijd een sukkel op Scapinoschoenen ben blijven voelen. Ik zoomde uit, zag mezelf best soepel voorbij veren en bedacht me dat ik die rondjes rond de vijver nu rauw zou lusten. En de gymleraar erbij, met een beetje peper en zout. Een beetje psychotherapeut zou hier een variant op Freuds vadermoord in zien. Gymleraarmoord.

]]>
<![CDATA[Well, look who it is ]]>Een van de redenen dat ik hier de laatste tijd verdomd weinig berichten gepost heb, is omdat stukjes over druk en tijd vaak zo verdomd saai zijn. Feit is natuurlijk wel dat het moderne leven met al haar werk en kinderen en boekgeschrijf en verbouwingen en lekkages en sociale toestanden en slaapbehoeften een gezellig stukje erover schrijven tot een luxe maakt. En als ik dat doe, staat er de laatste tijd meestal een camera van Torpedo Magazine op.

Luister hier bijvoorbeeld naar mijn voorspellende droom over Arnon Grunberg,

of hier naar hoe ik tegen mijn wil in een wit pak in de Arena stond en wat Gordon daar mee te maken had.

Want die heeft uiteindelijk overal mee te maken. Maar dat hoef ik jullie natuurlijk niet te vertellen.

 

]]>
<![CDATA[Nu komt alles goed: het Bakfietsblues Vakantiepakket]]>Geen paniek, mensen. Het mag dan wel regenen, enzo, maar dat is geen probleem. Sterker, het is een kans. Een opportunity. Daarom is -ie er nu: het limited edition Bakfietsblues Vakantiepakket, met:

  • 1 gesigneerde editie van Bakfietsblues
  • maarliefst twee zelf in te vriezen ijslollies in de smaken cola en aardbei
  • 1 parapluutje voor het maken van je eigen zoetige cocktail
  • 1 huisgemaakte Bakfietsblues-kruiswoordpuzzel, die echt heus niet makkelijk is.  

 Kijkt u maar:

 

Wat te doen om dit alles in huis te krijgen?

  • 18 euro overmaken naar 14 29 57 992 t.n.v. MKV Schutten
  • mij een mailtje sturen op mail@maaikeschutten.nl met de melding: Doe Mij Zo'n Vet Zomerpakket
  • niet vergeten mij ook je adresgegevens te mailen, of die van iemand anders als het voor iemand anders is.
Aloha!

PS - zet je bril op en maak vast een begin, want zeg nou zelf: die kruiswoordpuzzel wil iedereen oplossen.



]]>
<![CDATA[NBD|Biblion: 'Een origineel boek met herkenbare situaties voor twintigers en dertigers'.]]>'Het leven van de 35-jarige Noor Mensink verandert radicaal als ze met vriend en kind verhuist van een kleine etage in het centrum van Amsterdam naar een ruim huis in een Vinexwijk. Terwijl vriend direct kan wennen, stort Noor zich op het Amsterdamse uitgaansleven en op haar opwindende baan bij de televisie voor een populaire talkshow als De wereld draait door. Dit alles om zich krampachtig af te zetten tegen het burgerlijke leven van de bakfietsgeneratie in een zandbakwijk waar ze enkel perfecte ouders en kinderen tegenkomt. Wanneer haar moeder een auto-ongeluk krijgt, leert Noor haar leven op een andere manier te bekijken. Een vlot humoristisch verhaal met eigentijds taalgebruik, rake typeringen, maar ook met een kritische blik op het leven van dertigers in een nieuwbouwwijk. De bakfiets staat symbool voor de wereld waarin je als volwassene keuzes moet maken. De schrijfster (1976) debuteerde in 2007 met '15 minuten', personen uit dat boek spelen een bijrol in de nu verschenen uitgave. Een origineel boek met herkenbare situaties voor twintigers en dertigers.'

PS- je kunt 'm gewoon nog kopen, he. Kies zelf maar waar. Of bestel 'm bij mij, dan schrijf ik er iets voor je in. Desnoods op rijm.

]]>
<![CDATA[Volkskrant: verstand]]>

Mijn laatste Aaf BC-zwangerschapsverlofvervangingscolumn:

Een van mijn favoriete fantasiebanen is het commentatorschap bij aan elkaar gemonteerde tv-programma’s over de jaren zoveel of het fabuleuze leven van willekeurige beroemdheden. Gezeten voor een wandje zou ik met een brede lach vertellen over de favoriete tijdbesparingstips van Gwyneth Paltrow (bilversterkende oefeningen met een haarmasker in), het al dan niet dood zijn van Michael Jackson (laatste stand van zaken: hij ontvlucht zijn financiële misère in de bunker die Elvis vlak voor zijn ‘dood’ onder Graceland bouwde) en het wel en wee van Justin Bieber.

Niet dat ik iets weet over Justin Bieber, maar dat doet er ook niet toe. De voornaamste taakomschrijving van de pratende hoofden, die bij elkaar gegraaid zijn uit tijdschriftredacties en bestanden met werkloze komieken, is het doen van lukrake statements en het daarbij roepen van ‘Oh. My. GOD!’. En laat ik nou zelf ook een vrij aardige oh-my-GOD in huis hebben.

Verstand van zaken is bij programma’s aan tafels en voor wandjes ook helemaal niet nodig, constateerde een Amerikaanse psycholoog met waarschijnlijk dezelfde fantasiebaan als ik al eens. Jarenlang vergeleek hij commentaar en voorspellingen van beroepsexperts in de media met dat van willekeurige mensen. En wat bleek: de ondeskundigen waren minstens zo deskundig - of soms zelfs beter. Niet gehinderd door tunnelvisie of de peilloze diepte van hun kennis gokten ze gewoon op wat hen het meest waarschijnlijk leek.

Het duurde lang tot ik in de gaten had dat dát natuurlijk de reden was dat De Wereld Draait door Chazia Mourali liet praten over opera, Arie Boomsma over Charlie Sheen en Felix Rottenberg over wat verder ter tafel komt. Een benadering met een zee van mogelijkheden. Want hoe ziet Sylvana Simons de politieke toekomst van Berlusconi, wat is volgens Jeroen Krabbé het geheim van Lady GaGa en heeft Arend Jan Boekestein geen oplossing voor Libië? En bij twijfel kan er altijd teruggevallen worden op Rob Oudkerk of een hoofdredacteur naar keuze.

Het lijkt me echt iets voor Jack de Vries om dit binnenkort eens uit te leggen aan Matthijs van Nieuwkerk. Na mijn analyse van het werk van Justin Bieber, als het even kan.

]]>
<![CDATA[Strakke broeken]]>

Een column voor Runners' World over glanzende, zwarte, keihard stretchende hardloopbroeken. 

Toen ik begon met lopen, deed ik dat in een tricot geval dat het dichtst in de buurt komt van een joggingbroek. En eigenlijk doe ik dat nog steeds. Ik heb een gewone en een iets minder gewone, maar die minder gewone kan eigenlijk alleen als het niet te tochtig is rond de enkels.

Maar Maaike, waarom schaf je dan niet zo’n aerodynamische, zweet opslurpende en tegelijkertijd warmtevasthoudende hardloopbroek aan, vraag je je nu natuurlijk af. Nou, dat zit zo. Ik ben altijd in de veronderstelling geweest dat er een soort kastesysteem bestaat op loopkledinggebied. Je begint in een gênant pak, opgediept uit een onvermoede hoek van je kledingkast, upgradet datals je na een tijdje niet meer rood aangelopen thuiskomt en dan, op een dag, als je achterstevoren hinkelend een marathon doet, ben je klaar voor een semiprofessioneel wedstrijdtenue met spandex en vinnen op de rug, en zo. Of van die glimmende marathonbroekjes, waarvan ik altijd bang ben dat er van alles tevoorschijn fladdert, maar dat zal ongetwijfeld ook allemaal ten bate van de aerodynamica zijn.

De hele crux van dit veronderstelde kastesysteem is dat je niet te snel moet proberen van de ene kaste naar de andere over te stappen, omdat je dan de lopende equivalent wordt van een in zeemleer vacuüm getrokken toerfietser, die zich na een kilometer of twee met zijn geaccentueerde hebben en houden op een terras laat zakken voor een kopje koffie, om een half uur later zo traag verder te gaan dat je denkt: man, had gewoon je bandplooibroek aangehouden. Een sportkledingversie van doe-maar-gewoon-dan-doe-je-al-gek-genoeg-gedachte, ondersteund door beelden uit mijn onderbewustzijn van gevorderde lopers in fladderende sportkleding als Rocky (in grijs joggingpak en op All Stars, godbetert), Madonna en een aantal Kennedy’s (in trainingsbroek).

Maar zoals dat wel vaker gaat, was ik de enige die in deze veronderstelling verkeerde. Speurend op straat naar tricot zag ik enkel mijn eigen benen, verder voorbijgelopen door gestroomlijnde mensen in ongetwijfeld allerlei wonderen verrichtende microfibers. En over de ballerinolook zat zelfs mijn buurtgenoot de sportpresentator niet in, die zijn glanzend geaccentueerde hebben en houden uitgebreid mee uit ontbijten nam. (En dan heb ik het nog niet eens gehad over de niet nader te noemen politicus.)

Welbeschouwd het dus mijn diepste angst om een man van middelbare leeftijd in zeemleren pak te zijn. Misschien moet ik daar eens met iemand over praten.

]]>
<![CDATA[En misschien ]]>schrijf ik binnenkort nog wel weer eens een stukje ook, alhier. Wie weet. Wie zal het zeggen.

]]>
<![CDATA[Volkskrant: Piratentaart]]>Mijn Aaf BC-zwangerschapsverlofvervangingsdienstcolumn van afgelopen woensdag:

Ik loop een beetje voor op Aaf, babygewijs dan. Daarom zat ik afgelopen zomer regelmatig en in steeds dikkere toestand in de wachtkamer van de verloskundigenpraktijk. Omdat ik soms recalcitrante dingen schijn te roepen bij het lezen van jongemoederlectuur met koppen als ‘Mijn keizersnede: mijn hel’ en ‘Zo maak je een piratentaart!’, concentreerde ik me op het prikbord vol geboortekaartjes met de namen van de nieuwe inwoners van mijn postcodegebied.

Zoals dat dan vervolgens gaat, raakte ik licht geobsedeerd en ging ik met notitieboekjes in de hand op zoek naar grote lijnen en andere verbanden. Zo bleek er een groep met doorgevoerde retronamen als Ot en Sien en een veel grotere met wilde conceptnamen als Raaf, Boks, Skipper, Merlot en Hunk. Voor Ot en Sien zag ik nog wel een toekomst, zij het een moeilijke, maar het leek me dat Boks, Hunk en hun vrienden over dertig jaar gekwalificeerd zouden worden als dolende generatie. Je dochter Merlot noemen vond ik wel een erg typische manier om de levensbestemming te sturen en het feit dat mensen je ofwel vragend aankijken, ofwel in de lach schieten als je je voorstelt leek me niet bevorderlijk voor je zelfbeeld. Tevreden over deze analyses klapte ik dan mijn Moleskine dicht en waggelde het verloskundigenkantoortje in.

Ik moest hier aan denken toen ik vrijdagavond met een aantal schrijvers rond een tafel stond vol dozen wijn en zelfbereide pastasalades. Aanleiding - naast de dozen - was een literaire stichting die benieuwd was of we misschien een stroming waren, of een generatie. Het opperen daarvan in de uitnodiging bleek de literaire equivalent van een piratentaart en reacties kwamen neer op ‘ho ho’ en ‘ik hoor nergens bij, hoor’. De gedachte aan analyses en kruisverbanden met Nix of X of Y deed ons eensgezind benadrukken hoe verschillend we waren qua stijl, thematiek, publiek en haardracht. ‘Stromingen vind je in een rivier,’ mompelde een zojuist gedebuteerde schrijver. Iemand opende nog een fles en tevreden constateerden we hoe individuen als wij toch onmogelijk over wat voor kam dan ook geschoren konden worden. Maar goed, daar is onze generatie natuurlijk wel een uitzondering in. 

]]>
<![CDATA[Máxima, Mart en meer van dat soort huishoudelijke dingen ]]>En zo ben je opeens penvriendin van Máxima. Niet dat ze al teruggeschreven heeft, maar dat is een kwestie van tijd. Voor het boek 'De Maxima Generatie' (Maarten Muntinga) mocht ik namelijk, samen met 39 generatiegenoten die allemaal een stuk bekender zijn dan ik, als Robert Vuijsje, Sanne Wallis de Vries, Lodewijk Asscher en Ruud de Wild, een brief schrijven aan Hare Koninklijke Aanstaande Hoogheid. Mijn advies had iets te maken met onderstaande foto, René Froger, Unique Selling Points en meer van dat soort zaken. Ik zou zeggen: koopt dat leuke boek, ook als je - net als ik - geenszins koninklijk gezind bent.

En verder staat er weer een filmpje online dat ik maakte voor de 2 Minuten-serie van het leuke Torpedo Magazine. Over Mart Smeets en dat ik wilde dat ik van hem hield.

]]>
<![CDATA[Torpedo Magazine: fotohoofd]]>Voor het ontzettend leuke meestal online literaire magazine Torpedo Magazine (volg die site) las ik weer een verhaaltje voor in de 2 Minuten-serie: Fotohoofd.

 Voor wie niet fan filmpjes houdt of mijn pratende hoofd in het bijzonder hieronder de tekst. 

Hij is zo’n gewone jongen gebleven. En het is niet niks, een dagelijks programma op prime time, waar letterlijk de hele natie naar kijkt. En iedereen die in je programma wil. En je een natuurtalent vindt. En goedgekleed.

In de begindagen liet hij zich nog wel eens als een gebraden haan door de stad dragen, maar tegenwoordig gaat hij met de kippen op stok, om maar in de pluimveemetafoor te blijven. Oké, hij wordt vorstelijk betaald. En de hele natie kijkt, had hij dat al gezegd? Maar verder dus een gewone jongen, hoor.

Alleen: als een camera op hem gericht wordt, gaat zijn hoofd zijn eigen gang. Zijn lippen tuiten. Zijn linker wenkbrauw fronst zijn voorhoofd in een Clooney-achtig plooiwerkje. En zijn ogen priemen, lokken, strelen zachtjes. Zeggen: tot de zon opkomt, schatje.

Terwijl hij zo’n gewone jongen gebleven is.

 
]]>
<![CDATA[Runners' World: Lente]]>Een column voor Runners' World die ik begin februari schreef, toen het Tahirplein plots vol betogers stond.

In het vliegtuig had ik de hele column al bedacht. Ik ging het hebben over de zon. Hoe fijn het is om ’s ochtends langs het strand te lopen, na al die sneeuw en grijze wolken en andere winterse ellende waar ik me maar niet overheen kan zetten (serieus, ik verheug me al sinds november op de lente. Je niet meer inpakken met winddichte thermotoestanden en rare mutsjes, niet meer die snijdende wind in je gezicht, maar gewoon je schoenen aantrekken en de deur uit gaan, naar een wereld die er vrolijk uitziet en aangenaam aanvoelt). Stukje heen, stukje terug, op het einde een slalom tussen die leuke rieten parasolletjes door en dan bij een ontbijt met hysterisch vers fruit verzuchten waarom alle werelddelen zich in godsnaam niet gegroepeerd hebben rond de evenaar, zodat het gewoon overal vijfentwintig graden kon zijn. En of dat niet alsnog geregeld kan worden, ik bedoel, we sturen mensen naar de maan, verdorie. En o ja, hoe irritant het is als er thuis allemaal zand in je vakantietas zit, omdat je je schoenen zomaar tussen je spullen gegooid hebt. Daar ging ik het dus over hebben.

Zesendertig uur later vlogen we weer terug. Onrusten in een paar steden breidden zich uit naar het hele land, grote demonstraties werden hoopgevend, hoop werd uiteengeslagen tot vertwijfeling en nog meer onrust en wij namen de boot naar Texel, ver boven de evenaar. Een graad of vier en mogelijk stevige windstoten, volgens Gerrit Hiemstra. De tv bracht ons live naar het plein. Dichterbij dan toen we daar waren, tussen de mensen, de stenen, de chaos.

Weer thuis vond ik nergens zand. Mijn schoenen had ik zomaar tussen mijn spullen gegooid, maar het strand waren we niet opgeweest - die windstoten van Gerrit. Tijdens het vertrouwde rondje Havengebied werden mijn fantasieën over zonovergoten sprintjes van een week eerder bij iedere stap onbenulliger. Vrolijk rennen ja, tussen de parasolletjes van een zorgvuldig geconstrueerde vakantie-idylle, langs een baai geschapen door dynamiet, in een luchtbel in een land dat zich probeert te ontworstelen aan een man met  zo zijn eigen ideeën over democratie en hoopt op iets nieuws, iets beters, hoe dat er ook uitziet.

Voor de lente waar ik op hoop, hoef ik de straat niet op. Die lente komt wel, die lente komt altijd. En tot die tijd doe ik gewoon een winddicht thermoding aan. En een raar mutsje op.

]]>
<![CDATA[Torpedo Magazine: knakworsten]]>Voor het literaire magazine Torpedo nam ik een aantal 2 Minuten-filmpjes op: buitengewoon korte verhalen van slechts 140 woorden, waaronder 'Knakworsten'. Voor wie het niet zo heeft op bewegende beelden of mij persoonlijk: hieronder de tekst zoals die stond in Het Parool.

 

]]>
<![CDATA[Hoedjesmannen]]>Mijn Aaf BC-zwangerschapsverlofvervangings-Volkskrant-column van afgelopen woensdag:

De metroman was zo gek nog niet. In zijn tijd was het overzichtelijk: de metroman had een David Beckhamkuifje droeg geen kleren, maar outfits. En de rest van de heteroseksuele mannen was gewoon, nou ja, man. Met soms best een vrolijk gekleurde Puma, maar veel gekker werd het niet. 

Sinds de metroman is het echter buitengewoon onoverzichtelijk geworden. Het trendgilde heeft nog wel wat geprobeerd, zoals de überman (een baardige variant die graag met everzwijnen over zijn schouder rondloopt), maar een lijn wil er niet meer echt in komen. Postmodern, kun je dan roepen als je eigenlijk geen idee hebt, maar geen zin hebt om dat toe te geven. Begrijp me niet verkeerd: ik ben enthousiast over de mate waarin moderne man zijn best doet. Ik probeer alleen wat overzicht te scheppen, want zo neurotisch ben ik dan ook wel weer in mijn observatiedrang. En alles loopt zo door elkaar: geslachten, toepassingen, gebruiksmomenten. Damescolsjaals boven ACDC t-shirts. Blozende boerenzonen met peilloze decolletés. Ogenschijnlijk onverzorgde mannen die besmeurde broeken in beeldschone enkellaarsjes stoppen.

En dan is er nog het mannenhoedje. Ergens snap ik dat wel, want de hoedjesman loopt in van die mooie versnelde slowmotion-beelden op zijn eigen soundtrack, met af en toe een spontane dansmove in een geschikt steegje. Vanonder de rand kun je naar voorbijkomende vrouwen knikken en als boef krijg je er zo’n fijne schaduw mee.

Mannenhoedendragers zijn alleen zo enthousiast dat het ding overal op blijft. Ze dragen ze in restaurants, terwijl iedere cowboy je kan vertellen dat dat eigenlijk alleen in saloons mag. Ze dragen ze tijdens concerten, zodat verticaal uitgedaagde mensen als ik nog meer moeite hebben om het podium te zien. Temperatuur is daarbij overigens geen issue: een beetje man zweet voor zijn hoed.

Op de sportschool zag ik een sportschooltype in hemd en trainingsbroek indrukwekkend veel gewicht omhoog duwen. Hij zette zijn porkpie-hoedje (Baantjer was er ook gek op) recht op zijn hoofd, drapeerde zijn leren tas voor het apparaat en zette zijn badslippers schrap voor een nieuwe tweehonderd kilo, onderwijl knipogend naar een instructrice. Verward over deze chaos veegde ik mijn voorhoofd af. Of nee, postmodern. Dat was het.

 
]]>
<![CDATA[Fruitvliegjes]]>

In de tijd dat mijn laptop nog het gewicht van een gezonde peuter had, was ik al fervent wildtikker. De blikken van anderen waren een goede stimulans om eens uit de pyjama te komen en stiekem vond ik dat ik behoorlijk cool een individu zat te zijn in mijn lokale namaak-Starbucks, terwijl iedereen die ik kende op kantoren vastgesnoerd zat aan desktopcomputers met dikke konten.

De afgelopen maanden blijk ik hiermee echter geen onderdeel te zijn van een trend, maar van een fruitvliegjeskolonie, die zich schrikbarend snel vermenigvuldigt. Een zwerm van ZZP’ers en andersoortige nieuwe werkers met daarachteraan barista’s (nooit barmeisjes hè, barista’s), die voor iedereen koffies maken met opgeschuimde dennenboompjes. Een zwerm die vecht om stopcontacten en de grootstedelijke horeca dusdanig overspoelt dat het lastig voor te stellen is dat er überhaupt nog mensen op kantoren zitten. Of zoals een kennis zuchtte: ‘Laptops zijn de Crocs van 2011.’

Vorige week moest ik me bij een vestiging van The Coffee Company tussen zeker twintig laptoppers wurmen, die in rijen tegenover elkaar Nieuw zaten te werken. Als Fritz Lang nu Metropolis zou maken, zouden dit zijn werkers zijn: monotoon tikkend, blikken strak op het beeldscherm gericht, grote koptelefoondoppen op de oren. Ik wist een plekje te bemachtigen met een tijdschriftenrek in mijn rug en dook weer in mijn verhaal, tot het meisje naast me begon te Skypen (‘HOEZO! DAT HEB IK JE TOCH GEFACEBOOKT!’). De designende buren aan mijn andere zijde maakten plaats voor twee ZZP’ers, die op penetrerend volume een PowerPoint-presentatie in elkaar zetten over the wisdom of the crowds, zich ondertussen steeds verder mijn intieme zone in muizend. ‘Ga even ergens anders zitten ZZP’en!’ wilde ik brullen, ‘ik zat hier eerst!’ Maar in plaats daarvan haalde ik glimlachend mijn latte machiato met opgeschuimd portret van Jezus Christus bij zijn ellenboog vandaan. Het is een ziekte, dat aardig willen zijn.

Het gerucht gaat dat de eerste trendwatchers gesignaleerd hebben dat de creatieve voorhoede zich weer richting kantoren beweegt, met vaste plekken en koffie uit plastic bekertjes. Hoe ik mij daarin als individu staande ga weten te houden, weet ik overigens nog niet.   

]]>
<![CDATA[Fruitvliegjes]]>

In de tijd dat mijn laptop nog het gewicht van een gezonde peuter had, was ik al fervent wildtikker. De blikken van anderen waren een goede stimulans om eens uit de pyjama te komen en stiekem vond ik dat ik behoorlijk cool een individu zat te zijn in mijn lokale namaak-Starbucks, terwijl iedereen die ik kende op kantoren vastgesnoerd zat aan desktopcomputers met dikke konten.

De afgelopen maanden blijk ik hiermee echter geen onderdeel te zijn van een trend, maar van een fruitvliegjeskolonie, die zich schrikbarend snel vermenigvuldigt. Een zwerm van ZZP’ers en andersoortige nieuwe werkers met daarachteraan barista’s (nooit barmeisjes hè, barista’s), die voor iedereen koffies maken met opgeschuimde dennenboompjes. Een zwerm die vecht om stopcontacten en de grootstedelijke horeca dusdanig overspoelt dat het lastig voor te stellen is dat er überhaupt nog mensen op kantoren zitten. Of zoals een kennis zuchtte: ‘Laptops zijn de Crocs van 2011.’

Vorige week moest ik me bij een vestiging van The Coffee Company tussen zeker twintig laptoppers wurmen, die in rijen tegenover elkaar Nieuw zaten te werken. Als Fritz Lang nu Metropolis zou maken, zouden dit zijn werkers zijn: monotoon tikkend, blikken strak op het beeldscherm gericht, grote koptelefoondoppen op de oren. Ik wist een plekje te bemachtigen met een tijdschriftenrek in mijn rug en dook weer in mijn verhaal, tot het meisje naast me begon te Skypen (‘HOEZO! DAT HEB IK JE TOCH GEFACEBOOKT!’). De designende buren aan mijn andere zijde maakten plaats voor twee ZZP’ers, die op penetrerend volume een PowerPoint-presentatie in elkaar zetten over the wisdom of the crowds, zich ondertussen steeds verder mijn intieme zone in muizend. ‘Ga even ergens anders zitten ZZP’en!’ wilde ik brullen, ‘ik zat hier eerst!’ Maar in plaats daarvan haalde ik glimlachend mijn latte machiato met opgeschuimd portret van Jezus Christus bij zijn ellenboog vandaan. Het is een ziekte, dataardig willen zijn.

Het gerucht gaat dat de eerste trendwatchers gesignaleerd hebben dat de creatieve voorhoede zich weer richting kantoren beweegt, met vaste plekken en koffie uit plastic bekertjes. Hoe ik mij daarin als individu staande ga weten te houden, weet ik overigens nog niet.   

]]>
<![CDATA[Walvissen]]>

O ja: mijn column uit De Volkskrant van afgelopen woensdag. 

 Ik kan me vreselijke zorgen maken om mensen die ik nooit zal ontmoeten. George Michael bijvoorbeeld, net verlaten door een verkering die niet meer tegen zijn geblow kon, waardoor George natuurlijk alleen nog maar verder wegzakt in de poel des verderfs. Of Jan-Peter Balkenende, die nu bij een consultancykantoor PowerPoints maakt, in plaats van de wereld te redden als een heuse Djeep de Hoep Skeffer. (Om Charlie Sheen maak ik me overigens niet zo druk; die weet me voor een gek net iets te goed waar hij mee bezig is. Maar dat terzijde.)

Nou kan ik weinig aan die zorgen doen: het is allemaal wetenschappelijk verklaarbaar. Het brein heeft een kaartenbakje voor gezichten die je vaak ziet, in het echt of via welk medium dan ook. En bij het waarnemen van iemand uit dat bakje zendt het automatisch empatische signalen uit, zodat je die emoties niet meer aan hoeft te zetten. Service van de zaak, zeg maar. Gevolg daarvan is dat ik me meer zorgen maak om Ferry Mingelen (staat hij nou al weer op dat plein? Moet hij niet eens naar huis?) dan om mijn tweede buurman van links.

Uit de media is bij mij ook niet uit het hart. Ik ben bijvoorbeeld nog steeds druk met de relatieproblemen van Martijn Krabbé. Even kort: Martijn was met Amanda, maar er pakten zich wel erg donkere wolken samen boven hun huwelijk, om maar eens met RTL Boulevard te spreken. Dat Martijn een paar maanden geleden in een ander huis ging wonen, betekende echter niet dat ze gingen scheiden. Ze gingen zichzelf terugvinden, wat voor Martijn betekende dat hij zich stortte op de v-hals en voor Amanda dat ze walvissen ging redden bij Tasmanië. Toen het daarna stil werd, begonnen mijn zorgen pas echt warm te draaien. Want keten je je boot dan vast aan een walvis? En was dat mannendecolleté echt een goed idee?

Zo toetste ik laatst, meegesleept door de vraag hoe het nou zometeen verder moet na het walvissenintermezzo, drie keer de verkeerde pincode in. Ik vond dat vrij inefficiënt van mijn brein, maar ook dat is vast wetenschappelijk verklaarbaar.

]]>
<![CDATA[Chinezen]]>

Op het toetsenbord van mijn MacBook zaten vlekken op plaatsen waar naar verluid ooit de letters N, E en A hadden gezeten. Bovendien klonk hij als een hitsige Darth Vader, wat vreemde blikken opleverde in de cafés met ingewikkelde koffies waar ik me als freelancer ophoud. Kortom: het was tijd voor een nieuwe.

Licht kwijlend ging ik daarom naar apple.com, om me te verlekkeren aan de nieuwe MacBook Air. De muis zo gevoelig dat je hem niet bedient, maar teder streelt, de lijnen vloeiend en volgens de legende zo scherp dat je er een komkommer mee kunt snijden. En je weet maar nooit wanneer dat van pas komt.

Nou vind ik mezelf bij vlagen best een bewuste consument. Zielige kippen kunnen rekenen op mijn steun en mijn groenten komen met wormen en al uit de Noord-Hollandse modder. Maar voor alles waar een appel opstaat, ben ik weerloos. Verhalen over slechte ontvangst of op hol slaande software wuif ik weg met steekhoudende argumenten als ‘Jaaa maar, Apple’, waarna ik me weer over mijn pad, pod of book buig. Serieus, als Apple brood zou verkopen, zou ik niets anders meer eten.

Toen ik laatst een reportage zag over Chinezen met vergiftigde ledematen dankzij het oppoetsen van Apple-logo’s, dacht mijn brein voor ik er erg in had vergoelijkende dingen als ‘dat hebben ze vast al lang opgelost’ en ‘die andere arm doet het toch nog?’. Maar heel goed werkte het niet. Zeker niet toen Apple zich hulde in geheimzinnigheid en pas na lang stommetje spelen iets mompelde over verbetering en sorry. 

Tijdens het kwijlen was mijn hoofd dan ook niet helemaal Chinezenvrij. Punt was alleen dat ik hier niet te maken had met een apparaat, maar met een lustobject, dat me suste met verhalen over hoe energiezuinig ze was en hoe weinig giftige stoffen er eigenlijk gebruikt waren. En ondertussen stond ze daar maar obsceen te glanzen met haar ronde vormen en haar soepele toetsen en haar multi-touch trackpad.

Ik veegde mijn mond af met een tissue van recycled papier. En toen ik op 'bestel' klikte, wist ik zeker dat van deze MacBook geen Chinees ziek geworden was.

]]>
<![CDATA[Een fascinerende ontdekkingsreis naar jezelf, of zoiets]]>

Geestelijke steun komt soms uit verrassende hoeken. Zo gaat het vak van modestylist al lang niet meer over kleding. Vroeger, ja, vroeger ging het om de vraag welke broek het beste paste bij een appel- of een peerfiguur en wat de kleurenwaaier over je te vertellen had. Maar sinds Dyanne Beekman tot ons kwam om iedereen in een skinny jeans te praten, speelt de modestylist een sturende, bijna spirituele rol in onze samenleving, bedacht ik mij laatst.

Dat er zelden iemand beter uit gaat zien van al dat gemetamorfoos is bijzaak. Want het gaat uiteindelijk dus helemaal niet om de buitenkant, he. Je outside draagt namelijk bij aan een happy inside en zo kan kleding het begin zijn van een fascinerende ontdekkingsreis naar jezelf, of naar de diepere emotionele laag van je huwelijk. Of zoiets. Trinny en Susannah knijpen bijvoorbeeld onder het motto ‘een betere wereld begint bij een goede bh’ met meewarige blik toevallig passerende vrouwen in hun borsten, om ze daarna met een herontdekte boezem en persoonlijkheid de catwalk op te sturen.

Nieuw hoogtepunt in deze geestelijke bijstand is Bastiaan van Schaik, überstylist en coach bij een modellenprogrammma waar de presentatrice iedere week weer een foto tekort komt. En ook Bastiaan is de beroerdste niet. Het Nederlandse weer maakt het nogal een uitdaging om jezelf te expressen met fashion, zag Bastiaan. Daarom presenteert hij sinds enkele weken het Modeweer op glamour.nl. Ochtend na ochtend vuurt hij weerzekere tips op ons af over high-top sneakers, sletto’s (stiletto’s, bleken dat te zijn), bow-ties en de terugkeer van de Lady Di-look, zo snel dat het mantra’s lijken. En hoewel hij er vast goed voor betaald wordt, weet ik zeker dat hij het goed bedoelt. Ik zie dat hij wil dat die verwassen roze broek mij op ontdekkingsreis naar mezelf stuurt. En ik zie dat hij met de colour blocking-trend licht wil brengen in deze donkere dagen. En het feit dat zijn inzichten niet altijd te bevatten zijn, maakt ze alleen maar poëtischer. Zeg het maar eens zachtjes voor jezelf op. Sletto’s. Colour blocking. Bow-tie. High-top sneakers. Lady Di.

In afwachting van een bundeling van Bastiaans wijsheden ga ik daarom nu even meditatief colour blocken. Of nee, dat is natuurlijk zo vorige week.

]]>
<![CDATA[Een verslag uit Nepland, 30-1-2011]]>Wij zijn in Nepland. Nepland is een zorgvuldig geconstrueerde idylle, een enclave in een land dat een man uit zijn positie probeert te werpen die zegt: tuttut jongens, niet zo'n lawaai, weet je wat: ik zal het hier nóg wat democratischer maken.

In Nepland is geen revolutie. Nepland is namelijk een parallel universum, waar het azuurblauwe water stroomt door met explosieven gecreeerde lagunes, waar het fruit overvloedig is en de strandbedjes zacht, waar koks kokmutsen dragen en de obers en de badmeesters en de vegers en de sproeieraars nooit naar huis gaan, omdat ze niet ergens tien kilometer verderop een gezin moeten voeden met bloedjes van kinderen meer van dat soort echte dingen. In Nepland lacht iedereen en is het een uur later, zodat we nog langer van de zon kunnen genieten.

Een paar honderd kilometer verderop rijden tanks en waterkanonnen. De tv in Nepland gaf aanvankelijk alleen maar Looney Tunes weer, maar na een nieuw batterijtje in de afstandsbediening zagen we mensen op de straten van Cairo, honderden, nee, duizenden, rustig op de straten. Tanks, mensen op tanks, barricades die weggedragen worden, een militair die met de protestanten meeloopt. Nette dames in loafers vragen zenuwachtig of wij zenuwachtig zijn. Nee, ik ben niet zenuwachtig. Ik hoop dat Mubarak dat is.

 Ondertussen in Nepland graaft zoon een gracht rond zijn zandkasteel en kan de baby bijna rollen.

]]>
<![CDATA[Een geheel gratis en vrijblijvend advies voor iedereen die de geboortekaartjes nog moet drukken (op rijm)]]> 

Bickel, Raaf en Tuna
Bliss en Charity.
Ridder en Luela
Boks en Destiny.

Beer en Storm en Skipper
Splinter, Spijker, Flo
Rebel, Jazz en Tripper
Zomer, Mus, Merlot.

Apart, uniek, bijzonder
zoals zij is er niet één.
En bovendien een wonder
dat zie je toch meteen?

Een wonder dat straks dertig is
en enigszins van slag.
Want steeds als hij zich voorstelt
schiet iemand in de lach.

Want tja, een Storm als weerman
en Spijker in de bouw
en Beer en Vos in Artis
Merlot als barjufvrouw.

Dus Wolf wordt vegetariër
en Ridder pacifist.
En Vrede slijt haar dagen
als Moslimextremist.

En Skipper wordt zwaarmoedig
en Jazz raakt aan de coke.
En Hope krijgt lichte zeden
en Virgin Angel ook.

En Mus spuit heroïne
en Sunshine zwerft op straat.
En Hunk, die draagt graag jurken,
bij voorkeur ’s avonds laat.

Dus krijgt u ook een wonder
en heeft u een idee
bedenkt u zich dan nog eens.
Hij moet er even mee.

]]>
<![CDATA[Morgen]]>lees ik voor in het Leescafé in het Kulturhus te Raalte. In twee uur zal ik door het Moderne Leven razen, met boekfragmenten, columns en ander gezelligs. Aanvang 20.00 uur.

Lees een stukje in De Stentor en een interview in Salland Centraal.

]]>
<![CDATA[Column voor Runners' World: bekentenissen van een koptelefoonloper]]>

Maandelijks schrijf ik over mijn verwoede pogingen om een serieus te nemen hardloper te worden.

In het zich in normaal tempo voortbewegende leven vind ik - zonder enige bescheidenheid - dat ik een vrij geweldige muzieksmaak heb. Vroeger, toen ik het relativeren nog maar matig beheerste en het bezitten van een Bon Jovi-cd als een misdaad zag, ging ik daar zelfs prat op. Dat is heel leuk tijdens het werk, in de auto en om indruk te maken op de gelijkgestemde medemensch, maar tijdens het lopen heb ik daar helemaal niks aan.

Tijdens mijn eerste hardlooppogingen gebruikte ik de Trainer Lite-app op mijn iPhone. Voordeel daarvan was dat de blikken stem van de aanwijzingenmevrouw dusdanig streng was dat ik - gezagsgetrouw als ik ben- haar instructies braaf opvolgde (run-for-five-minutes, come on, chop chop), maar nadeel was dat je er geen muziek bij kon draaien en ik overgeleverd was aan het geluid van mijn voetstappen en het kraken van mijn hersenen. En alleen met mijn gedachten, dat werkt voor mij dus niet. Dan tollen mijn gedachten van de Midden-Oostenproblematiek naar de relatieproblemen van Martijn Krabbé en bedenk ik opeens een essentiële wending voor mijn boek en heb ik natuurlijk geen notitieboekje bij me, waardoor ik het zo krampachtig probeer te onthouden dat ik het vergeet en baal ik daar de rest van de route van.

Een muziekje erbij, dus. Vorige maand vertelde ik al over mijn voorliefde voor kerstliedjes, maar dat is natuurlijk niet eeuwig vol te houden. En het gangbare recept van melancholische gitaarbandjes, neo-americana-meneren en zwampende jaren ’70-soul doet niks voor je benen, merkte ik proefondervindelijk. Sterker, het doet de benen doodslaan als een biertje in een vet glas. Het complete oeuvre van Britney Spears wordt door mijn gestel echter uitstekend ontvangen. En het werk van Michael Jackson in de laatste stadia van zijn neus. En een selectie uit het werk van de heren Stock, Aitken & Waterman, bij voorkeur met Rick Astley erin. En - ik durf het bijna niet te zeggen - the Backstreet Boys. De soundtrack van mijn voeten. Wat zegt die over mij? Dat ik het blijkbaar het gevoel moet hebben dat ik in een komische hardloopfilm zit, met spitsvondige dialogen over de aërodynamica van veters en voorbijgangers die spontaan in Glee-achtig gedans uitbarsten. Rondje Havengebied, the musical.

Alleen met mijn gedachten, die gedachten laten wegebben in het niets en dan met een leeg hoofd thuis komen, als een zenboeddhist met conditie. Ik zou het zo graag willen. 

]]>
<![CDATA[Hoera! Je persoonlijke jaarhoroscoop]]>Deze Grote Jaarhoroscoop zoog ik vorig jaar uit mijn duim, maar hij geldt ongetwijfeld ook voor 2011. Lees hem en doe er je voordeel mee. Ja, ik ben ook van alle markten thuis, he.

]]>
<![CDATA[De Kerstboom Hulpdienst: voor al uw kado- en gedichtenstress]]>Stel. Je viert 4 of 5 of 6 24 of 25 of 26 december Sinterklaas Kerst en je hebt geen idee wat je moet kopen om onder de kerstboom te leggen. Of geen tijd. Of je schiet nu in een staat van totale stress, omdat je het vergeten bent.

Geen paniek! Want hier is: de Sinterklaas Kerstboom Hulpdienst. De Sinterklaas Kerstboom Hulpdienst heeft namelijk een aantal buitengewoon leuke kado’s voor je:

  1. 15 Minuten. Een roman over roem, reclame en rock ’n roll, voor slechts € 10,-. Voor een best wel leuke vriend, zeg maar.
  2. Bakfietsblues. Een geestig verhaal over het verzet van een dertiger tegen volwassenheid, voor € 17,50. Het goede-vriend-budget. 
  3. Een leuk combinatiepakket, met 15 Minuten en Bakfietsblues. Voor een héle goede vriend.

Het wordt ingepakt in een vrolijk sinterklaaskerstpapiertje en de verzendkosten zijn een rondje van de Sinterklaas Kerstboom Hulpdienst. Zijn dat toffe jongens of zijn dat toffe jongens.

Kortom: dit is precies wat je nodig had! De Sinterklaas Kerstboom Hulpdienst zit dag en nacht voor je klaar. Zet ze aan het werk met het volgende, speciaal ontwikkelde stappenplan: 

  1. Stuur een mailtje naar mail@maaikeschutten.nl met je bestelkeuze: a, b of c.
  2. Maak €10, €17,50 of €27,50 over naar 142957992 t.n.v MKV Schutten.
  3. Zetel je vol verwachting bij je brievenbus.

Met de hartelijke groeten van de Sinterklaas Kerstboom Hulpdienst!

]]>
<![CDATA[Londen, vrijdagochtend]]>Ik zit in de vensterbank en kijk hoe Londen naar zijn werk gaat. Gisteren liepen de meisjes nog met blote benen door de winterse kou, maar nu zijn het zwarte panty's, meeneemkoffies, aktetassen en schooluniformen. Mijn reisgenote is nog in diepe slaap, thuis zijn mijn kinderen al lang wakker. Ik wilde uitslapen, maar het lukte niet. Flesjes melk en bakjes cruesli en dinosaurussenpyjama's gaan in je systeem zitten. Onder me rijdt een dubbeldekker langs, een Mini Cooper, een Engelse taxi-taxi. De oversteekplaats schreeuwt LOOK LEFT. Ik denk aan het straalbezopen meisje gisteren in de pub, dat niet meer op haar benen kon staan. Ze droeg een jasje van nepbont, net als alle meisjes hier en had ongetwijfeld ook blote voeten in sandaaltjes. Voor haar stond een pintglas, met nog een bodempje erin. Aan beide kanten werd ze ondersteund door een vriend die haar bemoedigend toesprak. Ze zuchtte en liet haar hoofd zakken, haar haar viel voor haar gezicht. Dat moet iemand zo wel even naar achteren houden, dacht ik. Opstaan van haar bankje duurde een minuut of twee en daarna begon de tocht naar buiten, zwalkend en zwaaiend, maar verrassend genoeg zonder te kotsen. Niemand in de pub keek op.

Dubbeldekkers. Schooluniformen. Straalbezopen meisjes die niet meer op hun benen kunnen staan. Ik ben in Londen.

]]>
<![CDATA[Dinsdag Fragmentjesdag: een stukje stylinggebeuren]]>Wel drommels! Het is gewoon Dinsdag Fragmentjesdag. Daarom vandaag een stukje uit mijn debuut uit 2007, dat onlangs verpocket werd. Een naproefje zou ik zeggen als ik geen voorzitter was van de Anti Woordgrapjes Vereniging. Enfin. Veel plezier, hoop ik.  

‘Leuke kleren,’ wijs ik naar het rek.
‘Ja, gewéldig, hè!’ zegt Julia. ‘Dylan en ik zijn een beetje aan het experimenteren geweest met zijn look, maar ik denk dat noncho-chic helemaal Dylans ding is, hè, Dylan?’
Dylan knikt tevreden.
‘Ik neem iedere twee weken een nieuw rekje mee, want we kunnen natuurlijk niet hebben dat Dylan te vaak in hetzelfde setje wordt gefotografeerd, hè?’
Dylan blijft knikken.
‘Waar waren we. O ja, ik heb een paar ge-wél-dige stukken voor je meegenomen uit Kopenhagen. Daar lopen ze toch een beetje voor, hè. Kopenhagen is dé modestad van Europa. Strak, sober, stylish. Fantastisch. Maar goed, design kun je leuk combineren met vintagestukken, zoals deze.’
Ze wijst naar het spijkerjasje.
‘Is een originele Levi’s, meer dan twintig jaar oud. Ik ben gék op het mixen van design en vintage. Dat maakt de outfit zoveel authentieker. Veel meer een persoonlijke expressie dan gewoon wat kleren bij elkaar, begrijp je? Kijk, ik heb hier een heel leuk broekje van Gucci, die je mooi kunt combineren met dit Hema-bloesje. Hema is zó’n mooi merk. In eerste instantie denk je: gewoontjes. Truttig misschien, zelfs. Maar als je goed kijkt is het topdesign van Hollandse bodem. En Hollands design is hotter dan hot!’
Dylan pakt het broekje en het bloesje aan en knikt nog maar eens.
‘Oh, en ik heb ook een paar héle leuke vintage t-shirtjes voor je gevonden. Kijk deze nou, met Mickey Mouse. Onwijze humor, vind je niet?’
Ze legt het t-shirt boven op het bloesje en het broekje.
‘En wat vind je van deze?’
Ze legt een shirt met een uitgestoken Rolling Stones-tong op de stapel, waarvan Dylan erg blij gaat kijken.
‘Hélemaal toen en nu tegelijkertijd. Leuk met die jeans, maar ook met het Gucci-broekje. Sneakertje erbij en klaar. Oh, en voor ik het vergeet: de Fendi Croquette, dé mannentas van nu!’
Dylan kijkt een stuk minder blij.
‘Luister, schat, ik weet dat je er een beetje aan moet wennen, maar tassen zijn hélemaal oké voor mannen. Trust me! Mannen hebben er genoeg van om alles mee te slepen in hun broekzakken en gaan massaal voor de tas. En er is een enorme wachtlijst voor deze, en jíj bent de eerste die ermee gezien wordt!’
Ze zet de tas boven op de stapel in Dylans armen en slaakt een tevreden zucht.
‘Oh, ik hou echt van mijn vak. Weet je, als ik naar mensen kijk, zie ik geen kledingstukken, maar innerlijke kracht. En die kracht, dat zelfbeeld, wil ik visualiseren met fashion. Zodat je buitenkant een weerspiegeling is van je ziel, begrijp je? Kleding is een belangrijke reflectie van wie je bent. Tegen Dylan zeg ik ook altijd: volg je gevoel en blijf dicht bij jezelf staan. Dat zegt zóveel meer dan een verzameling labels.’

]]>
<![CDATA[Rodzjer van Wansbeeks 15 minuten in Adformatie]]>Rodzjers desgevraagde commentaar: 'Als firm believer in de Brand Soul ben ik blij dat mijn lijfblad hier aandacht besteedt. Want ik zeg altijd maar zo: keep the brand soul alive.'


]]>
<![CDATA[Een grote bek, een klein hartje en rare schoenen]]>Sommige personages zijn je extra dierbaar. Die blijven door ouwehoeren in je hoofd en geven zo nu en dan opeens commentaar terwijl je naar het nieuws kijkt, of bieden je een biertje aan in de kroeg. Zo ook Rodzjer van Wansbeek. Rodzjer is reclamemastodont en creatief directeur van VOGH/JJGP, het reclamebureau waar een groot deel van mijn debuut 15 Minuten zich afspeelt. Toekomstig ex-roker, sportmijder en sportieve rijder. Een man met een grote bek, een klein hartje, rare schoenen en verdomd weinig relativeringsvermogen. Die zich, nu hij de veertig heeft bereikt, schuldig voelt over zijn hedonistische jaren van drank, snelheidsovertredingen en dansen naar commerciële pijpen en zich als Brand Idealist stort op wereldvrede en het welzijn van de Galápagosschildpad.

Als through-the-box denker zag Rodzjer natuurlijk meteen dat social media het nieuwe zwart zijn en Facebookte hij zich, met zijn Facebookende reclamevrienden, de blubber over zijn holistische visie op het vak (uiteraard gepaard met de nodige verbale diarree), de CO2-balansdagen van zijn Cherokee en natuurlijk de Galápagosschildpad. Daarnaast deelde hij ook graag elders zijn mening en drukte reclamevakblad Adformatie zelfs zijn visie af over het tijdperk van through-the-box-denken ('the soul is the message') af.

  

Rodzj is nog steeds enthousiast aan het Facebooken, dus word gerust vriend. Want hoe meer vrienden, hoe meer vrienden, zegt Rodzjer altijd maar. En als u graag zijn visie hoort over de toekomst van communicatie, het reclamelandschap als zodanig of holistisch merkdenken: stuur gerust een mailtje. 

]]>
<![CDATA[Plakband]]>De tijd die nodig is om de leugen op te tuigen. Eerst uitleggen dat er een oude man is uit Spanje (dat is een land. Wat een land is? Nou...) die cadeautjes uitdeelt. Ja, aan iedereen. Hij draagt een rode puntpet die een mijter heet en een rode jurk (nee joh, heb je die show van Jean-Paul Gaultier gezien?) en hij rijdt op een paard. Ja, een vrachtwagen zou handiger zijn, maar de man houdt van tradities. Dan de zwarte pieten. Die klimmen op het dak (nee, eigenlijk mag dat niet), om cadeautjes door de schoorsteen te gooien. Waar onze schoorsteen zit? O ja, ze kunnen ook door de verwarming. De pieten zijn de hulpjes van Sinterklaas. Ze krijgen er niet voor betaald en ze wonen verplicht in bij Sinterklaas, dus technisch gezien zou je dat slavernij kunnen noemen, ja. En de roe? Daar slaan ze stoute kinderen mee. Niet zo hard, hoor. Of nou ja, dat denk ik.

Leugens hoeven niet logisch te zijn. Als de belofte je maar hard genoeg doet willen geloven. Ik was de trouwste vazal van de Sint. Dat hij niet waar was, was geen optie.

Plakband? Ach, hebben we niet allemaal wel eens plakband op ons gezicht.

Schmink? Ho ho, niet zo racistisch.

Telefoonboek? Ja, moet die man dan uit zijn hoofd weten waar iedereen woont?

Op een dinsdagavond nam mijn moeder me apart en wijdde me in in de onvermijdelijke waarheid. Van de pannetjes water voor het paard zetten ze thee, mijn vader at de appels op en was het niet opvallend hoe vaak ze eind november hutspot maakte? De kachel brandde en alle puzzelstukjes vielen op hun plek, hoe hard ik ook geprobeerd had ze bij elkaar weg te houden.  

‘En straks vertellen jullie me nog dat God ook niet bestaat!’ riep ik en staarde naar de vlammen, waarlangs de zwarte pieten dus niet als vuurvaste slangmensen de huiskamer in gewurmd hadden.

Een paar jaar later ontdekte ik dat ik het daar bij het juiste eind had.

]]>
<![CDATA[Donderdag van 9 tot 24 uur: e-book van 15 minuten voor helemaal NIKS!]]>Jeej! Mijn debuut uit 2007 is verpocket. 15 MINUTEN is 'een liefdesverhaal en een vrolijke satire op de oh zo hippe wereld van de young & fabulous ineen,' zei Sp!ts - en wie ben ik om ze tegen te spreken.

Vanaf vrijdag ligt -ie in de winkels, voor de woest verleidelijke meeneemprijs van maar tientje. En vanaf donderdag is hij te downloaden als e-book. Zonder DRM, dus zonder gedoe. Zodat je hem ook kunt lezen op je iPad. En ja, we zijn helemaal gek geworden, want de eerste 15 uur download je hem helemaal voor niks. Voor niks! Van 09.00 tot middernacht. En daarna betaal je 15 dagen lang € 2,50. Dus aanstaande donderdag allemaal naar ebook.nl. En zegt het trouwens gerust voort!

 

Alex werkt bij reclamebureau VOGH/JJGP en dartelt rond in het circuit van borrels, bars en belangrijke mensen. Haar klant is de BPW Bank en hun nieuwe campagne de grootste waaraan ze ooit heeft gewerkt. Wat volgt is een shoot op de Galápagoseilanden, een besluiteloze klant en een creatief directeur met wroeging over zijn hedonistische levensstijl. Bovendien is er de wel héél aantrekkelijke ambassadeur van de BPW Bank: rockster Dylan Winter...

'Een satirische schop tegen de celebcultuur. (...) Een vlot geschreven relaas over de ijdelheid van roem, dat je vanaf de eerste letter met een glimlach op je gezicht leest.' - ELLE

'Schutten schrijft grappig. Haar humor ligt vooral in de beschrijving van Alexis' reclamewereldje, dat bevolkt wordt door de meest vreselijke figuren met namen als J.P., Rodzjer en Yljaaa, mannen die gesprekken onderbreken om 'even een brainwave te noteren'. - De Groene Amsterdammer

Wil jij 15 minuten gesigneerd bestellen? Dat kan. Stuur me een mailtje met je adres en eventueel een Toon Hermans-gedicht of andersoortige levenswijsheid die je er in wilt hebben en maak € 12,50 (€ 2,50 verzendkosten) over op 105472379 t.n.v. Maaike Schutten te Amsterdam. Dan zorg ik ervoor dat het boek zo snel mogelijk bij jou thuis op de deurmat ligt, in een mooie bubbeltjesenvelop en alles.

]]>
<![CDATA[Column voor Runners's World: Maaike Leert Lopen (deel 7)]]>Deze maand in Runners' World: uw columnette over waarom Sex and the City 1 heus een heel leerzame film is. (Voor de oplettende lezer: hij stamt inderdaad van even geleden.)  

Vorige maand vertelde ik dat ik een schop onder mijn mentale kont nodig had. Ik moest mijn grenzen verleggen, niet zo gemakzuchtig steeds hetzelfde rondje lopen, in steeds hetzelfde tempo. Tijd om door te schakelen naar de gevorderdenstand, hop, hop.

Nou was er een omstandigheid die wat roet in het eten gooide. Aanvankelijk maar een klein beetje: er was eerst niets te zien en daarna viel het lang reuze mee. Ik probeerde dus nieuwe samenwerkingsverbanden met mijn iPhone-coach (run - for - four - minutes. Walk - for - one - minute. Oh well, skip if you like.), liep andere routes en als ik niet in de stemming was, deed ik mijn vaste rondje andersom. Ik begon zelfs te denken aan lopen in termen van kilometers, zoals ‘vijf’, of zelfs ‘tien’. Het begon bijna ergens op te lijken.

Maar op een gegeven moment werd ik toch wel heel zwanger. En was ik officieel Zwangere Loper.
‘Kan dat wel?’ vroeg mijn moeder.
‘Kan dat wel?’ vroeg mijn  zus.
‘Kan dat wel?’ vroeg de rest van de wereld.

Toen ik jahaa zei en dat ik dat geleerd had van de Sex and the City-film, werd ik hartelijk uitgelachen, maar de eerste film bevat weldegelijk een educatief hardloopelement. Charlotte is, naast het dragen van haarbanden, nogal dol op het rennen door Central Park. (Voor de heren: Charlotte is die met dat donkere haar en - ach, laten we elkaar niet voor de gek houden. Iedere man heeft de serie minstens meegekeken en ik ken meer mannen met de dvd-verzamelschoenendoos dan vrouwen. Maar dat terzijde.) Als ze echter zwanger raakt, is ze doodsbang dat ze daarmee de foetus losrammelt, of zoiets. Maar wanneer haar dokter zegt dat het juist goed is, loopt ze nog lang en gelukkig.

Research wees uit dat dit inzicht uit de Sex and the City-school ondersteund wordt door artsen en andere betrouwbare types. Wat de film echter naliet te vertellen, is hoe lang Charlotte het volhoudt. Langzaam maar zeker wordt mijn longcapaciteit kleiner en heel zeker loop ik steeds langzamer. De betrouwbare types adviseren een nog slomer tempo, powerwalken of -- nee, nee! -- aquajoggen. De gevorderdenstand, inderdaad. Mijn mentale kont had best baat bij die schop, maar mijn buik begint danig in de weg te zitten. Er zit niks anders op dan mij in slowmotion verder te bewegen en blij zijn als ik mijn routinerondje binnen het uur uitloop. En dan straks weer helemaal overnieuw beginnen. Hop, hop.

]]>
<![CDATA[Een verhaal over de keiharde wereld van de beenmodellenindustrie. Jawel.]]>Deze week bij de Cosmo en de Viva: een reuze leuk boekje met drie verhalen die iets met panty's te maken hebben, waaronder eentje van mij. Dus razendsnel naarrr de winkels, dames.

Een fragment: 

'Ken je die videoclip met die benen in dat groene rokje die over al die verschillende straten lopen? Die zijn van mij. Ik liep uren op een loopband in een studio en een handige jongen kluste daar Amersfoort, Gent, Frankfurt, Rome en Rio de Janeiro omheen. En een foto van mijn enkels tot onderrug met op de achtergrond een tropisch strand (daar was ik gelukkig wel echt - één van mijn drie buitenlandse shoots verder dan België) was een bescheiden hit in een stockfotodatabase. Over de hele wereld is hij gebruikt. In China voor een anticellulitiscreme, in Duitsland voor een zonnebrandspray, in Zweden voor volkorencrackers, in Buthan voor condooms en we zijn er nooit achter gekomen wat het Japanse smeersel precies is waarvan hij op de verpakking staat.'

 

 

]]>
<![CDATA[Column voor Runners's World: Maaike Leert Lopen (deel 5)]]>Deze maand in Runners' World: over stretchgene. 

Aanvankelijk vond ik het wel wat hebben. Het idee dat je spieren aangedraaid zijn, zover dat je je benen niet helemaal meer kunt strekken. Tot de ontdekking komen dat ze zitten op plekken waar je ze nooit had vermoed: in je hak, bijvoorbeeld, of je oren. Strakke spieren geven de illusie van strakheid, doen vet veranderen tot een detail ergens in je achterhoofd. Fijn extraatje is het gevoel dat je hard gewerkt hebt. Geleden hebben en daarna nog een beetje nalijden.

Maar als je midden in de nacht wakker wordt en omdraaien niet meer goed lukt, is het toch niet meer zo heel leuk. Dat lopen gaat best aardig, vind ik zelf. Ik bedoel, als ik van een afstandje naar mezelf kijk (een combinatie van een hopelijk realistisch voorstellingsvermogen en the occasional spiegelende ruit) ben ik nauwelijks meer te onderscheiden van de veteranen uit de buurt, zeker sinds ik normale renkleren draag. Maar dat stretchen, dat stretchen.

Probleem is namelijk dat ik een stretchdrempel heb. Ik ben bang dat ik het helemaal verkeerd doe - en dan net zo overdreven als de Aanstellerige Stretchter die vaak bij de brug bezig is met een combinatie van ballet, pilates en performance art. Daarbij trekt ze een ooh-let-maar-niet-op-mij-ik-sta-gewoon-te-stretchen-hoor-gezicht en doet alsof ze niet ziet hoe voorbijgangers kijken hoe haar billen strakbollen in haar broek. Of hoe haar borsten tegengehouden worden door haar rentop.

Maar als de nood aan de vrouw komt, is er gelukkig altijd nog het internet. Instructies heb ik nodig, het liefst met plaatjes. Of filmpjes, want daar blijkt YouTube vol mee te staan (zoek eens op ‘Gerard Meijer’ en ‘Intersport’, de tv-belofte voor de toekomst, ik zeg het je. Oh, en Katrina van diet.com). Als ik alleen thuis ben, doe ik de tips na naast mijn bureau. En nog een keer. Bij de derde keer voel ik me al minder belachelijk en bij de vierde keer geneer ik me bijna niet meer om met een geconcentreerd gezicht te ademen, want goed ademen is belangrijk, dat zegt iedere site.

Tijdens mijn volgende rondje probeer ik een paar oefeningen bij de brug en doe mijn best op een ooh-let-maar-niet-op-mij-ik-sta-gewoon-te-stretchen-hoor-blik. Ik kan niet zien of voorbijgangers kijken naar mijn billen, die straks minder strak voelen, maar dat hopelijk wel ooit worden. Of de situatie in mijn rentop.

]]>
<![CDATA[eind november in de winkels: ]]>

]]>
<![CDATA[Ferry, een feuilleton (deel 1) ]]>Het was weer laat geworden gisteren, maar toch stond hij al op de loopband. Dertig minuten, hellingspercentage 15%. Het was belangrijk om in conditie te blijven, juist nu. Straks nog even naar de hair consultant voor een glansbehandeling en een kleine touch-up (de beste van het Binnenhof, deed ook de spoelingen van Jan-Peter en bij de debatten föhnde hij Mark zo leuk Kennedy-achtig) en hij was er weer klaar voor.

Hij keek naar de rij tv’s boven de loopbanden. Haaienspecial, MTV, RTL Nieuws. Wie ooit bedacht had dat koffiemokken bij truien moesten passen verdiende de doodstraf, vond Ferry. Overdrachtelijk dan, want als groot liefhebber van de parlementaire democratie (de Balkenendenorm gold niet voor verslaggevers, God nee) vond hij natuurlijk niet écht dat de staat kon beslissen over leven en dood. Zelfs niet over dat van Jan de Hoop. Ach, Frits. Hij deed zijn best. En hij werkte er hard voor, dat kon je niet ontkennen. En hij bedoelde het ook niet arrogant, ofzo (daar hield hij niet van - ondanks alle prominenten met wie hij je-de en jij-de was hij nog steeds die aardige jongen met die Hugh Grant-achtige charme, haargewijs dan), maar er is natuurlijk maar één Ferry. Zei je politiek, zei je Ferry, dat was nou eenmaal zo. Maurice had voor de grap een keer gepeild hoe hij zou scoren als hij de Partij van de Ferry zou oprichten en dat was vleiend. Hij kon niet anders zeggen.

Dertig. Klaar. Hij veegde het zweet van zijn voorhoofd en liep naar de kleedkamers. Douchen, een beetje serum in de extensions masseren en dan het ochtendoverleg. De helft van het jaar ging het eigenlijk nergens over, probeerde hij er iedere avond maar weer wat van te maken. Voor de mensen, het Nederlandse volk. Maar weken als deze, dat was waar hij het voor deed. Dissidenten, rel die zich op rel stapelde, een aanstaand premier volledig in de zakken van twee Limburgse Machiavellis en dan ook nog dat congres. IJsberen in gangen en voor deuren, grappen met de cameraman en dan het moment dat het lampje op groen ging. De adrenaline, het besef dat het hele land naar hem keek, al was het dan sinds kort op een Teletubbie-achtig beeldscherm in een ruimteschipdecor. En de stem van dat leuke nieuwe meisje dat zei: ‘Dan gaan we nu over naar Ferry Mingelen in Den Haag. Ben je daar, Ferry?’

]]>
<![CDATA[Consultatiemevrouw]]>Of ik drugs gebruikt had tijdens de zwangerschap, vroeg de consultatiemevrouw.
Alleen maar intraveneus, zei ik.
De consultatiemevrouw keek me wazig aan.
Intraveneus, je weet wel, met een injectienaald, zei ik. Haha.
De consultatiemevrouw boog zich weer over haar vragenlijst.
Of ik alcohol had gebruikt tijdens de zwangerschap.
Gin telt niet, toch, vroeg ik.
De consultatiemevrouw keek fronsend op.
Grapje, zei ik. Haha.
Of ik een gelukkige jeugd had gehad, was de volgende vraag.
Nou, heeft u even, zei ik.
De consultatiemevrouw keek op haar horloge en knikte.
Grapje, zei ik. Haha.
Of ik gevoel voor humor had.

 

]]>
<![CDATA[Kleine Olivia, 12 dagen oud]]>Ze eet en ze slaapt en ze eet en ze slaapt. En daar maakt ze heel tevreden geluiden bij. Soms is ze even wakker en kijkt ze rond met een gezicht dat lijkt te zeggen: het bevalt me wel, hier. Ze heeft natuurlijk de leukste kleine handen en de leukste kleine voeten en oh, laat ik haar neus ook niet vergeten. En natuurlijk zijn we ontzettend blij dat ze er is. Soms zeggen we tegen onszelf dat we nu twee kinderen hebben en dan geloven we onze oren niet. Twee kinderen. Da's gewoon een familie. 

]]>
<![CDATA[Even wat huishoudelijke mededelingen]]>De vermaarde recensiesite 8weekly recenseerde Bakfietsblues en deed dat buitengewoon vriendelijk. 'Schutten werkt haar personages goed uit, en beschrijft ze op een geloofwaardige en innemende manier. Ze brengt humor in het verhaal en tot op het eind weet je niet of Noor zich bij haar nieuwe situatie zal neerleggen of dat ze de hort op zal gaan met haar collega. Ook houdt ze de lezer scherp door verrassende verhaallijntjes over Noors werk en het gezin waar ze vandaan komt. [...] Daarnaast beschikt Schutten over een leuk soort humor: subtiel met een tikje zelfspot. Schrijven kan ze.' Lees hier de hele recensie. 

En aanstaande donderdag begeef ik mij voorlopig voor het laatst in het openbaar, boektechnisch dan, en ben ik de allerzwangerste schrijver ooit alhier:

Op donderdag 26 augustus a.s. is het tijd voor de vierde editie van de nu al bijna legendarische Literanita in De Nieuwe Anita. Een tweemaandelijkse avond met schrijvers en lezers, fictie en non-fictie, poëzie en columns, bier en wijn. Deze avond brengen Remco Daalder, Jan Donkers, Huub van der Lubbe, Maaike Schutten en Maurice Seleky hun ode aan Amsterdam.

We gaan van Noord, via IJburg, naar de Jacob van Lennepkade. We gaan van de betonbunk uit de jaren ’80 naar de hedendaagse jongerencultuur. Kortom: we gaan van Mokum tot Damsko. En misschien ook weer terug.

U bent van harte welkom op donderdag 26 augustus 2010.
De deuren gaan open om 20.00 uur. Aanvang 20.45 uur, geen toegang tijdens de optredens. Entree: 2 euro. Adres: Nieuwe Anita, Frederik Hendrikstraat 111, Amsterdam.

Lees hier meer.

]]>
<![CDATA[Bakfietsblues Zandbakjes-Bushokjes-Etcetera-tour]]>Ra ra, waar is -ie nu? 


]]>
<![CDATA[Bakfietsblues Bushokjestour deel #euh, 3, geloof ik]]>De Bakfietsblues Bushokjestour is vandaag neergestreken in Amsterdam-Zuid, de buurt met de hoogste bakfietsdichtheid van Nederland, heb ik mij laten vertellen. Trammers vanaf de Van Baerlestraat, lees gerust een stukje! En als je 'm tegenkomt, mail, twitter of Facebook even een fotootje.

 

 

]]>
<![CDATA[Bakfietsblues Zandbaktour goes Bushokjes]]>De Bakfietsblues Zandbaktour goes bushokjes! Reizigers met lijn 26 naar IJburg, Amsterdam: lees gerust een stukje. Oh, en als je 'm tegenkomt en een foto van jezelf met het boek twittert naar @sijthoffboeken, sturen zij je misschien wel een exemplaar zonder ketting eraan vast retour.  Een mailtje of twitterbericht naar mij (@MaaikeS) kan natuurlijk ook. Binnenkort ongetwijfeld op meer plekken, dus houd open die ogen!


]]>
<![CDATA[Pssst... het lekkerste zomerboek - en nog onweerstaanbaar herkenbaar, bovendien]]>Hij doet het nog he, de kortingsbon. Tot eind augustus! Dus printen maar en hop naar de boekhandel, zou ik zeggen. Of stuur hem door, da's natuurlijk ook altijd een goed idee.  

 

 

]]>
<![CDATA[Een leuke tip van de Libelle Boekenclub]]>Kijkt u maar. Met korting!

]]>
<![CDATA[Runner's World 3 - Het Weerkanaal (geeft het weer)]]>

Een nieuw oud stukje over mijn beginnershardloopperikelen, geschreven voor Runner's World. Een tijdje geleden geschreven - ik ben nu even te zwanger om nog met meer dan 0,2 kilometer per uur vooruit te komen. Maar daarover ongetwijfeld later meer.

Ik loop dan tegenwoordig wel leuk en al best geroutineerd mijn rondjes door de buurt, maar ik loop er niet al te best bij. Ik draag ofwel een joggingbroek en een t-shirt van Het Weerkanaal (‘geeft het weer’), ofwel een legging en een t-shirt van Het Weerkanaal. De sokken zijn van mijn wederhelft en de schoenen heb ik ooit getest voor een ander blad. Ze zouden door ingenieuze zoolvorming zorgen voor strakke billen, maar dat werkte vooral tussen de oren.

De eerste weken was ik te druk met mijn toetreding tot de buurtlopersgemeenschap om daar bij stil te staan. Ik was al lang blij dat ik een subtiel knikje kon voortbrengen tijdens het passeren, in plaats van het rood aangelopen gepomp met mijn hoofd van daarvoor. Of - nog beter - een blik van verstandhouding kon uitwisselen; zo’n vluchtige, maar bemoedigende. De hardloopequivalent van vrachtwagenchauffeurs die naar elkaar toeteren. Maar toen ook dat weer wende, werd ik me ervan bewust dat de blik van verstandhouding vaak omlaag ging. Naar het t-shirt van Het Weerkanaal (‘geeft het weer’), de joggingbroek en de grijze herensokken met het zwarte streepje langs de bovenkant. Kortom: het was hoog tijd om te renoutfitshoppen.

Ik dacht zelf aan een pak sportsokken, net zo’n aërodynamische zwarte broek als mijn nieuwe renvrienden en een t-shirt zonder slogan van Het Weerkanaal. Eenmaal in de sportwinkel werd echter al snel duidelijk dat het zo makkelijk niet was.

Bij de broeken kon ik kiezen voor warmtevasthoudende materialen of juist voor strategisch geplaatste zoned cooling, die de rise van de core body temperature afremde voor greater performance in hot conditions (handig bij het lopen in de Sahara). Tegen rondcirkelende verkopers die er stuk voor stuk uitzagen alsof ze net terug waren van het WK Athletische Toestanden probeerde ik zo casual mogelijk te zeggen dat ik gewoon even aan het rondkijken was, terwijl ik de NASA-taal op me in liet werken, zodat ons onvermijdelijke gesprek straks niet meteen dood zou lopen. Alle T-shirts waren sowieso vochtafvoerend en ofwel gemaakt van de soepele push-pull vezel die het transpiratievocht actief naar zich toetrekt en afvoert (waar naartoe?), ofwel voorzien van poortjes waarin koptelefoons en ongetwijfeld ook allerhande andere gadgets verstopt konden worden. En dan was ik nog niet eens toegekomen aan de sokken.

‘Kan ik u helpen, mevrouw?’ vroeg één van de atleten vriendelijk.
Vertwijfeld schudde ik mijn hoofd alle kanten op.
Dat lopen een way of life is, bleek een stuk veelomvattender dan ik dacht.
 

]]>
<![CDATA[De Bakfietsblues Zandbaktour: coming to a zandbak near you!]]>Lekker leesweer, he. Dat dacht ik ook. Sterker, ik dacht: wat is nou een betere plek voor de Bakfietsblues-lezer om even een stukje voor te proeven dan aan de rand van de zandbak? Daarom: de Bakfietsblues Zandbaktour: coming to a zandbak near you. (Bonusvraag: waar is -ie nu?)

Update: en waar is -ie vandaag? 

Update 2: en waar is -ie vrijdag 9 juli? 

 


]]>
<![CDATA[Het lekkerste zomerboek nu met €2,50 korting!]]>Het zal je niet ontgaan zijn dat het heul erg zomer is geworden. En wat is er nou lekkerder in de zomer dan met een fijn boek ik een tuinstoel liggen, of op een strandbedje, of op een stretcher, of op het gras in een park, of onder en parasol, of in een hangmat? Aan de tuinstoel t.m. de hangmat kan ik je niet helpen, maar voor dat boek heb ik nog wel een suggestie. Ik heb namelijk uit betrouwbare bron vernomen dat Bakfietsblues een ideaal zomerboek is, sterker - dat het ook buitengewoon geschikt is om mee te nemen op vakantie en daar te lezen in een hangmat, op een tuinstoel of onder een palmboom, al dan niet met een drankje met een parapluutje erin erbij.

Daarom presenteer ik hieronder de Bakfietsblues Zomeractie. Op vertoning van onderstaande bon neem je Bakfietsblues namelijk voor slechts €15,- mee de zon in. Dus uitprinten maar en naar de boekwinkel! En stuur 'm gerust door naar vrienden, vriendinnen, buren, moeders, zussen, vage kennissen en zakenrelaties die eruit zien alsof ze hevig toe zijn aan een fijn boek.

 

]]>
<![CDATA[Een heel kort stukje over mijn vakantie]]>Die was namelijk zo ontspannend dat ik er totaal geen spannende verhalen over te vertellen heb. 

We slenterden door ons middeleeuwse Italiaanse dorp en aten Italiaanse dingen. 

We slenterden door andere middeleeuwse dorpen en aten nog meer Italiaanse dingen. 

We gingen naar het strand, lazen boeken en aten Italiaanse dingen. 

We keken voetbalwedstrijden in kroegen met satelliet-tv tussen oude, knikkebollende mannetjes. 

Het dak bleek van onze auto te kunnen, dus we reden op z'n cabrio's over kustwegen en bergweggetjes. 

We vielen in slaap, werden wakker en aten nog meer Italiaanse dingen.

Er waren slippers en zonnebrillen en Italiaanse ijsjes. 

De zon scheen.

Ik waarschuwde al: totaal geen spannende verhalen. 

]]>
<![CDATA[He gezellig, weer wat losse flodders]]>
  • Ga je even op vakantie, ben je opeens guerillamarketingexpert. Een stukje over mijn bakfietspadvertising-actie op MKB-site PleinPlus.nl.
    • De Wereldomroep vond Bakfietsblues een geschikt vakantieboek, leest u maar.
    • Oh, en: abonneert u zich vooral en gerust op de nieuwsbrief, ofwel de zeer onregelmatig verschijnende Maaike Schutten Monthly! Het zou namelijk zomaar kunnen dat er deze week weer eentje verschijnt, heb ik vernomen uit betrouwbare bron.
    ]]>
    <![CDATA[Een paar huishoudelijke mededelingen en nog zo wat van die zaken]]>
  • Alles prima hier, hoor, dankjewel.
  • De hele maand juni babbel ik een beetje over boeken op www.watleesjij.nu. Oh, en je kunt mijn boek er ook winnen door the word te spreaden. Hier zie je hoe
  • En: je kunt natuurlijk nog steeds lid worden van de geheel gratis en zeer onregelmatig verschijnende Maaike Schutten Monthly. Sterker, het is misschien een heel goed idee om dat nu te doen, want binnenkort verschijnt er weer eentje, met een buitengewoon vrolijke vakantieactie erin. Kortom: alvast welkom, zie hier het formulier
  • Binnenkort hier weer een normaal stukje, maar dan niet over voetbal, want ik heb deze week geconcludeerd dat ik daar minder verstand van heb dan ooit.
  • Doeg!
  • ]]>
    <![CDATA[Chicklit.nl: 5 sterren (of eigenlijk hartjes)]]>'Maaike weet de tijdgeest perfect te pakken (...) Geloofwaardig, fris en modern (...) Een absolute aanrader!'

    Leest u maar.

    ]]>
    <![CDATA[Laten we het nog even over de campagne hebben]]>Analisten zeggen: dit was de campagne van de economie. Of van de tegenstellingen. Maar ik zeg: dit was de campagne van de uiterlijke details.

    Het begon allemaal met de gefotoshopte posters. Nooit eerder had een CDA-lijsttrekker de huid van een meisje, nooit eerder was een Groen Links-lijsttrekker overbelicht als ware het een publiciteitsfoto voor RTL4 en nooit eerder had ik pas na een week door dat die geplamuurde mevrouw op de poster van de Partij voor de Dieren Marianne Thieme was.

    Daarna kwam de kleurspoeling van Jan-Peter, poel des jeugds van het CDA, met 100% grijsdekking. Maar toen ik eenmaal gewend was aan de veel te egale coupe van JP, bleek mijn inmiddels geoefende haarspoelingsoog een ware epidemie te zien. In Mark Ruttes geföhnde kapsel was geen oneffenheid te zien. André Rouvoet was voor het laatste debat speciaal nog een tintje donkerder gegaan. Ook rondetafelpraters als Frank de Grave hadden hun hoofden enthousiast in laten smeren. En laten we Ferry Mingele niet vergeten, die meende dat zijn Moke-cut nog best wel wat meer oranje kon. 

    En dan was er Wouter Bos, die gisteravond overbestudeerd casual het PvdA-podium opstapte, in een vormloze trui waarin hij waarschijnlijk net de schutting gebeitst had of boodschappen had gedaan en precies de juiste veertigerssneakers. Het enige dat nog ontbrak aan de huisvaderlook was een flinke babyboer op zijn schouder, die zo gezellig uitdruipt over de rug. Job Cohen naast hem zag er alleen nog maar authentieker van uit, met zijn ongeëpileerde wenkbrauwen, zijn eeuwige rode stropdas en zijn five o’clock shadow. Maar dat was waarschijnlijk precies de bedoeling.

     

    ]]>
    <![CDATA[Schrijven is als koffiezetten, ofwel: de Starbucks-theorie van De Standaard]]>'De nieuwe debutant heeft een neus voor de actualiteit, begrip voor de burgerij en schrijft korte zinnen. Hij is voor de literatuur wat Starbucks is voor koffie.'

    De Standaard schreef een vermakelijk stuk over die moderne schrijvers van tegenwoordig, die naast schrijven ook graag nadenken over marketing en hun publiek en die actuele, herkenbare en vlotte boeken afleveren. Auteurs als Tonie Mudde (Spaghetti Spoetnik), Henk Rijks (De Kostwinner) en ondergetekende. En over vroeger, toen alles beter was en Literatuur tenminste nog Echte Literatuur was. Oh, en waarom we schrijven, volgens de auteur van het artikel: om ons uurtarief te verhogen. En omdat het leuk staat op het cv, natuurlijk. Lees het hier.  

    Over Bakfietsblues: 'Leest lekker weg en vooral: is humoristisch.(...) Wat wil een mens nog meer?'

    ]]>
    <![CDATA[Sjamoon]]>Ik zag toevallig Michael Jackson voorbij komen op een liftje (op tv dus, dit was geen Michael-leeft-nog-sighting, voor de duidelijkheid - maar die gebeuren doorgaans ook op toast) en herinnerde me dit stukje van vorig jaar.

    We gingen dus naar Michael Jackson. Althans, naar de film. Want nadat de media mij wisten te vertellen dat hij een multiwrak was dat zich in een rolstoel kwijlend het podium overliet duwen met een permanent infuus aan zijn arm, bazelend over kinderrechten en Jesus Juice, was ik tergend benieuwd naar kwesties als: a) kon hij lopen? b) kon hij praten? c) kon hij zingen? d) kon hij nog ‘Sjamoon!’ roepen? (Als u deze motieven wat sensatiebelust noemt, dan spreek ik u niet tegen.)

    Toen hij dat nog prima bleek te kunnen en zelfs allemaal tegelijkertijd, had hij eigenlijk al gewonnen. Hij klonk nog gewoon als zichzelf, deed snelle dingen op zijn loafers en de ‘Sjamoon!’ was klassiek.

    Dus kon ik verder met mijn volgende missie: het ontdekken van de Mens achter Michael Jackson, want ook daar was ik inmiddels tergend benieuwd naar. Het eerste kwartier werd ik daarbij afgeleid door zijn neus, maar opeen gegeven moment raak je daar aan gewend. Gerard Joling heeft een tapijt op zijn hoofd, Lady Gaga een struik om haar nek, Michael Jackson heeft een skischansje op zijn gezicht, wat maakt het allemaal uit.

    Goed, de Mens achter Michael. Geen makkelijke missie, omdat Michael natuurlijk niet echt een mens was. Hij was een buitenaards wezen meets levende Michael Jackson-pop waar af en toe glimpjes mens doorheen schenen, met bril en pruik opgetuigd zodat hij eruit zag als Michael Jackson. Deze tot Michael omgetoverde Michael was geconcentreerd aan het werk, met een fanatieke toewijding. En voor zijn doen zag hij er basic uit zonder kniebeschermers en gouden badpakken (voor de volledigheid: een glitterbroek lijkt mij in het universum van Michael Jackson te vallen onder basics).

    Als je uitgangspunt die bazelende man is in rolstoel met dat bungelende infuus er achteraan, blijkt Mike verbazend samenhangend en meer in control dan Jan-Peter Balkenende op een gemiddelde werkdag. Circus Jackson draaide als een tierelier. Hij deed alles waar hij goed in was (dansen met groepen in monster- en jaren ’30-pakken, de armen heffen boven een windmachine), omringd door een band met vriendelijke grote negers die hem MJ noemden en die hij op ieder detail wees (‘het moet pe-deng en niet pe-déng’). Kinderen liet hij verstandigerwijs links liggen en zijn wereldverbeterbehoeften concentreerden zich op de natuur, die hij respecteerde en waar hij van hield en die er binnen vier jaar mee kapt als we nu niets doen - dat u het weet.

    Maar het waren die glimpjes waarop ik me concentreerde, want samen zouden die misschien een verrassend beeld creëren van een beminnelijke man meteen Brits gevoel voor humor die graag boerend kippenpoten eet tijdens voetbalwedstrijden - wie zou het zeggen. Zijn tot masker verworden hoofd was daarbij een complicerende factor, maar het waren de dissonanten die ik als glimpjes interpreteerde. De baardgroei, bijvoorbeeld (hoe kan het dat Michael baardgroei had? Ging hij dan ook naar de wc?), de kauwgom die hij voortdurend kauwde en de lolly's. De hyperbeleefdheid waarmee hij iedereen voortdurend aan het bedanken was (‘God bless you’) en waarmee hij zich excuseerde voor zijn grapjes (‘God bless you’). En niet te vergeten de hoogwerker waarop hij ‘whieieie!’ riep toen die door de lucht zwenkte. Het was jammer dat mimiek niet meer mogelijk was op zijn gezicht, want je zou bijna zeggen dat het vrolijk leek. 

    Pas toen De Wereld eraan te pas kwam met een lachwekkende act die Pocahontas mixte met Wall-E begon Michael weer te lijken op de Michael waar ik bang voor was. Ik bereidde me mentaal voor op heal the world en een wereldbol met kinderen in klederdracht, maar gelukkig ging hij weer dansen met een groep in beat it-pakken en wees hij de band erop dat het ke-dengdengdeng-kedeng was en niet deng-kedeng-kedeng.

    ‘Yeah, sounds good, MJ,’ zei een grote, gezellige neger, alsof MJ ook een gezellige neger was. En ik dacht: ja, dat was mooi geweest.

     

    ]]>
    <![CDATA[Runner's World: Maaike leert lopen (deel 2)]]>Een rubriek in hardloopglossy Runner's World, waarin ik als renleek probeer te leren hardlopen. Hier column 2.

    Het onwaarschijnlijke is gebeurd: na jaren staren naar de voorbijdravende hardlopers in mijn stad ben ik zelf ook toegetreden tot het lopersgilde. Een paar keer per week gaan de personal iPhone-coach en ik de straat op voor een intervalrondje door de buurt.

    Soms voelt het alsof ik in een toneelstuk zit waarin ik een hardloper speel, maar minstens zo vaak voelt het al best echt. Kijk mij eens lopen. Ik loop dan wel niet zo cool, die geroutineerde souplesse heb ik nog lang niet bereikt (‘mag ik al weer gewoon lopen, Trainer Lite? Halve minuut nog? Oké. Tien, negen... pffffff, húúúúhhhh’!), maar toch. Ik loop. Mijn vaste rondje linksom, mijn vaste rondje rechtsom. Ik zoek de cadans, knik naar mijn toch wel wat beter geklede collega’s en na een minuut of twintig stretch ik tegen de voordeur zoals ik denk dat ik dat zou moeten doen. Op feestjes zeg ik nonchalant dat ik tegenwoordig ook loop. Want rennen, dat doen lopers natuurlijk niet.

    Af en toe, in een overmoedige bui, denk ik wel eens: hé, doe eens gek. Laat ik een ander rondje doen. De routine doorbreken, de gebaande paden verlaten. En dan kom ik terecht op de weg langs het water.

    Pas als ik er ben, realiseer ik me dat ik eigenlijk bang ben voor de weg langs het water. Hier lopen namelijk de Echte Lopers. Stuk voor stuk kunnen ze ontzettend hard en op hun gezichten is geen spoortje pijn te zien, of vermoeidheid, of wat voor inspanning dan ook. Links en rechts zoeven ze langs me heen op hun superschoenen en in hun aërodynamische pakken en ik voel me weer de amateurspetteraar van acht die per ongeluk in de baan van de wedstrijdzwemmers is gesprongen. Ik probeer het ritme te hervinden en gewoon door te gaan in mijn joggingbroek en de oude sokken van mijn wederhelft, maar wil het liefst onder water duiken, waar niemand me ziet.

    Vorige week zag ik een foto van Fred Teeven in de weekendbijlage van de krant, zijn logge lijf soepel stretchend op de weg langs het water. Hij droeg een pak dat er zo geavanceerd uit zag dat je er ongetwijfeld ook mee naar de maan kunt en keek alsof hij nog dagen aan één stuk door kon draven. Op de volgende foto at hij voldaan een boterham met pindakaas.

    Het wordt tijd voor een serieus hardlooppak. 

    ]]>
    <![CDATA[Het backfire-effect van een kleurspoeling]]>Het debat, afgelopen zaterdag. Natuurlijk was er van alles op aan te merken. De afgevangen vliegen. De afwezigheid van Henny Huisman, Gordon of leiding van Frits Wester. De stupide tussenfilmpjes. Geert WIlders in zijn algemeenheid. Maar iets stond oprechte ergernis over al dit zinnigs in de weg: de kleurspoeling van Jan-Peter Balkenende.

    Het lijkt iets futiels, een haarspoeling. Maar als je het eenmaal ziet, kun je niet stoppen ernaar te kijken. Je hoort niet meer wat hij zegt, je hoort niet meer hoe hij het zegt, je ziet zelfs niet meer hoe raar zijn bovenlip is. Iemand van het campagneteam - ik vermoed Jack de Vries voordat Jack-gate uitbrak - moet tijdens een vergadering over stropdaskeuzes naar JPB hebben zitten kijken en hebben gezegd: ‘Jan-Peter, we moeten iets doen aan die grijze slapen. Want grijs, dat is niet goed. Grijs is oud, en saai. En jij bent niet oud en saai, Jan-Peter. Jij moet een bron van jeugd en levenslust zijn, bruisend als een bergbeekje. Pure inspiratie met een mooie das om.’

    De Taskforce ‘Jan-Peter Is De Poel Des Levens’ ging er vervolgens mee aan de slag. Na een uitgebreide oriëntatieronde werd uiteindelijk gekozen voor Feria Préférence van L’Oreal, met 100% grijsdekking en een schitterende kleur, die zo zacht aanvoelt als kasjmier. En het mooie was: er hoefden maar tien minuten uit Jan-Peters schema gesnoept te worden om zijn haar weer meeslepend bruin te maken met een fonkelende glans, vol reliëf. Jack de Vries glom van tevredenheid.

    Ook hier wordt weer duidelijk hoe hard Jack, voormalig Zoon van de Duivel, zijn magic touch verloren heeft, dames en heren. Want het punt is natuurlijk: als je je haar verft, waar ben je dan nog meer toe in staat? Hoe makkelijk verkoop je ons land dan aan België, of Afghanistan? Heb je dan niet stiekem al 34 Joint Strike Fighters besteld? Hoeveel cd's van de Venga Boyz heb je dan - en ben jij dan niet het brein achter hun hereniging? Ben je dan eigenlijk de ghostwriter van Geert Wilders? Ben je wel echt Jan-Peter Balkenende, of stiekem een hermafrodiete mutant, verkleed als Jan-Peter Balkenende? De mensen weten het niet meer. En de mensen willen het weten. Het backfire-effect van de kleurspoeling, ik zeg het je.

    ]]>
    <![CDATA[Leeuwarder Courant: vlotte satire op het leven in een Vinexwijk]]>

    ]]>
    <![CDATA[En Dan Nog Even Dit]]>Kijkt u maar.

    Ik zou zeggen: blijf vooral even hangen voor het Geluid van de Dag, want die is dus echt heul moeilijk.

    ]]>
    <![CDATA[Fotobijschrift Woensdag: De Uitslag ]]>Jaaaa, daar zijn we weer, mensen. Met Fotobijschrift Woensdag: De Uitslag. De spannendste uitslagshows van de uitslagshows. Je weet het nog wel, we hadden deze foto: 

     

    en daarbij mochten jullie een bijschrift verzinnen. Daar zaten mooie bij, zoals: 

    Koninklijk paar ook goed geslaagd op Koninginnemarkt. C&A, juist nu. En: Koningshuis bezuinigt op reiskosten

    Maar de allerbeste vond de jury toch: Otto. Zomermode voor het hele gezin. Daarom gaat het heus echt gesigneerde exemplaar van Bakfietsblues naar Vinexvrouwtje. * applaus, gejuich, uitzinnig gegil * DM je adres even naar onze lieftallige assistente, die daar zinloos in de hoek staat te grijnzen. 

    Nou, dat was 'm weer, mensen. Een goed weekend allemaal en tohoooot de volgende kéééér!

    ]]>
    <![CDATA[Trouwens]]>Als je ergens in Overijssel woont (of een UPC-kastje hebt) ben ik morgen en zondag op TV Oost te zien in de talkshow 'En Dan Nog Even Dit'. In ieder geval zaterdag om 17.20 uur en dan wordt het vast nog een aantal keren herhaald.

    ]]>
    <![CDATA[Fotobijschrift Woensdag: win een gesigneerde Bakfietsblues!]]>Jaaaaaa, het is zover: Fotobijschrift Woensdag!

    Hoe werkt het? Doodsimpel eigenlijk. Schrijf een grappig, dodelijk, dweperig, treffend of in- en in-cynisch bijschrift bij onderstaande foto, door te reageren op dit item. Het allerbeste bijschrift van de week wint een heus gesigneerd exemplaar van Bakfietsblues! Jawel. Wat je ook kunt doen: twitter de foto met je bijschrift en de hashtag #bakfietsblues. Da's nog leuker, eigenlijk. Hoe je ook reageert: goede wedstrijd.

     

    ]]>
    <![CDATA[CJP Magazine: Bakfietsblues ontstijgt chicklit]]>CJP Magazine bespreekt Bakfietsblues: 

    'Lachende mensen met drankjes in hun hand en groeiende pupillen. Dat wil de stadse Noor, die zich opgesloten voelt in een Vinexwijk. Haar frustraties leveren in Bakfietsblues geen coming-of-ageverhaal op, maar een roman die de chicklit ontstijgt.'

    Lees verder na de klik. 

    Oh, en: 

    (Mama Magazine, that is.) 

    ]]>
    <![CDATA[Een week uit het leven van ]]> En zo zat ik deze week weer op een bakfiets. Normaal gesproken ligt het gemiddelde aantal keren niet veel hoger dan nul (het zal er iets mee te maken hebben dat ik geen bakfiets bezit), maar zaterdag bevond ik me op een zespersoons geval ter gelegenheid van de Giro di Bakfiets, georganiseerd door de superenthousiaste boekhandel Wagner. Als de bakfiets de SUV van het fietspad is, was dit de stadsbus. Bibberend vermeed ik ternauwernood achteruitkijkspiegels en bij iedere bocht was het weer een mysterie welke kant ik het stuur op moest gooien om het ding de berm uit te houden. Ik hoopte heel erg dat het meisje voorin levend de eindstreep zou halen, en ik als het een beetje meezat ook. Een stukje verderop zat collega Rijks op een iets kleiner model, waarvan het niet helemaal zeker was dat er remmen op zaten, laat staan versnellingen. Om ons heen: enthousiaste Sassenheimse bakfietsers, veelal in het roze, ballonnen, voorop een roze vespa. Een dag uit het leven van een hedendaagse schrijver.

    Omdat ik de bakbus amper van zijn plek kreeg, verloor ik al snel het contact met het peleton, samen met een meneer van het lokale CDA. Het lokale CDA zag er namelijk wel een persmomentje in en had een groen exemplaar en een paar CDA-windjacks afgevaardigd. Toen een reeks stoplichten ons het zicht op de achterwielen van de allerlaatste Babboe ontnam, leek het me wel een goed idee om een stukje af te snijden. Het meisje voorin wist wel wat en toen waren we lost in Sassenheim.

    ‘Dat kunnen we natuurlijk niet hebben, he, dat dit uitlekt', lachte ik schaapachtig, ‘'CDA snijdt af tijdens Giro di Bakfiets'.’ Het lokale CDA vond dit geen moment om te lachen.

    Twee dagen later zat ik op een tweepersoonsvariant, die verrassend soepel de bochten doorging. Ik reed rondjes over het Museumplein. In de bak lag een fotografe op haar rug, actiefotograferend met gevaar voor eigen leven. De skateramp deden we bij nader inzien toch maar niet.

    Benieuwd wat me deze week te wachten staat.

    ]]>
    <![CDATA[De Pers: Maaike Schutten bezingt de tijdgeest van de grote stad]]>Een leuk stuk in De Pers: 

    'Maaike Schutten (1976) werkt in de reclamewereld en kijkt in Bakfietsbluesnaar meisjes van dertig, die zich geen moeder willen voelen en hunkeren naar de vrijheid van hun wilde nachtverleden. Hoofdpersoon Noor heeft een baan bij een talkshow, woont met een leuke kunstenaarsman en dito kind in een nieuwe woning in een Amsterdamse vinexwijk. Toch voelt Noor zich geen gelukkige huisvrouw en slikt en snuift ze zich een weg langs de hoofdstedelijke hotspots.'

    Lees gerust verder >

    ]]>
    <![CDATA[Ze.nl: 'Een absolute aanrader!']]>

    ]]>
    <![CDATA[Bespreking op Het Moederfront: coming of age in Vinexwijk]]>Bespreking op hetmoederfront.nl: 'Het is het bekende verhaal van volwassen worden, dit keer vanuit het perspectief van een vijfendertige jarige vrouw en moeder. Een verhaal dat al vaker is verteld, maar Maaike Schuttens originele schrijfstijl maakt het de moeite waard. Haar typeringen en observaties zijn scherp, en bieden een spottende blik op het dagelijks leven anno 2010. Bakfietsblues biedt je de kans met objectieve blik naar het dagelijks leven van de gemiddelde dertiger te kijken. En dat geeft soms een ongemakkelijk gevoel en soms een lach van herkenning.'

    ]]>
    <![CDATA[Bakfietsblues in Belgie]]>De bakfiets heeft ook Belgie bereikt. Zo vindt Standaard Boekhandel het een uitstekend kado-idee voor moederdag:

     

     En heeft de Gazet van Antwerpen ook wel eens last van Bakfietsblues.

     Oh, en als je in Nederland nog winnen wilt, win dan mee op Ze.nl ('een absolute aanrader. Het verhaal is hartstikke herkenbaar en schetst een confronterend beeld van de illusie van jeugd en vrijheid') of bij Margriet.

    ]]>
    <![CDATA[Zeg, maar dat is een leuke moederdagcadeausuggestie!]]>Jonge vaders van Nederland: stop de paniek. De oplossing voor de moederdagcadeaucisis is nabij. Bonbons: geeft zo’n gedoe bij het Dr. Franken. Een huishoudelijk apparaat: zou ik persoonlijk afraden. Een bon: da’s ook maar een stuk papier.

    Maar het schijnt dat Bakfietsblues een uitstekend moederdagcadeau is. Boekhandel Boektiekje zegt het - en ik vernam het uit nog wat betrouwbare bronnen. En verder zeiden de bladen aardige dingen als 'vlot geschreven zedenschets' (Trouw), 'humoristisch en snel geschreven [...] rake beschrijvingen van hippe ouders' (De Telegraaf) en 'prettig leesvoer’ (Marie Claire).

    En het mooie is: als je nu bestelt, heb je 'm nog ruim op tijd in huis. Hier, bijvoorbeeld. Of hier (zie rechts het knopje 'bestel'), met een persoonlijke krabbel van de auteur naar keuze. En ik pak het ook nog voor je in, als je dat wilt. Hoef je je alleen nog maar zorgen te maken over een zo kruimelig mogelijk ontbijt op bed.

    ]]>
    <![CDATA[Rondje bakfietsen om de kerk]]>Op en in bakfietsen zitten voor promotionele doeleinden: dat heb ik natuurlijk over mezelf afgeroepen. Daarom kun je mij en collega Henk 'Kostwinner' Rijks (die bakfietstechnisch een beetje in hetzelfde schuitje zit, zie het omslag van zijn boek) aanstaande zaterdag door Sassenheim zien racen tijdens de Giro di Bakfiets. Wij denken nog diep na over manieren om hilarisch te signeren, dus komt dat zien. En lees vooral ook even Henks bespiegelingen over het lot van de moderne schrijver als zodanig op zijn weblog.

     

    Oh, en verder kun je bij mijn nieuwe vriendin Vriendin Bakfietsbluesen winnen - zie hier. Maar hee, waarom wachten of je gewonnen hebt als je ook gewoon meteen kunt bestellen? Zeg ik dan altijd maar.

     

    ]]>
    <![CDATA[Trouw: 'een vlot geschreven zedenschets']]>Wat vriendelijke woorden uit de pers van de afgelopen dagen: 

     

    En een stukje in Yes:

     En de Veronica Gids (wat zal ik zeggen, persoonlijk heb ik wel een rol in gedachten voor Hugh G. in Bakfietsblues, the movie):


     

    ]]>
    <![CDATA[Nieuw: fietspadvertising ]]>Wat doe je als je roman 'Bakfietsblues' heet en een groot deel van je doelgroep op bakfietsen door Amsterdam rijdt? Dan ga je over tot fietspadvertising. 15 A-fietspadlocaties in bakfietsrijke wijken van de stad werden daarom omgetoverd tot bakfietspaden, geheel in lijn met het omslag van het boek. Met uiteraard de melding dat Bakfiets nu in de boekhandel ligt. Niet te missen tijdens de dagelijkse bakfietstochten.

    Kosten:een paar stukken karton, een stanleymes en een fles spraykrijt (te koop bij de groothandel voor voetbalveldbenodigdheden).

    Opbrengst: rumour-around-the-bakfiets, zowel offline als op Facebook en Twitter. 

     

    De Van Eeghenstraat in Amsterdam Oud-Zuid, bijvoorbeeld...

     

    En op de Willem Witsenstraat...

    En op de Willemsparkweg...

    En de Beethovenstraat, natuurlijk!

    De originele fiets:


    ]]>
    <![CDATA[Ik lijk dus niet eens een beetje op Gordon]]>De zon scheen, er was wat te drinken, Leco scooterde voorbij, ik had een pen bij me en er lagen grote stapels boeken, ofwel: het was een mooie dag om er eentje te presenteren. We stonden op straat in de zon in Amsterdam-Zuid. Twitteraars twitterden face to face, Tom Egberts bemoeide zich nog even met de situatie en de AKO bleek tot vreugde van gelegenheidsrokers ook sigaretten te verkopen.

    Een oude mevrouw met een rood hoedje op was op zoek naar Gordon.
    ‘Waar is Gordon?’ keek ze zoekend in de rondte.
    ‘Die komt volgende week,’ zei iemand, ‘vandaag presenteren we Bakfietsblues van Maaike Schutten.’
    Het mevrouwtje keek me onderzoekend aan. ‘Nee, u lijkt inderdaad niet op Gordon,’ zei ze toen. ‘Maar ik wil u ook wel eens even in de ogen kijken.’
    Ik moest mijn zonnebril afzetten, beamen dat ik inderdaad Gordon niet was en  ook niet eens een beetje op hem leek en daarna schuifelde ze verder, op zoek naar een nieuwe invulling van haar plotseling Gordon-loze middag.

    Redacteur Hedda speechte lieve woorden bovenop een bakfiets en ik klom er achteraan. De komende tijd zal ik me wel vaker in vreemde posities in en op bakfietsen bevinden, maar dat heb ik natuurlijk volledig aan mezelf te danken.

    De oude mevrouw met het rode hoedje kwam weer langs. ‘Oh, u bent de jonge schrijfster!’ riep ze. Daarna wilde ze graag even één van de gasten in de wangen knijpen. Ter afsluiting stopten we een boek in de Albert Heijn-tas aan het stuur van de fiets van Joost Zwagerman, bij wijze van Bonusaanbieding. 

    Aanstaande zaterdag dus: Gordon in de AKO op de Beethovenstraat in Amsterdam. En een oude mevrouw met een rood hoedje.

     

    Zie voor meer foto's: hier. 

    ]]>
    <![CDATA[Een trend is het! En dat is het.]]>

    ]]>
    <![CDATA[Een melding van algemeen belang ]]>Aanstaande zaterdag: de zwaar openbare boekpresentatie van Bakfietsblues, welkom voor iedereen met of zonder bakfiets. In Amsterdam-Zuid, op de AKO op Beethovenstraat 42. Met valet parking-service voor bakfietsen door meneren in smoking, gesigneerde boeken, drank, Wokkels en gezelligheid, dus wat wil je nog meer. De eerste 25 gevaletparkte bakfietsen verdienen bovendien een gratis boek. Vanaf 14.30 zijn we er klaar voor, dus kom ook even langs!

    ]]>
    <![CDATA[BNN Today ]]>Vanavond zit Gisteren zat ik ergens tussen 8 en 10 bij BNN Today op Radio 1, om te praten over mijn boek en naar ik aanneem van alles daar omheen. Ik ben trouwens blij dat ik mag praten en jullie luisteren, want ik vind mijn stem maar een raar ding. Maar daar schijnt ieder mens op Albert Verlinde na last van te hebben. Enfin. Nu even een leuke jurk aantrekken voor de radio.

    Luisteren kan hier. Doorschuiven naar een minuut of 18. 

    ]]>
    <![CDATA[In de krant]]>In De Telegraaf: 

     

     En over het e-book in De Stentor:

     

     

    ]]>
    <![CDATA[Er kan voorbesteld worden!]]>De afdeling Packaging en Distribution fluisterde mij zojuist in dat er Bakfietsbluesen voorbesteld kunnen worden. Persoonlijk gesigneerd met een boodschap naar keuze en met een vrolijk papiertje eromheen als je wilt. Hoe regel je dat? Simpel.

    1. Stuur me een mailtje met je adres (of het adres aan wie je een boek cadeau wilt doen) en eventueel een boodschap, Toon Hermans-gedicht of andersoortige levenswijsheid die je er graag in wilt hebben.   

    2. En maak €20,- (€17,50 voor het boek en €2,50 voor de verzendkosten) over op 105472379 t.n.v. Maaike Schutten te Amsterdam.

    3. Dan zorg ik ervoor dat het boek volgende week zo snel mogelijk bij jou thuis op de deurmat ligt (als je een deurmat hebt, tenminste) - als het een beetje kan op de dag van verschijning. In een mooie bubbeltjesenvelop en alles. 

    De afdeling Packaging en Distribution laat verder weten dat het ook een ontzettend leuk cadeau-idee is, voor wat voor gelegenheid dan ook. En als zij het zeggen, nou, dan weet u het wel, he. 

    ]]>
    <![CDATA[Downloaden maar, dat e-book van Bakfietsblues!]]>De papieren versie is er officieel pas 24 april, maar dat betekent niet dat je je hoeft te vervelen. Vanaf vandaag is Bakfietsblues namelijk tien dagen exclusief als e-book verkrijgbaar. Normaal gesproken sukkelt het e-book altijd een beetje achter de papieren versie aan - en dat mocht van mij wel eens een keer omgedraaid worden. Want e is de toekomst, nietwaar.

    Om dat heuglijke feit te vieren kost de e-Bakfietsblues de komende tien dagen maar een tientje (de tientjes-tiendaagse! roept het reclamemeisje in mij uit) in plaats van de reguliere €14,50. Dus ik zou zeggen: pak die e-reader, trek die creditcard, download dat boek en drapeer jezelf in een hangmat naar keuze, met een drankje erbij. Veel plezier!

    ]]>
    <![CDATA[Nog even over Aidan en Big en vogels op je hoofd]]>Nynke meldde tussen neus en lippen door dat Aidan terugkomt in de nieuwe Sex and the City-film. Nou kijk ik met een wat ongemakkelijk gevoel uit naar die film (laten we wel wezen, zonder wondervisagisten en heel goed licht zijn het ondertussen toch - ehm, ja - vier wat oudere vrouwen in - ehm, ja - soms best wel rare kleren met problemen van dusdanig neurotisch gehalte dat je ze soms wilt slaan), maar toen ik de naam Aidan hoorde, maakte een rustig gevoel zich van mij meester. Kunnen we het voor eens en voor altijd afronden en er dan een hele goed sluitende deksel op doen en de boel ver wegstoppen, voor we vergeten dat die zenuwachtige mevrouwen met edelstenen op hun hoofd op tv ooit zo leuk waren dat ik ook hele grote bloemcorsages op wilde en bereid was om een roze schoenendoos vol dvd’s van ze aan te schaffen.

    Het voornaamste dat natuurlijk aangepakt moet worden is Big. Want als je kunt kiezen tussen een leuke lange meubelmakende man zonder enige issues at all en met een leuke hond en handen die ruiken naar hout en andere meubelspullen, dan kies je toch niet voor een naar sigaren stinkende normaal gesproken modellen van 21 datende oude man bulkend van de wat voor issues dan ook, die botox gebruikt en denkt dat Frank Sinatra heel modern is en - hadden we het daar al over gehad - sigaren rookt? Of in andere woorden: als het honderd keer uit is geweest en dan weer aan en dan weer uit en hij je je op je bruiloft bij het altaar laat staan met een vogel op je hoofd en hij rookt daarna nog steeds sigaren, DAN KIES JE TOCH VOOR DIE LEUKE LANGE MEUBELMAKENDE MAN MET DE LEUKE HOND EN DE GROTE HOUTHANDEN!!?!?

    Anyway, tot zover het liefdesadvies van yours truly aan Carrie Bradshaw. Tot de premiere verkeer ik in stille hoop op een verstandig en happy en vooral ook definitief end. In de volgende aflevering behandelen we - of weet u wat, roept u dat maar.

    ]]>
    <![CDATA[In de Viva van deze week ]]>

    ]]>
    <![CDATA['Verfrissend stads geschreven']]>Het vermaarde weblogmagazine about:blank las Bakfietsblues: 

    'Van de hand van weblogster en schrijfster Maaikeschutten verschijnt in april haar tweede roman "Bakfietsblues". Het boek vertelt het verhaal van de multitaskende stadsvrouw Noor, die min of meer gedwongen wordt om afscheid te nemen van het zo roerige stadsleven en samen met partner, Max, en kind, Junior, een nieuwbouwhuis in een saaie nieuwbouwwijk betrekt. Dit gaat niet zonder slag of stoot: de nachtelijke stilte evenals 'de luxe' van het bezitten van een tuin roepen bij haar gevoelens van protest en ontevredenheid op. Al schenken haar partner en kind haar de nodige bevrediging toch heeft ze heimwee naar het stedelijke bestaan dat ze moest achterlaten ten bate van haar zoon.

    Noor en Max zijn een ongecompliceerd stel, tijdloos leuk en samen een ontzettend fijn setje. En hoewel ze wil geloven dat de nieuwe woning volop ruimte en pure genotzucht biedt, onderneemt ze steeds pogingen om te ontsnappen aan haar nieuwe burgerlijke bestaan. Samen met haar collega's onderneemt ze ware stadse kroegentochten, drinkt teveel en slaapt te weinig. Terwijl Max juist wel een poging waagt om te settelen, waardoor hun relatie onder druk komt te staan.

    Bakfietsblues is een levendig boek dat in een leuke vlotte moderne stijl geschreven. Het zit vol humorvolle uitspattingen en daardoor zal het de lezer vanaf het begin geen seconde vervelen. Men zal het tevens verfrissend vinden om te lezen dat juist bij een vrouw ook deze aard omstandigheden kan optreden en dat ze -weliswaar uit stilzwijgend protest- ernaar handelt. Zelfs aarzelt om de stap naar volwassenheid te zetten.

    Dit is tot op heden één van de leukste boeken die op a:b is terecht gekomen. En verdient dus oprechte aanbeveling om in het verlanglijstje voor de verjaardag of vakantie te worden opgenomen. Het mag ook zeker niet ontbreken in je weblogboekenbibliotheek.'

    ]]>
    <![CDATA[Print uit en neem mee, die handige boekwinkelstalkhulp!]]>Het zou natuurlijk best kunnen dat je in een boekwinkel staat en denkt: goh, eens vragen of ze dat boek van Maaike binnenkort binnen krijgen. En dat je in een andere boekwinkel staat en denkt: hee, zal ik dat hier ook eens vragen. En dat je daarna denkt: hee, dit is leuk, laat ik eens naar plaats X rijden en daar alle boekwinkels aflopen.

    De marketingafdeling van Maaike Schutten juicht dat uiteraard toe. Daarom bijgaand een handig spiekbriefje voor in de winkel, uitgebreid getest op alle mogelijke scenario's. Print uit en neem mee, zou ik zeggen!


     

     

     

     

     

     

     

    ]]>
    <![CDATA[Een vrijdagochtendupdate]]>Nog 14 dagen - of nog maar 5 voor e-bookadepten, maar daarover binnenkort meer. Het Bakfietsbluescircus is dus eigenlijk nog niet begonnen, maar stiekem verschijnt er her en der al iets. Op weblogmagazine about(:)blank bijvoorbeeld, die Bakfietsblues 'verfrissend stads geschreven' vindt en 'tot op heden één van de leukste boeken die op a:b is terecht gekomen'. Leest u maar.

    Als je denkt: hartstikke leuk allemaal, maar ik wil wel wat te doen hebben in de tussentijd - speciaal voor dat soort momenten van knagende onrust heeft Selexyz alvast een voorbestelmogelijkheid op haar site geplaatst. En bol.com ook, trouwens.

    En als je denkt: kun je a u bee ook nog over andere dingen schrijven dan over dat boek van je - ja hoor. Heel snel, beloofd. We hebben het tenslotte al veel te lang niet meer gehad over de Michael-Jackson-is-heus-niet-echt-dood-theorieen, de glimmende pakken van Rob Trip en het leven als zodanig, niet te vergeten.

    ]]>
    <![CDATA[Een diepgravend onderzoek naar de Revolutionaire Huidverzorging van de Toekomst***]]>De parfumerie gaf mij testers, in de onvermijdelijke toilettas. Meestal zijn de testers die ik krijg beledigend van aard, variërend van crèmes tegen tired puffy eyes  met dark circles tot spullen tegen jeugdpuistjes, maar dit keer waren ze ronduit onbegrijpelijk. Ik weet het verschil tussen een mascara en foundation, ik weet dat blush hetzelfde is als rouge en ik weet dat de Touche Eclat van Yves Saint Laurent een grote bijdrage kan leveren aan het levensgeluk. Maar dit was een toilettas vol wetenschappelijk verantwoorde smeersels waar voor mij geen touw aan vast te knopen was.

    Nou kan ik erg onder de indruk raken van mensen in witte jassen die grensverleggende ontdekkingen doen, dus ik dacht: misschien is die celvernieuwingstechniek wel écht revolutionair. Misschien is het wel echt waar dat het geheim van een jonge huid in je genen zit en dat je huid al binnen zeven dagen zichtbaar verjongd* kan lijken. Want genen zorgen voor de productie van specifieke eiwitten die kenmerkend zijn voor de jonge huid. En na tien jaar onderzoek waren ze er eindelijk achter hoe je de genactiviteit** en daarmee de jeugdheidseiwittenproductie stimuleert*** en je dus voor eeuwig fris en stralend houdt. Kortom: ik was klaar voor de Huidverzorging van de Toekomst.

    Lees verder als gastcolumn op chicklit.nl 

    ]]>
    <![CDATA[Hoplakee, een heuse voorpublicatie ]]>De nieuwsbriefabonnees hadden 'm al een tijdje geleden in hun mailbox (abonneren kan trouwens nog steeds  - een mailtje naar mail@maaikeschutten.nl en het is geregeld), maar nu dan ook voor de rest van de wereld: een voorpublicatie uit Bakfietsblues, 24 april in een boekhandel bij u in de buurt. Bij wijze van plakje om te proeven. Al is het natuurlijk niet de bedoeling dat je daarna niet meer met mij wilt praten. Enfin, veel plezier ermee. Hoop ik.   

    De wc-pot ziet er niet fris uit vanuit dit perspectief. Onder de rand hebben zich korstjes vastgekoekt, op de bril ligt een patroon van opgedroogde druppels en het toiletblok stamt waarschijnlijk nog uit de guldentijd. Onderin herken ik de drijvende resten van de pizza die we eerder vanavond gegeten hebben. Met alles wat mijn lichaam verlaten heeft, is er weer plaats voor de realiteit. Het moet een uur of twee 's nachts zijn, het is dinsdag, of eigenlijk woensdag, morgen is er weer repetitie voor de schoolmusical, is Dylan Winter te gast bij De Dag in 30, ik geloof dat ik de was in de droger heb laten zitten, ik had mijn punt naar Louise misschien ook anders kunnen maken, de Partij van de Waarheid is met nog een zetel gestegen in de peilingen en sinds wanneer kan ik geen negen bier meer op?

    'Gaat het?' vraagt Heidi, die mijn haar vasthield en het nu weer loslaat op mijn schouders. Dat is vriendschap: elkaars haar vasthouden boven een wc-pot, ook als je daar zeker een jaar of tien te oud voor bent.
    'Ja, hoor,' zeg ik omhoog. Mijn tong smaakt naar mijn sokken en de gal in mijn maag komt in protest. 'Niks aan de hand,' lach ik er voor de zekerheid achteraan.
    Heidi helpt me overeind en drukt op de spoelknop; de avond verdwijnt kolkend het riool in. Dan wijst ze naar haar voortanden, ik loop naar de spiegel om de mijne te checken. Er plakt iets groens aan: een stukje peterselie, spinazie of een ondefinieerbaar restje van een eerdere maaltijd. Ik peuter het eraf, maar mijn spiegelbeeld knapt er niet van op. Een ongecensureerde versie van mezelf staart me aan, vaatdoekachtig en met zwalkende ogen. 

    Er was een tijd dat drank me best stond. Het maakte mijn bewegingen gedecideerder en gaf mijn blik een gevaarlijke glans. Maar die tijd ligt achter me, zie ik. Een onwelwillende tl-lamp maakt de lijnen langs mijn neus scherper, de schaduwen onder mijn ogen zijn donkergrijs en mijn huid ziet eruit als het beton op de vloer. Daar sta ik met mijn spookhoofd, in de toiletten van een club die zo hip is dat hij geen naam heeft en ik ben net als een gek weggerend van Jeroen van Diepen, omdat een pizza de nooduitgang zocht. Ik dwing de puinhoop die mijn haar is in een staart en knik mezelf bemoedigend toe. Hoog tijd om terug te gaan en te doen alsof er niks gebeurd is.
    'Kom,' zeg ik, zo kordaat als ik kan.
    Heidi knikt en geeft me een Fisherman's Friend aan, extra sterk.

    De deur is opeens zwaar, zo zwaar. Zonder het bierwaas voor mijn ogen zie ik hoe jong iedereen op de dansvloer is. De meisjes hebben gladde gezichten en dansen onderkoeld met jongens met sluik haar. Ze dragen leggings en broeken met scheuren en fluorescerende shirts en halfhoge sneakers, die ik ook droeg -- in de brugklas. Mag je meedoen aan een retrotrend als je het origineel zelf meegemaakt hebt? En wie heeft het geluid zo hard gezet? De breakbeats schudden mijn hoofd door elkaar, dreunen het zand uit mijn hersens. Ze vallen me aan met hun onregelmatige regelmaat en doen hun best om ervoor te zorgen dat ik nergens anders meer aan kan denken.

    Aan de bar steken de wilde haren van Jeroen boven alles uit. Naast hem, op mijn kruk, is een prop aangespoeld in een fantasieloos hemdje. Haar hand lijkt vastgekleefd aan Jeroens schouder en haar borsten leiden de aandacht af van haar alledaagse hoofd. Ze playbackt iets in zijn oor, hij knikt, maar wordt afgeleid door de kluwen leggings, waar hij mij tussendoor ziet worstelen. Heidi ben ik verloren in het fluorescerende geweld.
    'Wat had jij opeens een haast,' zegt Jeroen als ik de bar heb weten te bereiken.
    Ik mompel iets over het onvoorspelbare karakter van de vrouwelijke blaas, maar hij buigt zich met zijn hele twee meter naar me toe en lacht zijn gezicht in verwarrende kreukels. Wat mezelf betreft ontken ik het liefst het bestaan van iedere oneffenheid, maar een man wordt pas echt aantrekkelijk met wat rimpels en een grijs waas over zijn haar. Max ontdekte vorige week zijn achtste grijze haar. Max.
    'Kom mee naar mijn boot,' zegt hij zacht. 'Dan zeg je gewoon dat je band lek was, ofzo.'
    Hij ruikt naar troost en motorolie en dure shampoo. Zijn overhemd staat een knoopje te ver open waardoor je zijn Boeddhaketting ziet. Ik voel zijn armen weer, goed, te goed, en stel me zijn legendarische woonboot voor, met een manneninterieur van bank, breedbeeld-tv en bovenmaats bed, waar -
    'Nee,' zeg ik in een oprisping van daadkracht, 'ik moet naar huis. Hoog tijd.'
    De drum ramt met honderdachtenzeventig beats per minuut op mijn oogbollen en de bas is begonnen aan een poging om mijn trommelvliezen door te snijden.
    'Is het niet al te laat?' vraagt Jeroen. Ik doe alsof ik hem niet hoor, draai mijn hoofd zodat zijn kus op mijn wang landt, zwaai zo nonchalant als ik kan en gehoorzaam de beats, die mijn voeten naar de deur dicteren. Buiten gaan ze door, helemaal tot de taxistandplaats, waar ik me op de achterbank laat zakken van de eerste de beste taxi. De chauffeur vraagt waar ik naartoe wil.
    'Nieuwburg,' mompel ik.
    'Nieuwburg?' vraagt de taxichauffeur.
    'Ja, Nieuwburg.'
    'Oké, ik ben nog wel even onderweg,' giechelt hij naar de centrale. 'Ik moet naar Nieuwburg.'          
    'Goede reis, jongen,' kraakt de centrale terug, 'heb je genoeg te eten en te drinken bij je?'
    Ha. Ha. Ha.

    Langzaam wordt het volume omlaag gedraaid en bij de Bijenkorf zijn de beats en de bassen verdwenen. Onderuitgezakt in het witte leer zie ik hoe de avond zich achterstevoren terugspeelt. Jeroens grijns, de toiletbril, armen eindeloos om me heen geslagen, zijn stem zacht in mijn oor, Louise, tegen wie ik nee roep, néé, beelden van Tom & Jerry, Zweedse porno en zoetwaterwalvissen die de vj op ons afvuurt. En daarvoor: een waas dat steeds dunner wordt, verdwijnt, onderuit op de bank bij Heidi, lachen om herinneringen waarvan ik zou willen dat ze niet zo oud zijn, mijn bureau, de telefoon die voortdurend rinkelt, lijn 32 die van de stad naar zand en hijskranen zoeft, de deur die ik voor me dicht laat vallen, Max die me een fijne dag wenst en dan naar de planken van zijn kast staart met een boterham in zijn hand, Junior die met zijn ridderkasteel speelt.

    In de verte doemt Nieuwburg op, in regelmatige blokken. Als we de brug op rijden, komt het laatste restje pizza naar boven.

    ]]>
    <![CDATA[Drank, oh drank ]]>Ik ben dus zwanger en één van de vele consequenties daarvan is dat dingen niet mogen. Zo zijn bloederige biefstukken, intraveneuze drugs en drank geen woorden waar de gemiddelde verloskundige heel enthousiast op reageert. Nou is het leven prima te doen zonder bloederige lappen vlees en injectienaalden, maar drank, oh drank.

    Een koud biertje. Nee, een glas Sancerre, die vriendelijk arriveert en dan je smaakpapillen op de schoudertjes mept en roept: hahaaaa, hier ben ik! Of nee, zo’n zware rode wijn die je mond indendert en je dingen doet roepen als houttonen en verticaal en elegant en stalgeur en snijbloemen en meer van dat soort woorden waarom je normaal gesproken mensen honend voor aanstellers uitmaakt. Of toch maar een koud biertje. Of allebei. Ik lig in het niet-zwangere leven na een paar glazen wijn op de kop in de gracht, maar voel me als Charlie Sheen in een ontwenningskliniek die denkt aan tinkelende glazen en smaken van voorheen probeert te herproeven in de slokken water, thee, water en water. 

    Wat ik maar wil zeggen: geniet van dat koude glas in je hand, lieve medemens. Geniet van het flesje dat je aan je mond zet en van de koelte die je keelgat doorglijdt. Van het ontkurken van de fles, het proeven, het tegen de serveerster zeggen: 'Ja, goed. Lekker.' (Of nog leuker: 'Smaakt toch een beetje naar kurk.') Geniet van dat wat niet vanzelfsprekend is - nee, oh nee.

    In de koelkast ligt een fles champagne die geen champagne is omdat er geen alcohol inzit en niet uit de Champagne komt maar ondanks dat toch een beetje naar champagne schijnt te smaken. Misschien trek ik die open bij het ontbijt en maak ik hem soldaat, gewoon rechtstreeks uit de fles. In één keer, zwalkend door het huis, met ongekamde haren. Wat maakt het allemaal uit.

    ]]>
    <![CDATA[RSS]]>En dan nu even een kort huishoudelijk bericht:

    voor wie mijn site in zijn RSS-reader had gestopt en dacht dat ik het bijltje er bij neergegooid had, qua stukjes schrijven: neen, driewerf neen. Het RSS-ding was alleen stuk. Vervang de oude dus even met de nieuwe: http://www.maaikeschutten.com/rss_nieuws.php

    Einde van dit best wel korte huishoudelijke bericht. 

    ]]>
    <![CDATA[Die arme pakken melk op de boodschappenband]]>Het begon met pakken melk die op de boodschappenband bleven staan, terwijl ik toch echt speciaal naar de supermarkt was gegaan om pakken melk te kopen. Daarna vergat ik meer boodschappen, taken, mijn naam zo nu en dan. Ik had voortdurend de neiging om overal op in slaap te vallen. En mijn brein was als een brie: leuk voor op een toastje, maar verder had je er vrij weinig aan.

    Toen wist ik het eigenlijk al. En een Berlijnse test (ja, je bent in Berlijn en doet eens wat boodschappen) liet er in flinke kapitalen geen verdere misverstanden over bestaan. Duidelijk, maar ook meelevend; een beetje zoals Angela Merkel het mee zou delen, stelde ik me voor.

    Inmiddels doet mijn hoofd het goddank gelukkig gewoon weer en is de behoefte om als een kat overal op te gaan slapen redelijk controleerbaar. Mijn broeken passen nog, maar iemand naar wie we steeds nieuwsgieriger worden begint zich langzaam te manifesteren. Net als in 2007 komen ze samen: eerst het boek, dan de baby. Twee onvergelijkbaar fijne dingen waarvoor bijzonder een understatement is, al wilde ik er hierna verder geen gewoonte van maken.  

    Dus mocht u me zien en denken: goh, heeft die niet wat veel bier gedronken, de laatste tijd? Was het maar waar. En maakt u zich geen zorgen dat ik hier de komende tijd alleen nog maar zal schrijven over Prénatal en ademhalingstechnieken: dat vind ik zo mogelijk nog minder interessant dan u. Zo, en dan ga ik nu even ergens op liggen slapen.

    ]]>
    <![CDATA[Column voor Runners's World: Maaike Leert Lopen]]>Een rubriek in hardloopglossy Runner's World, waarin ik als renleek probeer te leren hardlopen. Hieronder deel 1.

    Sport en ik: wij zijn nooit vrienden geweest. Laat staan hardlopen en ik. Hardlopen bonkt en rammelt je hersens door elkaar, was mijn constatering na een paar halfslachtige pogingen. Enthousiaste lopers in mijn omgeving spraken dat tegen. Ik zou het ook kunnen, zeiden ze - iedereen kan het. Voor hardlopen moet je gebouwd zijn, zei ik dan altijd, en dat ik meer een fietser was. De laatste keer dat ik naar een spinningklasje ging was vier jaar geleden.

    Toch was ik altijd jaloers. Op de voldoening en de blakende gezondheid die de hardlopers uitstraalden. Op het ergens aan bouwen, steeds beter worden. Waar je ook bent gewoon je schoenen aantrekken en even die endorfine incasseren. Onderdeel zijn van een wereldwijde club van mensen die het eens is over de geweldigheid van hardlopen.

    Een paar keer overwoog ik een serieuzere poging. En toen mijn wederhelft tijdens een trip naar New York iedere ochtend een rondje door Central Park maakte, liep ik bijna achter hem aan. Maar toen dacht ik weer: het bonkt, ik ben meer een fietser en draaide me nog eens om.

    De hardlopers in mijn omgeving gaven zich echter niet gewonnen. Ook jij kunt het, bleven ze zeggen. Na een tijdje raak je verslaafd, zeiden ze, zul je zien. Als dat eens zou kunnen, dacht ik.

    En toen de hoofdredacteur van dit maandblad ook zei dat ik het kon, dat iedereen het kan, besloot ik deze stok achter de deur aan te pakken. Een wereldwijde club was eensgezind over het genot van hardlopen en ik was de enige die geen lid was. Ik downloadde een personal coach op mijn iPhone, vond mijn schoenen op een zeer onwaarschijnlijke plek en liep de straat op.

    Run - for - one - minute, zei de personal coach. Ik gehoorzaamde met een drafje, zoals ik buurtgenoten ook altijd zag draven. Het zag er best echt uit. Walk - for - one - minute. Oké, prima. Dit kon ik. Run - for - two - minutes. Ik draafde voorbijgangers voorbij, slenterend in gewone kleren. Arme mensen. Wat een fijne buurt was dit eigenlijk om te lopen, langs het IJ en de boten. Dag eendjes.  Ik rende, liep, rende, liep en voor ik er erg in had mocht ik alweer stoppen. Well - done, zei de personal coach.

    De deur weer openen voelde als een aspirant-lidmaatschap. De rest van de dag speurde ik hoopvol naar verslavingsverschijnselen. 

    ]]>
    <![CDATA[Wat losse flodders op de dinsdagmiddag]]> 

    * Wie zich echt, echt, echt niet meer kan beheersen, kan Bakfietsblues alvast reserveren bij Bol.com, zag ik net.

    * Dat van die lente, enzo: tralalalala.

    * Oh, en dan weet u het wel, natuurlijk: 

     

    ]]>
    <![CDATA[Maxigastcolumn voor chicklit.nl ]]>Een diepgravend onderzoek naar de Revolutionaire Huidverzorging van de Toekomst***, jawel.

    De parfumerie gaf mij testers, in de onvermijdelijke toilettas. Meestal zijn de testers die ik krijg beledigend van aard, variërend van crèmes tegen tired puffy eyes met dark circles tot spullen tegen jeugdpuistjes, maar dit keer waren ze ronduit onbegrijpelijk. Ik weet het verschil tussen een mascara en foundation, ik weet dat blush hetzelfde is als rouge en ik weet dat de Touche Eclat van Yves Saint Laurent een grote bijdrage kan leveren aan het levensgeluk. Maar dit was een toilettas vol wetenschappelijk verantwoorde smeersels waar voor mij geen touw aan vast te knopen was.

    Nou kan ik erg onder de indruk raken van mensen in witte jassen die grensverleggende ontdekkingen doen, dus ik dacht: misschien is die celvernieuwingstechniek wel écht revolutionair. Misschien is het wel echt waar dat het geheim van een jonge huid in je genen zit en dat je huid al binnen zeven dagen zichtbaar verjongd* kan lijken. Want genen zorgen voor de productie van specifieke eiwitten die kenmerkend zijn voor de jonge huid. En na tien jaar onderzoek waren ze er eindelijk achter hoe je de genactiviteit** en daarmee de jeugdheidseiwittenproductie stimuleert*** en je dus voor eeuwig fris en stralend
    Kortom: ik was klaar voor de Huidverzorging van de Toekomst.

    (Overigens, nog even over die toilettassen. Mochten er toevallig marketingmensen van cosmeticabedrijven meelezen: misschien is het een idee om eens een ander cadeau bij zonnebrand-, nacht- en dagcrèmes te doen. Net als waarschijnlijk miljoenen Nederlandse vrouwen kom ik om in de toilettasjes. Mooie, minder mooie, grote, kleine, doorzichtige en gebloemde. Ik kan ieder cosmetica-item dat ik bezit zijn eigen toilettasje geven. Misschien kunnen we toilettassen inzamelen voor een goed doel, net als inktcartridges of oude mobiele telefoons, of er een groot Nationaal kunstwerk van maken. Maar dat dus terzijde.)

    De Huidverzorging van de Toekomst zat in een klein plastic zakje, dat ik voorzichtig open moest scheuren, omdatanders het resultaat van tien jaar intensieve laboratoriumarbeid in mijn wasbak zou verdwijnen. Het was glibberig en niet makkelijk op te smeren, maar een zichtbaar verjongde* huid komt je natuurlijk ook niet aanwaaien. Ik smeerde met zachte, roterende bewegingen, zodat de poriën alles goed in zich op konden nemen (dat had ik ooit eens ergens gelezen) en had het gevoel dat ik heel goed bezig was. Niet vluchtig, niet zomaar wat haastig gesmeer, maar de dingen aanpakken bij de kern: bij de jeugdheidseiwittenproductie***.

    En nu ik toch bezig was, moest ik misschien maar meteen verder met de Double Performance Cell Defence. Dit serum zou mijn zich vernieuwende huidcellen namelijk beschermen tegen 99% van de vrije radicalen en bovendien binnen vier weken zorgen voor een gelijkmatiger teint en een verbeterde huidstructuur****. En ik moest de hydratatie niet vergeten - correctie: het rechargen van de skin. Want natuurlijk hadden mijn huidcellen nieuwe energie nodig. En door de Primordinale Skin Recharge zouden de eerste tekenen van veroudering niet alleen minder zichtbaar blijken; mijn huid zou ook per direct zijdezacht en voller aanvoelen. En zo gerevitaliseerd worden, wie wil dat nou niet?

    Ik smeerde alles keurig volgens de gebruiksaanwijzingen, en de volgende dag ook, en de dag erna, onderwijl denkend aan cellen die zichzelf als een gek aan het vernieuwen waren, genen die niet meer konden stoppen met het produceren van jeugdigheideiwitten en de Double Performance Cell Defence, die al die ijverige microarbeidertjes in mijn huid beschermde tegen alle slechte dingen uit de buitenwereld. Het proces ondersteunde ik met groene thee, groenten, slaap en meer van dat soort dingen waar je modellen altijd over hoort krakelen. Na een week was de toilettas leeg en voelde ik me 11, huidtechnisch dan: glad, egaal, strak en zo stralend dat ik geen lamp meer aan hoefde te doen. Tijd om het keiharde resultaat(* ** *** ****) bij genadeloos daglicht te bekijken.

    Het is moeilijk om de ontluistering in woorden te vatten, maar het kwam erop neer datalles was zoals het was, en dat ik daarvoor nog een heleboel positiviteit uit de kast moest trekken. Ik wist het, ik had het moeten weten. Maar de witte jassen, het onderzoek, de serieuze verpakkingen, de woorden die zo zinnig klonken en die jeugdheidseiwitten, niet te vergeten. Ik zette de toilettas op de plank bij de andere toilettassen en bedacht me wat het slechtst was voor mijn teint: patat, mayonaise, nachtbrakend chocoladerepen eten of misschien allebei tegelijkertijd, wat maakte het ook allemaal uit. Het genot van de illusie en de keiharde smak waarmee je huidcellen daarna weer op de aarde worden gesmeten.

    (Wat dit met mijn nieuwe boek te maken heeft? Niets, maar ik had het idee dat jullie mij wel zouden begrijpen, lieve lezeressen van chicklit.nl. Als chicks onder elkaar, zeg maar. De belofte, de ontluistering en een paar maanden later gewoon weer hetzelfde ritueel van voren af aan. Maar nu we het toch over mijn nieuwe boek hebben: Bakfietsblues heet het, en vanaf ongeveer 20 april ligt het in de winkels en is het uiteraard ook online te bestellen. Sterker, ik geloof dat je hem via deze site ook kunt reserveren. Het is een geestig en op sommige momenten ook best heus ontroerend verhaal over de confrontatie van mid-deriger Noor met het grotemensenleven, in een setting van Vinexzand, clubs die zo cool zijn dat ze geen naam hebben, schoolpleinen, lopende buffetten, hijgerige talkshows en een schoolmusical. Ik heb er hard aan gewerkt en hoop erg, heel erg dat jullie het met plezier zullen lezen.)  

    * Getest op 34 Amerikaanse vrouwen die naar zichzelf moesten kijken in de spiegel (cosmetoklinische zelfevaluatie, noemen ze dat) en moesten zeggen of ze vonden dat ze er nou jonger uitzagen of niet.
    ** Getest met wat scheikundige afkortingen bij elkaar op een petrischaaltje.
    *** Getest op 24 Franse vrouwen die een aantal dagen achter elkaar de Huidverzorging van de Toekomst op hun gezicht smeerden, geobserveerd door mannen en vrouwen in witte jassen.
    **** Getest op 40 vrouwen die na vier weken smeren in de spiegel moesten kijken en vertellen wat ze er nou eigenlijk zelf vonden.

    ]]>
    <![CDATA[O ja, ik ging dus naar het Boekenbal ]]>Ik ging dus vorige week naar het Boekenbal. Tot mijn verbazing trouwens, want ik had verwacht dat ik gewoon ouderwets niet naar het Boekenbal mocht, net zoals vorig jaar en het jaar daarvoor. Maar een week of twee voor het bal belde redactieassistent Marieke: ‘Ik hoor net dat je nog maar een dag hebt om de antwoordkaart in te vullen!’
    ‘Antwoordkaart?’ vroeg ik.
    ‘Voor het Boekenbal!’ riep ze.
    ‘Voor het BOEKENBAL!?’ riep ik.
    Als ik verbaasd ben, herhaal ik blijkbaar dingen.

    Maar goed, het Boekenbal. Ik kocht op het allerlaatste moment een jurk, rende door de kou naar de Stadsschouwburg en verloor als een heuse Assepoester mijn schoen (‘Je schoen!!’ riep iedereen behulpzaam, maar met hakken van 11 centimeter merk je dat best een beetje). Eenmaal binnen bleek het Boekenbal het rodeloperige evenement dat ik verwachte, maar dan gemixt met vertrouwde feestelementen als een lange rij voor de garderobe, een nog langere rij om muntjes te kopen en vrouwen die zich afvroegen of ze de muntjes misschien het handigst in hun bh konden bewaren, wat het iets heel geruststellends gaf.

    We liepen rondjes door de gangen en zalen van de Stadsschouwburg, ik vergaapte me aan oude schrijvers, jonge schrijvers, schrijvers waarvan ik niet wist dat ze nog leefden, kroonluchters,  bekende en semi-bekende Nederlanders waarvan ik me van sommigen afvroeg of ze ooit wel eens een boek vastgehouden hadden, politici, ex-politici, Dr. Frank, tv-priesters, goede jurken, verschrikkelijke jurken en uitgeeflegendes. Ik praatte met mensen die ik kende, met mensen die ik niet kende en met mensen waarvan ik het niet meer zeker wist en iedereen die klaagde over zere voeten duwde ik mijn 11 centimeter hoge hakken onder de neus. Het was een boekengala en een reclamefeestje maar dan met uitgeefmensen tegelijkertijd en naarmate de avond vorderde, werden daar steeds meer Oud-Hollandse bruiloften-en-partijen-ingredienten aan toegevoegd. Denk aan de beleidsloze DJ, tongende mensen op de trap, schoenen die uitgetrokken worden en dames van middelbare leeftijd op de dansvloer die de haren eens goed losgooien. Niemand knokte met niemand, iedereen werd dronkener en dronkener en de DJ zette na een dreunende housestamper maar eens een plaatje van de Rolling Stones op. Kortom: reuze gezellig allemaal. En mijn excuses dat ik dat niet gewoon wat eerder meldde. Zoals de dag erna, bijvoorbeeld. Maar dat valt tegen hoor, die volgende dag. Poeh. 

    ]]>
    <![CDATA[De Stentor en de Marie Claire ]]>Bakfietsblues laat nog een maandje op zich wachten, maar Marie Claire en de Stentor besteedden alvast aandacht aan respectievelijk het boek en mij. Ziet hier. En ja, dat van die accordeon is echt waar.  





    ]]>
    <![CDATA[Hallo]]>Ik ging naar het boekenbal. Ik zat idyllisch te doen op een berg. En er zijn nog een heleboel meer dingen waarover ik wil vertellen, maar waar ik van geen meter aan toe kom. Note to self: agenda minder strak plannen, zodat ik hier ook nog eens iets kan schrijven. Volgende week beter, beloofd.

    ]]>
    <![CDATA[Het komt langzaam dichterbij ]]>Het is bijna maart en dus bijna april, en dus best al wel bijna 20 april, wanneer Bakfietsblues hopelijk door het hele land in kolossale stapels in de winkels zal liggen, zo dik dat het zicht op Dr. Frank en Dan Brown en Stieg Larsson ontnomen wordt (soms droom ik graag een beetje).

     Dat betekent dat er langzaamaan dingen gebeuren. Met pers en promotie en andere snode plannen - en ik mag 9 maart met een heus kaartje naar binnen op het Boekenbal, waar ik naast Harry M. op het trapje zal gaan zitten en hem op zijn schouder zal slaan en 'héé, Harry, Harryyyy, Harrytjeee' zal roepen en daarna op de vuist zal gaan met Beau van Erven Dorens (soms fantaseer ik graag een beetje) (niet dat ik iets tegen Beau van Erven Dorens heb trouwens, maar een relletje met Beau hoort er voor mijn gevoel gewoon bij).

    Anyway, langzaamaan gebeuren er dingen. Daarom kun je je nog steeds helemaal gratis en voor niets inschrijven voor de onregelmatig verschijnende Maaike Schutten Monthly, want het zou zomaar kunnen dat er binnenkort eentje verstuurd wordt. Met een voorpublicatie, of zoiets. Een mailtje met 'Kom maar door' en het is geregeld. 

    Tot zover deze deels commerciele mededeling.

    ]]>
    <![CDATA[Een herinnering uit een vorig leven]]> 
    We moesten op cursus. Ik dacht zelf aan een cursus Hoe Krijgen We Een Project Fatsoenlijk Van De Grond, of Een Concept Ontwikkelen, Ook Een Vak, maar in plaats daarvan gingen we ons storten op de Positiviteit.

    De cursus werd gegeven door een positiviteitscoach, die kantoor hield op een industrieterrein in Almere. Voor een stukje inspirerend contextgebeuren, zeg maar. We begonnen met het positiviteitsprisma, want het ging allemaal om positieve energie, zo vertelde de cursusleidster. Als je je ergert aan een collega, omdat je hem onmenselijk stom vindt bijvoorbeeld, maakt dat negatieve krachten in je los. En dat is dus niet goed voor je. Enter het prisma: een mentale stralingsverbuiger, waardoor je stomme collega plots heel leuk lijkt. En na verloop van tijd zijn je negatieve gevoelens dan - hopla! - verdwenen.

    Om het prisma te activeren, moest ik tien positieve eigenschappen van mijn minst favoriete collega opnoemen. Ik zei dat ik vond dat hij heel goed overhemden kon strijken en probeerde uit alle macht nog meer pastelkleurigs naar boven te halen, maar toen dat wat lang duurde, sloeg de cursusleidster haar armen nogal ferm over elkaar.
    ‘Nou moet ik je écht even feedback geven, hoor,’ zei ze. ‘Het prisma is geen eenrichtingsverkeer, he. Om liefde te ontvangen moet je ook zenden.’ 
    ‘Ja, oké, maar...’ mompelde ik.
    ‘Ik zie het al, we moeten bij jou bij de bron beginnen. We gaan een oefening doen.’ Ze pakte een papier en legde het voor me op tafel, hoewel smijten ook geen verkeerd woord was geweest. ‘Formuleer deze volgende zinnen positief. Het glas is niet leeg.’
    ‘Euh... het glas is best vol?’
    ‘Ik vind je jas niet mooi.’
    ‘Ehm... de kleur is apart?’
    'Je bent te laat.'
    'Volgende keer misschien ietsje meer op tijd?'
    De cursusleidster knikte enthousiast. ‘Zíé je nou hoe lekker dat is?’ grijnsde ze.
    Ik knikte, omdat ik ook niet wist wat ik anders moest doen. Knikken kan nooit kwaad.

    Ik vond haar een karaktervolle vrouw, met een uitdagende kantooromgeving en een opmerkelijke blik op de wereld.

    ]]>
    <![CDATA[Vrouwenvragen]]>Ik las wat berichten over het Opzij Vrouwenboekenbal. En hoewel het me reuze gezellig lijkt (een feest in Panama met ongetwijfeld drank en muziek en en allerhande andere gezelligheid, dat kan niet misgaan) vraag ik me een aantal dingen af.

    Begrijp me niet verkeerd: ik ben de voormoeders ontzettend dankbaar voor het feit dat ik mijn leven kan leiden zoals ik dat wil en niet als een Betty Draper hoef te roddelen met de buurvrouwen en dingen in grote schalen hoef te koken, hoewel ik dat laatste nog wel leuk zou vinden. Zo’n enorme stoofschotel bijvoorbeeld, ik zou niet weten hoe dat moet. Of een geroosterd dier, met een appeltje in zijn bek. Maar ik dwaal af.

    Het Vrouwenboekenbal. Ik wil niet roepen dat het de duivel is of dat het met pek met veren weg moet. Iets met boeken is altijd leuk en iedere gelegenheid om een jurk en onmogelijke schoenen uit de kast te trekken is een goede, ik vraag me alleen af: waarom? Hebben vrouwen in de boeken het slecht? Goed, het zal vast zo zijn dat er meer literaire prijzen gewonnen worden door mannen, maar als ik door een boekwinkel loop of de bestsellerlijsten bekijk, heb ik niet de indruk dat vrouwelijke schrijvers slecht gelezen worden. Of dat vrouwen niet genoeg lezen.

    Misschien willen ze serieuzer genomen worden - of we, moet ik eigenlijk zeggen. In dat geval heb ik nog een vraag. Want helpt het dan om een vrouwenbal te organiseren? Om een literaire stroming voor vrouwen te starten, als je net als mannen behandeld wilt worden? Helpt het om een heleboel vrouwen rond een tafel te zetten als je vindt dat er teveel testosteron op tv is?

    Mogelijk wat simpel, maar ik heb altijd gedacht dat als je iets wilt, je geen dekking moet zoeken bij elkaar, maar dat je dat moet doen - of op z’n minst proberen. Wil je belangrijk worden bij iets groots en beursgenoteerds? Doe je best. Wil je dat niet? Dan ga je niet. Wil je minder mannen op tv? Zorg dat je beter wordt dan Jeroen Pauw. Wil je serieus genomen worden? Doe dan je stinkende best om zo goed te worden als je kunt.

    Als ik schrijf, ben ik schrijver. Als ik reclame maak, ben ik copywriter. Als ik naar het toilet ga, kies ik de dames. Als ik thuis ben, ben ik moeder, soms een beetje vader. Als ik een nieuw paspoort haal, ben ik V en als ik boodschappen doe, ben ik de pinpas. Of anders gezegd: soms is het relevant dat je vrouw bent, en soms doet het er niet zo toe.

    Zo, dat lucht op.

    ]]>
    <![CDATA[Na het lezen van dit stukje heeft u waarschijnlijk even niet meer zoveel zin in een pannenkoek]]>voetbalstadion moest ik denken aan het pannenkoekenrestaurant. Daarom neem ik u in de serie ‘pittoreske ploeterherinneringen’ mee naar een pannenkoekrestaurant ergens in het midden van het land.

    Picture this: heuvels, bos, sprookjesfiguren waar je kijkt. Een eigenaar die uitstekend geld kon tellen, maar spellen wat lastiger vond. Een pannenkoekmenu dat je op sommige punten experimenteel kon noemen; zo was er de pannenkoek met hachee, de pannenkoek met shoarma - en laten we die met gehaktschijven niet vergeten.  

    In dit pannenkoekrestaurant was ik pannenkoekserveerster, wat neerkwam op zoveel mogelijk borden op je arm laden (zeven maximaal, als ik het me goed herinner) en die zo snel mogelijk naar de juiste tafel zien te krijgen zonder daarbij al teveel kinderen omver te lopen. (Kinderen waren op dat punt in mijn leven niet mijn favoriete mensvorm.) Ook leuk: groepen wielrenners in zeemleren pakken die alle 26 een kopje koffie bestelden en die allemaal apart wilden betalen.

    Als ik niet met armen vol pannenkoeken of een dienblad met 26 opgestapelde kopjes koffie rond balanceerde, hopend dat er in godsnaam geen kleuter besloot om tegen mijn benen aan te rennen, wachtte ik bij een luik tot er een nieuwe lading pannenkoeken naar buiten werd gespuwd. Het was zaak om altijd even te inspecteren of het er een beetje schappelijk uitzag; een al te aangebrande pannenkoek kon het beste omgedraaid worden, tenzij er hachee of een gehaktschijf op lag.  

    Aan de andere kant van het luik stond voor het bakken van al die koeken een chef-kok. Jawel, een chef-kok. De chefkok was gezegend met een Theo van Gogh-achtig postuur en stond bij voorkeur shagrokend achter zijn pannen. Shaggie in de ene hand, lepel in de andere. Af en toe verdween er wel eens wat as in een pannenkoek, maar ach, dat viel minder op dan de pleisters, nietjes en spijkers die ook wel eens aangetroffen werden. In diezelfde keuken werden trouwens ook huzarensalades, uitsmijters en soepen (groentesoep was soep met groenten, tomatensoep was groentesoep met een paar blikken tomatenpuree erdoor) bereid, zonder al teveel aandacht voor het wassen  van handen. Minstens één keer per week belde er iemand om een voedselvergiftiging te melden.

    Chefkoks haar was niet het type haar dat er graag shampooschoon en glanzend bij deinsde en zijn broek etaleerde een wittig bouwvakkersdecolleté, wat het krabben aan zijn kont tussen de shagjes door vergemakkelijkte. Naar verluid kwam de hand eens van een krabtocht terug met  - nee, dit is te ranzig. Als ik nou een paar hints geef - anale aandoening, bloed - moet u de conclusie zelf maar trekken, als u dat wilt.

    Nadeel van het baantje was dat je er zelf ook moest eten. Dus als het lunchtijd was, liep je de keuken in en gaf je een zo veilig mogelijke bestelling door. De chef-kok knikte en drukte zijn shaggie uit. Zijn hand zakte achter de band van zijn broek omlaag. Aan de andere kant van het luik ging de telefoon.  
    ]]>
    <![CDATA[Wat volslagen pretentieloos gebabbel over Berlijn en andere dingen (met plaatjes)]]>Het was koud in Berlijn, min 8 overdag. Note to self: ook eens stedentripjes plannen in het voorjaar, of - doe eens gek - in de zomer. Zo is Berlijn in mijn beleving een oord waar je iedere keer meer kleding aantrekt en ik geloof eigenlijk niet dat het in New York ook wel eens warmer dan 5 graden celsius is. Volgens mij doen ze gewoon alsof op televisie. Maar dat terzijde.

    Het voordeel van min 8 overdag is dat je het gevoel hebt dat je bovenmenselijke prestaties levert wanneer je je, gekleed als een kruising van een Ampel- en een Michelinmannetje, van A naar B begeeft, die ter plekke van B onmiddellijk beloond moeten worden met eten, drank, kleren en meer van dat soort opiums voor het volk. En dat je heel veel doet, want welke gek gaat er nou zomaar een beetje rondlanterfanten met het risico dood te vriezen tegen een worstkraampje?

    Zo zag ik sneeuwpoppen demonstreren tegen de opwarming van de aarde:


    En eindelijk een realistisch beeld van Michael Jackson:



    en bracht de radio het droeve nieuws dat the Scorpions uit elkaar gingen. 'Op hun hoogtepunt,' zo vertelde de zanger.

    Ook kreeg ik een struik in mijn thee.



    Verder ontving ik een mooie tekening van San. F. Yezersky bij wijze van inzending voor de word-lid-van-de-nieuwsbrief-en-win-een-vooruitexemplaar-of-maak-anders-gewoon-de-slagzin-af-het-kan-allemaal-wedstrijd:



    Kortom: het was mij het weekend wel.

    En bij thuiskomst trof ik dit aan op de Luitingh-Sijthoff-stand op de Intres-beurs voor boekhandelaars:


    ]]>
    <![CDATA[Win dat eigenlijk alleen voor de pers bedoelde vooruitexemplaar van Bakfietsblues!]]>Bakfietsblues verschijnt pas in april, maar het grote bakfietsbluespromotiecircus is al lang aan de gang. Daarom zijn er een aantal vooruitexemplaren gedrukt, hele mooie, met een omslag en tekst erin en bladzijnummers en alles, voor de pers en voor boekhandels die Bakfietsblues hopelijk in dusdanige stapels in hun winkels willen leggen dat er amper nog te lopen is en het zicht op al het andere ontnomen wordt. Ehm, ja.

    De vooruitexemplaren dus. Ik mocht er een paar meenemen om weg te geven: aan jullie, natuurlijk. Wil jij zo’n exclusief exemplaar winnen en zo drie maanden voor de publicatiedatum alvast onder zwaar embargo aan het lezen slaan? Dan hoef je maar één ding te doen: lid worden van de zeer onregelmatig verschijnende Maaike Schutten Monthly door een mailtje te sturen met het subject: ‘Ja, doe maar!’ naar mail@maaikeschutten.nl. (De Maaike Schutten Monthly is gegarandeerd gezellig, verschijnt alleen als ik wat te melden heb en is op ieder moment weer opzegbaar. )

    Ben je al lid van de zeer onregelmatig verschijnende Maaike Schutten Monthly of denk je: ik wil geen e-mails van Maaike Schutten ontvangen? Maak dan kans op één van de exemplaren door de volgende slagzin af te maken:
    Mijn persoonlijke mening aangaande bakfietsen kun je formuleren als volgt: .............................................

    Je kunt reageren met de reactiemogelijkheid op deze site, of je antwoord via Facebook of Hyves. Of twitter het me op @MaaikeS met #bakfietsblues erachteraan. Dan zijn we helemaal 2.0 bezig.

    Oh, en trouwens, als je nou denkt: Bakfietsblues, dat lijkt me nou echt een boek voor die-en-die, stuur deze link dan gerust door naar die-en-die, die zich met een mailtje naar mail@maaikeschutten.nl ook zo abonneert. Of nog leuker: stuur mij het e-mailadres van die-en-die, dan stuur ik hem of haar een persoonlijk uitnodigingsmailtje.Tot zover deze commerciele mededeling.



    ]]>
    <![CDATA[Ach en wee en het zeshoekige hoofd van Jermaine Jackson]]>
    De tijd was niet lief geweest voor alle broers. Met name niet voor Jermaine, die bewees dat Klussen Met Je Hoofd een familiehobby is, met als resultaat een doorgebotoxt zeshoekig hoofd, geaccentueerd door een kapsel dat sinds MC Hammer niet vaak meer gesignaleerd wordt. Qua kleding probeerde hij vast te houden aan de and-when-the-rain-begins-to-fall-look, maar dan die van Pia Zadora.

    Maar goed, het ging natuurlijk allemaal om de muziek. De broeders gingen de studio in om daar dingen in te zingen en ruzie met elkaar te maken. Er werd meteen gezorgd voor een spanningsboog. De ene Jackson vond dat de andere Jackson niet mooi zong en nog een andere Jackson wiste dat dan weer van de opnametape. En broer Tito wist nog even heel integer zijn 3T-zoons erin te wurmen, u weet wel, die jongens van hits als, uhm. Vervolgens gingen de broers één voor één bij Moeder Jackson klagen dat een andere broer gemeen tegen hem was en moeder Jackson zuchtte ach en wee.

    Jimmy Jam en Terry Lewis, twee grote, gezellige mannen met hoeden op, zouden het nieuwe meesterwerk van de Jacksons gaan produceren. Na uitgebreid gestrooid te hebben met woorden als ‘legend’ en ‘icons’ kwam het gesprek op wat praktische zaken.
    'Nu Michael er niet meer is, is de leadzang wel een eh, dingetje,’ zei Jimmy Jam of Terry Lewis. ‘Wie gaat dat oppakken?’
    ‘Ehm, nou, ikikikikikikikik!’ schoot Jermaines zeshoekige hoofd uit. Uit respect voor Michael, natuurlijk.

    Ondertussen had Jermaine in een serie bloezen met opstaande kragen buitengewoon spontane gesprekken met zijn vrouw (wist u trouwens dat de jongste zoon van Jermaine Jermajesty heet? Maar dat terzijde) over het Grote Eerbetoon voor Michael, dat uit respect voor Michael georganiseerd zou gaan worden. Hij was alleen even een beetje vergeten zijn broers te vertellen dat hij een persconferentie ging geven in Wenen, waarop er weer van verschillende kanten geklaagd werd bij Moeder Jackson, die ach en wee zuchtte.

    Volgende stap in de Jackson-wedergeboorte was een fotoshoot, maar Jermaine was er niet, want zijn broers deden gemeen. U begrijpt: de spanning, de spanning. Zal het de Jackson 5 lukken om met z’n vieren een concert te geven? En maakt het iemand uit? U ziet het, volgende week bij The Jacksons, Echt Heus Aleen Maar Uit Respect Voor Michael.

    ]]>
    <![CDATA[Wat Zezunja niet wilde weten over de knakworstenepisode van mijn leven (maar u natuurlijk wel)]]>Soms komt een gesprek opeens op knakworsten. Zoals die dingen kunnen gaan. De ene keer gaat het over het leven als zodanig, de andere keer over het botoxhoofd van Jermaine Jackson en dan weer over knakworsten.

    En als het over knakworsten gaat, dwarrelen mijn gedachten via hotdogs en kinderfeestjes en een experimenteel pastagerecht van een huisgenoot uit mijn eerste studentenhuis naar de knakworstperiode in mijn leven. Hoewel periode een wat groot woord is. Het was een week. Mijn Week van de Knakworst.

    Ik had eindexamen gedaan, bijna vijf maanden zomer voor de boeg en een ongetwijfeld geldverslindend studentenbestaan daarna en dacht: het uitzendbureau. En het uitzendbureau dacht: hee, de knakworstenfabriek. (Voor ik het vergeet: Zezunja, leest u zeker eens haar weblog, wilde graag duidelijk vermeld hebben dat dit het punt is waarop ze niets meer wil weten over knakworsten. Misschien vanwege een knakworsttrauma of een fobie voor glibberige worstjes. Ik zal het haar eens vragen. Maar leest u vooral door.)

    En zo betrad ik de Lupack-fabriek, in een oncharmante jas, oorbeschermers op, operatiehandschoenen aan en zo’n leuk plastic mutsje op. Er waren potige mannen die met hompen slachtafval rondliepen van koeling naar koeling, maar ik kreeg een meisjestaak en werd naar de knakworsteninpakband gebracht. Een band met voorbijrollende blikken voor een band met voorbijdrillende Frankfurters. 10 worsten in ieder blik. Hoe moeilijk kon het zijn?

    Best moeilijk, dus. Knakworsten raceten voorbij, blikken rammelden erachteraan en tien worsten in één greep is heus niet makkelijk. Ik was de enige vakantiekracht in een hecht team van doorgewinterde knakworstenpakkers met een passie voor knakworsten. Ik was dat tutje van het VWO die even een paar weken de arbeider uit kwam hangen en dan op hun belastingcenten de student ging spelen en niet mee kon praten in de pauzes als iedereen stapels boterhammen naar binnen werkte. Ik was die amateur die niet meekwam met al die ervaren handen, doelgericht graaiend van knakworstband naar blik, van knakworstband naar blik, van knakworstband naar blik, altijd met tien Frankfurters. Nooit acht, nooit elf - altijd tien.

    En te midden van al die inpaksuperioriteit stond de knakworstkoningin. De handen van de knakworstkoningin waren niet scherp waar te nemen, zo snel bewogen ze zich van knakworstenband naar blikkenband, ieder uur ontelbaar veel blikken vullend. 'Zij is echt de snelste,' werd vol ontzag naar haar gewezen. Iedereen wilde haar zijn. Iedereen wilde zo efficiënt, zo doeltreffend, zo'n waardevolle bijdrage zijn.   

    Het lawaai van de blikken. De weeë geur van knakworsten en hompen ondefinieerbaar vlees verderop in de hal. Het onmenselijke tempo van de handen van de knakworstkoningin. De blikken van de andere knakworstdames.

    Ik zou nooit een goede arbeider worden.

    ]]>
    <![CDATA[Wat zeggen de sterren? Je persoonlijke jaarhoroscoop]]>
    Waterman
    Het leven is vallen en opstaan, waterman. En 2010 is het jaar van huppelen. Want soms moet er gehuppeld worden in het leven om het ritme van de sterren te voelen. De topmaanden voor de liefde zijn februari, maart en november. In die maanden staat de planeet Pluto namelijk in jouw sterrencirkel. En iedereen weet wat dat betekent. Doe er wat leuks mee.

    Vissen
    Je carrière zit in de lift dit jaar, vissen. (Of moet ik jullie zeggen, vissen? Ik weet het niet zo goed.) Je voelt een circulerend gevoel van kracht in je lichaam en je geest. Zorg ervoor dat je dat kanaliseert in een visie. Want visie is het sleutelwoord, vissen. Let daarbij wel op je bronchiën en op Facebook.

    Ram
    Ram, ram, ram. Oh ram, ram ram. Rammie, ram. Dit wordt een jaar, ram. Dit wordt me er eentje zoals je nog nooit mee hebt gemaakt. Succes, schoenen en synthesizerrevivals. De drie essen, zou je het wel kunnen noemen. Jupiter had je eigenlijk vorig jaar al een droompartner beloofd, maar er ging iets mis in de logistiek. Dit jaar zul je achteraf beschrijven als een synergie van zielen.

    Stier
    Jouw charme, die al niet gering is, lijkt Pokon te krijgen dit jaar. Iedereen loopt met je weg, wist je zelf dat je zo leuk was? Let wel op de pH-waarde van je huid en op je administratie. Je weerzin tegen Lady GaGa zal daar niet tegen helpen. Ook zien de sterren fenomenale verkoopcijfers en - hee, wacht, ik ben stier!

    Tweelingen
    Voor jou krijgt geluk een nieuwe dimensie, tweelingen. (Of moet ik jullie zeggen, tweelingen? Ik weet het niet zo goed.) Mannen dan wel vrouwen (haal door wat niet van toepassing is) buitelen over je heen, zoveel dat het soms eigenlijk niet meer leuk is. Je zult veel nadenken over kwantiteit, kwaliteit en vriendschap en ook het kofschip zal veel in je gedachten voorkomen. Geniet ervan, tweelingen.

    Kreeft
    Granen zijn dit jaar heel belangrijk. Granen en oranje groenten. Jouw liefdesleven, daar zal iedereen in 2010 jaloers op zijn, kreeft. Je voelt je enorm aangetrokken tot mensen, mensenmens dat je bent. En rondom 16 maart zul je ook in contact komen met diepere aspecten van iemand in wie je helemaal geen diepte had verwacht. Als je al lang en breed gesetteld bent, telt dit natuurlijk niet voor jou. In dat geval: oranje groenten, kreeft. En granen.

    Boogschutter
    Oei, wat een stoute toestanden, Boogschutter. Wat een spannende toestanden, zeg. Sjongejonge. Vooral de eerste zes maanden van dit jaar ben je de kroonluchters niet uit te slaan. Het universum ziet alles dat je doet en bloost er een beetje van. Laat je er lekker door meeslepen, boogschutter, maar pas op met oneven getallen.

    Leeuw
    Reflectie, Leeuw, daar draait het allemaal om de komende maanden. Reflectie over je innerlijke zelf, de liefde en het leven als zodanig. Je reflecteert en je reflecteert tot je erbij omvalt en je denkt: nou is het wel weer mooi geweest met dat gereflecteer. En op dat moment is de drankenkast nooit ver weg.

    Maagd
    De wereld ligt aan je voeten, maagd. En voor het geval het daar al lag, ligt het daar gewoon nog wat meer. Voor succes hoef je dus eigenlijk alleen maar omlaag te kijken. Het draait om groei, wijsheid, inzicht en wereldvrede. Maar let op je rust, Maagd. Want Saturnus kan je natuurlijk niet de hele tijd in de gaten houden.

    Weegschaal
    In de zomer wordt een hittegolf voor jou voorspeld, weegschaal. Op liefdesgebied, welteverstaan. En dan bedoelen we het metafysische gevoel van liefde, dat om ons allen is, maar om jou in het bijzonder. Houd vast aan je waarden, maar als het even beter uitkomt om dat niet te doen, laat ze dan gewoon varen. Innerlijke balans is de sleutel tot succes, weegschaal. Maar dat hoeven we jou natuurlijk niet te vertellen.

    Schorpioen
    2010 is het jaar van de waarheid, schorpioenen. Verwacht drastische veranderingen op je pad. Denk aan een onverwachte carrière als topmodel, een politieke partij of een hoofdrol in een Amerikaanse speelfilm. Let daarbij op vitamine C en de Backstreet Boys, Ram. Het schijnt dat die weer bij elkaar zijn en dat is voor niemand leuk.

    Steenbok
    Iedereen wil je vriend zijn dit jaar. Maar wat is een vriend, steenbok? Je visie daarop zou wel eens een compleet nieuw gedachtenkader kunnen krijgen, onder leiding van planeet Jupiter. Wees niet bang om jouw dromen werkelijkheid te laten worden, steenbok. De kleur blauw zal je daarbij veel rust geven.]]>
    <![CDATA[Column voor DRIFT: brief aan Madonna]]> Lieve Madonna,

    We moeten praten. Ik heb het maanden voor me uitgeschoven, maar ik kan er nu echt niet meer onderuit, Madge. Ga anders even zitten.

    Een tijdje dacht ik dat ik gewoon bang voor je was. Voor je kabelbenen en je gerolschaats in regenboogpakjes. En je armen, niet te vergeten. Maar het bleek ernstiger te zijn. Ik heb het lang weten te onderdrukken, maar toen ik je laatste videoclip zag kon ik er niet meer omheen: ik vond je - ehm, ja - vervelend.

    Ja, ik schrik er ook van. Want dit soort dingen zeg je niet over the queen of pop. En ik was fan van je, echt.

    Je was cool en eigengereid en je liet ons zien dat je de wereld ook prima kunt veroveren in een puntbeha. En op een rare manier leek je me ook best aardig. Lang had ik het idee dat tijd geen grip op je had en dat je voor eeuwig 35 bleef. En als je toch oud zou worden, zou je dat sjiek doen, stelde ik me voor. Je zou boven het concept Leeftijd staan, of er een nieuwe invulling aan geven, zoals je dat ook deed met trouwjurken, seks en schoonheidspukkels.

    Ik denk dat het mis begon te gaan bij de balletpakjes. Spiri-Madonna was leuk, de cowboyhoed prima, maar die balletpakjes: nee. Die waren een retro-achtig excuus om ons bang te maken met je stalen billen. Ik hoopte dat het een postmodern grapje zou zijn (‘Een discoplaat in een balletpakje, dacht je dat? Daar ben je mooi ingetrapt, haha!’), maar je bleef erin hangen. En hoe minder broeken je droeg, hoe minder verrassend je werd. Zingen aan een glitterkruis? Echt, een kruis? Again?

    En toen begon de gaapfactor in te treden. Ja, ik had ook niet gedacht dat ik dat ooit over je zou zeggen, maar inderdaad: gaap. Je hoofd werd strakker en chagrijniger, je deed een Demi (knulletje Jezus), een Angelina (Benetton-kindjes verzamelen) en een Bono (op humorloze wijze ervan overtuigd zijn dat jij de redder van de wereld bent) en je recyclede jezelf, maar dan op een manier dat kinderen het eng vinden.

    Het probleem is niet dat je oud bent, maar dat jij daar een probleem mee hebt. Madge, ik zeg dit met liefde, maar het is tijd. Voor een autobiografie, voor beenbedekkende kleding of het gouverneurschap van Californie, maar vooral: om te stoppen, nu het nog eervol kan. Lach eens om jezelf, als dat nog lukt met je nieuwe hoofd en overweeg een afscheidstoernee. Voordat onze herinneringen aan navels en playbackdansjes op Like a Prayer overwoekerd worden door het beeld van een krampachtige vrouw die op pezige benen achter de tijdsgeest aanrent.

    Met weemoedige groet,
    je Maaike ]]>
    <![CDATA[Maaike Schutten tekst & concept ]]>Freelance sinds 2004. Ik heb gewerkt op klanten als KPN, Delta Lloyd, Heineken, T-Mobile, Peugeot, Planet Internet, Het Net, Interpolis, Rabobank, Simyo, Nivea, Old Amsterdam, Bol.com, Amstel, FBTO, Zwitserleven en Zonnatura, bij onder meer Lowe & Draft, Qi, Kong, Euro RSCG, Hendrikus, Achtung!, Lost Boys, NewMessage, Lemz en They.

    Ik sta met de voeten in de online wereld, maar heb een kamerbrede focus in het hoofd. Cross-media, zou je dat modern kunnen noemen, of 360 graden voor mijn part. Bottomline: een concept is geen trucje, maar een idee dat je eindeloos uit kunt voeren. Of dat nou met een banner is, een mailing, een online soap, een game, een advertentie of een magazine. Ik hou van slim en ogenschijnlijk eenvoudig werk, dat tot in de puntjes is afgewerkt. Een specialisme heb ik niet: ik schrijf met net zoveel plezier long- als shortcopy, pay-offs, themaregels, radiocommercials, voice-overs en scripts.

    2003 – Financial Marketing Award (Zwitserleven)
    2003 – Nominatie E-mail Marketing Award (Zwitserleven)
    2006 - CyberLion (KPN, Het Huis van Morgen)
    2006 - Nominatie ADCN (KPN, Huis Van Morgen)
    2007 - Webby Award (KPN, Huis Van Morgen)
    2007 - Nominatie Dutch Bloggies (Beste Persoonlijke Weblog)
    2008 - Nominatie Spin Awards - Online Campagne (T-Mobile, Wendy)
    2008 - Nominatie Spin Awards - Interactieve Videoconcept (T-Mobile, Wendy)
    2008 - Nominatie Spin Awards - Crossmedia (Heineken, Speakerkratjes)
    2008 - Esprix (Heineken, Speakerkratjes)
    2009 - SAN Accent (Heineken EK)
    2009 - Esprix (Heineken EK) 


    Contact? Mail@maaikeschutten.nl.

    ]]>
    <![CDATA[George: een klassieke kersttragedie]]>
    Nou, en dit jaar doen ze dat dus weer. Ze zitten in dezelfde blokhut en na het kerstboom versieren en tafel dekken gaat iedereen in vrolijk gekleurde kabeltruien sneeuwballen gooien. Maar George niet, die staat op een afstandje heel sip naar de sneeuwbalgooiers te kijken, met een zwarte bontmuts over zijn coupe soleil.

    En bij het kerstdiner zit het meisje met de donkere krullen klef te doen met Andew Ridgely. Ontzettend stom natuurlijk, want iedereen weet dat die man weinig meer kan dan Speedo’s dragen en tamboerijn spelen. En ondertussen steels naar George kijken hè, de trut. George doet z’n best om leuk te praten met inwisselbare mensen, maar je ziet dat zijn hart pijn doet. Dat zie je gewoon.

    George speelt wat met zijn wijnglas en denkt aan vorig jaar, toen hij in jaren ’80 Uggs en een lange damesjas achter haar aanrende in de sneeuw. God, hij dacht dat zij iemand was om te vertrouwen en ze vielen in de sneeuw en dat was grappig, joh.

    Maar goed, dat was ze dus niet en nu heeft hij zijn hart aan een speciaal iemand, een speciaal iemand gegeven, om het huilen te stoppen.

    Daarom voor iedereen aan wie ik geen kerstkaart stuur (en dat is iedereen): hier nog één keer George. Want zonder George geen kerst, zei mijn oma altijd al.


    ]]>
    <![CDATA[Ondertussen in Amsterdam-Oost]]>


    En een brochure (oké, die was er eigenlijk al een paar weken, maar ik dacht: nu ik toch foto's zit te maken):




    ]]>
    <![CDATA[Lijstjesbonanza (deel 1)]]>

    In ieder zichzelf respecterend medium is het al weken lijstjesbonanza. Leuk, ik ben dol op lijstjes. Sterker: ik ben er van overtuigd dat bijna alles leuker wordt in een lijstje. De raarste beelden op Google Streetview, bijvoorbeeld. Of de slechtste Beatle-covers ooit.

    Waar ik alleen een beetje van schrik is dat iedereen in plaats van jaarlijstjes meteen maar los gaat op lijstjes van het afgelopen decennium. De jaren ‘0? Ik weet nog als de dag van gisteren hoe ik partyde alsof het 1999 was en nu beginnen we al bijna weer aan de jaren ’10, verdorie. Niet dat het geen leuk decennium was, integendeel, het was een topdecennium, het beste decennium van alle decennia die ik tot nu toe mocht beleven, een decennium dat een hoger cijfer waard is dan een 0, maar de tijd vliegt, de jeugd van tegenwoordig, oh, ik word oud.

    ]]>
    <![CDATA[O ja, en er waren foto's]]>tete-a-tete met een bakfiets, bij wijze van een stukje fotografisch vastgelegd thematisch boeksymboliek-inlevingsgebeuren, die aanvankelijk resulteerde in het gevoel dat ik een SUV was en uiteindelijk uitmondde in totale paniek voor het Centraal Station, omdat dat het bakbeest niet bepaald soepel tussen taxi's en trams en stonede toeristen zwenkte. Deze resultaten daarvan en van ander thematisch boeksymboliek-inlevingsgebeuren komen níet achterop mijn boek. Onder meer vanwege het ontbreken van, uhm, ja, een hoofd.












    ]]>
    <![CDATA[Een tadaa-situatie zo vlak voor het weekend]]>erop/er op/ eroverheen/er overheen/er over heen/erover heen en hoofdletters in kleinkapitaal zetten en vraagstukken over wat een kastlijntje nou eigenlijk precies is en het verwijderen van hardnekkig opduikende blokjes die opdoken op plekken waar ze niet op hoorden te duiken, waarbij ik niet te hard probeerde te denken aan het moment waarop ik mijn afstudeerscriptie uitprintte en tot de ontdekking kwam dat de helft veranderd was in een zee van driehoekjes. (Een vrij dramatisch verhaal was dat, maar niet zo dramatisch als het verhaal dat ik hoorde over een medestudent die zijn scriptie over 'banking' door een grappige vriend veranderd zag in 'wanking'. Maar dat terzijde.)

    En terwijl ik de afgelopen tijd noest tikte, werd er een omslag gemaakt en foto's en een mooie brochure, die as we speak bij de Nederlandse boekhandels bezorgd wordt (of is, dat kan natuurlijk ook). Daarom leek mij het wel een goed moment om het omslag maar eens te laten zien. Een erg fijn omslag, vind ik zelf, gemaakt door de onvolprezen Peter te Bos (Twizter).

    Op het boek zelf moet je nog even wachten, tot april om precies te zijn, maar tot die tijd is het toch leuk om te weten hoe het boek dat je die maand voor jezelf, voor je moeder, je oma, de hele buurt en al je vrienden gaat kopen eruit ziet, dacht ik zo. En ondertussen zal ik je af en toe op geheel subtiele wijze entertainen met naar promotie riekende activiteiten.

    Wat ik maar zeggen wil: het circus is begonnen.

    En: tadaaa!


    ]]>
    <![CDATA[De dag dat ik bijna tegen Hildo opbotste]]>Ik had het nooit gedacht, maar opeens dook het op: heimwee naar Yfke Sturm. Van die hele diepe heimwee, die ik nooit had verwacht. Ja, dat zijn van die dingen in je leven waar je niet op voorbereid bent. Niet dat heimwee me vreemd is: ik kan het hebben naar een vakantie, naar 1997, naar de originele Melrose Place, naar Dr. Martens en geblokte bloezen, naar Diogenes en de tijd dat Madonna nog leuk was, maar naar Yfke? Dat kwam als een verrassing.

    Het werd de afgelopen maanden aangewakkerd door het pratende décolleté Daphne Deckers, die ons eerst wilde doen geloven dat ze een muts was die heel gewoon thuis zat met heel gewone cellulitisbillen in een heel gewone joggingbroek en nu een heus nog best wel jeugdige glamourpoes is met flexibele borsten. En toen ik vorige week bijna tegen HNTM’s voormalige poedergoeroe Hildo opbotste, die bakkebaarden had en guyliner en een fanfarebroek, besprong het me. Of eigenlijk sloeg het me in mijn gezicht. Yfke.

    Want hoe mooi was die tijd. Toen Holland’s Next Top Model nog sponsors had als Scholl Partyfeet (‘hebben jullie je Scholl Partyfeets wel in jullie onmogelijk hoge hakken gedaan?’) en Crystal Clear (‘Hier, neem nog een slokje Crystal Clear Raspberry-Peach, maar 1 calorie!’). En toen je nog geen Padstiaan van Schaik had, maar the King of Style, de enige man die je midden in de nacht wakker maakt in een joggingpak met een skelet erop. Je hoort mensen wel eens over Mies Bouwman of Matthijs van Nieuwkerk, maar the King of Style was toch echt de tv-persoonlijkheid van de jaren ‘0. Mijn wederhelft keek speciaal mee voor the King of Style. Als hij in beeld kwam riep hij opgetogen: ‘the King of Style! The King of Style!’

    En na de weemoed kwam de spijt. Spijt dat ik toen niet gezien heb hoe aandoenlijk dat houterige van Yfke was. Want ‘Ik heb nog vajf majsjas foor ma’, dat was toch eigenlijk pure poezie. En stiekem lulde ze Linda de Mol de gaten in de sokken, maar dat hield ze in toom om de maisjes niet teveel te intimideren met al haar geweldigheid. Nee, dat was groots van haar, waar topmoddel-gedrag. Kom daar maar eens om, Kate Moss.

    De moraal van dit verhaal: soms zie je pas achteraf de schoonheid van de dingen waar je heel hard om lachte. En nu maakt angst zich van mij meester. Een bijna existentiële angst dat ik later spijt heb dat ik schampere grappen maakte over lichaamsbedekkende spinnen-bh’s, De Tafel van Vijf en Gwyneth Paltrow, in plaats van ervan te genieten. En dat zal blijken dat ik helemaal verkeerd oordeel over Lady GaGa, Mark Rutte, Sonja Bakker en de hereniging van the Backstreet Boys.

    En dat allemaal door Hildo. ]]>
    <![CDATA[Muziek waar geblokte bloezen goed bij staan en waar bier lekker bij smaakt]]>Je hebt een breed scala aan concertgangers. Zo heb je bijvoorbeeld de beukers, die het leuk vinden om bij bands die GRRRWAAAH zingen tegen elkaar aan te beuken. En de coolen, die met grote zwarte brillen op bijna onzichtbaar bewegen bij minimalistische elektro-lounge, want je haar zal maar in de war raken. En je hebt de muziekminnende mannen van middelbare leeftijd, die bij voorkeur iets minnen met Americana-invloeden, waar geblokte bloezen goed bij staan en bier lekker bij smaakt.

    ]]>
    <![CDATA[Holistisch]]>Toen ik er gisteren op de badjassenboerderij achter kwam dat er in sauna's tegenwoordig zweetbioscopen zijn waar dvd's van Marco Borsato afgespeeld worden, dacht ik met weemoed terug aan de beautyhype van 2007: holistisch. Daarom even een oud stukje. Want holistisch is, euh, lekker.

    Het was weer tijd om ons te laten doorstomen, schoonbubbelen, leegprikken en loskneden, vonden E, M en ik. Dus begaven wij ons naar een beautyboerderij, waar dankzij het stralende weer geen hond was. Behalve Irene Wüst, zo werd door de weinige aanwezigen gefluisterd, maar ik wist niet wie dat was, dus dat scheelde weer.  


    ]]>
    <![CDATA[De kwestie met de pizzeria]]>Ik woon in een buurt van Amsterdam die je zou kunnen omschrijven als rustig. De bewoners zijn niet bepaald een doorsnee van de samenleving, er rijden buitenproportioneel veel Bugaboos rond, de supermarkt heeft een extra breed poortje om die naar binnen te laten en ik denk dat de penetratie van espressoapparaten en Jamie Oliver-kookboeken vrij hoog is.

    Tot zo ver weinig schokkends. Maar de laatste tijd is er iets verontrustends aan de gang. Op de hoek van mijn schiereilandje met het vasteland van Amsterdam zat lange tijd een onbeduidend eettentje. Zo’n tentje waarvan je denkt: het zal wel niet vies zijn wat jullie serveren, maar waarschijnlijk net zo nietszeggend als jullie eruit zien. Zaagselsoep, broodje blah, dat soort dingen.

    ]]>
    <![CDATA[Lachen met je ogen en hoe Tyra dat in godsnaam wil]]>

    ]]>
    <![CDATA[Nodeloze flauwekul]]>Op een dag, toen ik over een straat liep waar iedereen heel druk was met niet naar elkaar kijken en heel hard zwijgend doorstappen, het liefst bellend of op horloges kijkend, dacht ik: ‘Hee, ik heb een idee! Laten we aardig zijn voor elkaar! Laten we de dialoog met elkaar aangaan! Gesprekjes aangaan op straat, zomaar, bij de kassa, met de serveerster, met wie dan ook! We zijn tenslotte allemaal medemensen op deez’ prachtige aard!’

    ]]>
    <![CDATA[Het ding met Marlies Dekkers-bh's]]>Een paar weken geleden viel alles opeens op zijn plek: ik ben bang voor Marlies Dekkers-bh’s. Nou niet allemaal tegelijkertijd boos worden: de meeste modellen kunnen hartstikke gezellig zijn en één of twee van die touwtjes zijn best leuk, net als wat gedoe op de rug. Maar zo’n omhooggewerkte bh die tot je sleutelbeen komt, of helemaal tot aan je nek of oren, ook wel bekend als het HALLO, IK HEB EEN MARLIES DEKKERS-BH AAN! ZIEN JULLIE ALLEMAAL WEL DAT IK EEN MARLIES DEKKERS-BH AAN HEB, MENSEN?-model, vind ik ronduit eng.

    ]]>
    <![CDATA[Wat particulier vakantiegebabbel]]>We waren dus op vakantie. Voor de vakantie tikte ik me het schompes en dat zal ik na de vakantie ook weer doen. Maar tussen dat getik door gingen we op vakantie, naar de Azoren. Deze bestemming was voortgekomen uit een wilde brainstorm, waarin allerlei onbetaalbare, exotische landen de revue passeerden waarvan we geen idee hadden waar we ze op de wereldkaart aan zouden moeten wijzen en plekken die T zich herinnerde van National Geographic. De Azoren bleken heel wat betaalbaarder (ongeveer een miljoen keer) dan de Seychellen, de Malediven en Bora Bora en midden in de Atlantische Oceaan te liggen.

    ]]>
    <![CDATA[Even rondkijken]]>

    Sommige mensen vinden meubels uitkiezen leuk. Wij niet. Een tijdje hoopten we dat als we maar gewoon hard genoeg aan een nieuwe bank dachten, er dan vanzelf een nieuwe bank zou komen, met een knip in de vingers, het liefst. Of dat de huidige daar in ieder geval een beetje minder sneu van zou worden.

    Het werkte niet.


    ]]>
    <![CDATA[Hoe u op deze site terecht kwam]]>Als ik zeg: statistiekensysteem, denkt u misschien: baaaaah. Maar die dingen zijn een stuk leuker dan u denkt. Één van mijn hobby’s is namelijk om te kijken met wat voor zoekwoorden u op mijn webstek beland bent. En dat zit altijd vol verrassende ingangen, zoals:
    • Voetenrasp
    • Voetmodel
    • Wipkip
    • Wilkip vliegtuig
    • Boeren laten
    • Godverdomme marion pauw
    • Maike schutte
    • Maaiker schutte
    • Maaike schiutten
    • Parade ivo tegen
    • Wat verdient een nagelstyliste?

    Vooral die laatste vraag intrigeert me mateloos. Want inderdaad: wat verdient een nagelstyliste? Wat verdient ze dan per nagel? En hoe lang is ze eigenlijk bezig per nagel? En verder: wat is precies je vraag als je zoekt op ‘godverdomme marion pauw’? En moet ik niet veel meer stukjes schrijven over wipkippen? Wat ik maar wil zeggen: welkom op deze site. En kom graag nog eens langs. 

    ]]>
    <![CDATA[Hoe ik Ivo Victoria verpletterend versloeg in de Paradequiz, en dat het me misschien toch een klein beetje spijt]]>Met wat mazzel, dat wel. Ik bedoel, wist u dat Het Spaanse Hondje een boek was? En Retteketetteketet? Maar toch: die lauwerkrans, dat uitzinnig juichende publiek dat me hossend De Parade overdroeg, het was mooi.

    Maar nu begin ik me dus af te vragen hoe slecht Ivo Victoria nou eigenlijk tegen zijn verlies kan. Eerst werd hij stil en toen begon zijn linkeroog gek te trekken. En na een halve fles Jack Daniels mompelde hij: 'Victoria's verliezen niet. Victoria's verliezen niet. Victoria's verliezen niet.' Dat agressieve snuiven vond ik ook best eng. En vannacht hoorde ik gemorrel aan de voor de zekerheid gebarricadeerde deur en weer dat 'Victoria's verliezen niet. Victoria's verliezen niet'.

    En nu twijfel ik toch een beetje of ik naar buiten moet gaan. Want toen ik vanochtend uit het raam keek, lag er een dreigend Ivo Victoria-petje op de motorkap van mijn auto. En iedereen weet dat Belgen uiteindelijk alles winnen. Dus wat ik nog wilde zeggen, lieve mensen: dank jullie wel dat jullie hier altijd waren om mijn stukjes te lezen. Ik hou van jullie, echt waar.

    Bewijsstuk 1: het petje



    ]]>
    <![CDATA[Ivo Victoria, die gaat er pas aan]]>Pulp & Fictie Quiz  op de Parade dichterbij komt, begint opponent Ivo Victoria steeds luidruchtiger te panikeren. U denkt nu natuurlijk: ‘Mooi, die winst is voor ons,’ maar ik denk: hmmja. Want iedereen weet dat de Belgen uiteindelijk altijd alles winnen. Tien voor Taal, Expeditie Robinson, Paradise Hotel, Niet Zo Heel Bekende Mensen Dansen Op Het IJs, en wie wint er straks Benelux’ Next Top Model? Een Belg, zul je zien. Ik vermoed hier dus een tactische keuze voor de underdogpositie en ga tot morgenavond in de bibliotheek wonen, om alle Nederlandse literatuur van 1832 tot heden tot mij te nemen. Anyway, morgen om 22 uur zal bekend worden of wij ook eens één keertje iets mogen winnen. Wordt vervolgd, dus.

    ]]>
    <![CDATA[Zo, bent u weer helemaal bij]]>dat gedoe over Michael Jackson is nou wel over. De dokter heeft het gedaan, de oma krijgt de kinderen, schakel nu maar weer live over naar de liefdesbreuk van Nick en Simon. Ik kan u vertellen: niets is minder waar. Nu iedereen wat tijd heeft gehad om erover na te denken, komen er pas écht zinnige dingen los, zoals:  

    •    De dokter wilde Mike niet doodverklaren, omdat hij dus helemaal niet dood is, hè. Om zijn financiële ellende te ontvluchten doet hij gewoon alsof hij dood is, zoals je dat doet als je in de financiële shit zit, en nu kijkt hij handenwrijvend naar alle downloads en lofbetuigingen, op een Zeer Geheime Plek. De CIA was hierbij uiterst behulpzaam. Want wist je van die geheime bunker die Elvis met hun hulp onder Graceland gebouwd heeft, voordat hij zijn dood fakete? Need I say more?
     
    •    Verder is het algemeen bekend dat Michael al op twaalfjarige leeftijd overleden is en vervangen door een robot (net als Britney, trouwens). Vandaar ook dat stemmetje. De zogenaamde plastische chirurgie was niets meer dan slecht uitgevoerd materiaalonderhoud. De reden dat hij nu zogenaamd overleden is, is omdat hij zoveel bugs kreeg dat niets anders gedaan kon worden dan hem uitschakelen.

    •    Dan een lichaamsupdate: de neus is weg, maar de hersenen zijn het hoofd weer in. En voor wie een schampere neusgrap wil maken, zeg ik: hersenen, daar heb je pas wat aan.

    •    Overigens, dacht u dat het toevallig was dat er net rond Michael’s dood gedoe was in Iran en Korea? Niet dus, hè. Een geheime groepering,die mogelijk terug te voeren is naar de farmaceutische industrie, heeft dat bij wijze van afleidingsmanoeuvre in scène gezet (Wag the Dog, anyone?) om in één dappere beweging Michael en Farah Fawcett om te leggen. De vraag is: WAT wisten zij en WIE gingen ze dat vertellen? Nou?

    •    Mocht u trouwens denken dat u een geestverschijning gezien heeft: dat is zó twee weken geleden. Zijn geest is zelfs al op CNN geweest. Wat nu helemaal het ding wordt zijn verschijningen op tosti’s,  koekjes en boomstammen.

    •    Tot slot weet Metvedev vrij zeker dat de CIA Mike heeft omgebracht. Dat is namelijk te zien via de Russische militaire Kosmos 2450 satelliet. Michael zou een gevaar voor de samenleving zijn, omdat hij weigerde op te treden op Obama’s inauguratie.

    ]]>
    <![CDATA[12 augustus: Pulp & Fictie op De Parade]]>Pulp & Fictie-quiz, gepresenteerd door Frank Lammers of Peter Heerschop. In deze boekenquiz nemen schrijvers het tegen elkaar op. Waarin weet ik niet precies, maar ik neem aan dat het iets met boeken te maken heeft. U kunt hier onder andere Jan van Mersbergen vs. Gerbrand Bakker aantreffen, René van Delft vs. Astrid Harrewijn en Marion Pauw vs. Arie Storm. En op woensdag 12 augustus om 22.00 uur zal ik het tegen mijn schuin-achter-of-voorbuurman (afhankelijk van hoe ik in de woonkamer sta) Ivo Victoria opnemen in de Sporenburg-derby. En ik weet dat Multatuli de schrijver van De Aanslag is, dus met mij komt het wel goed. O ja, en Acda of de Munnik of Viggo Waas zingen ook nog een lied. Kortom: dat wilt u niet missen.

    ]]>
    <![CDATA[Lijstjes]]>
    Het zijn stuk voor stuk levensvragen. Neem bijvoorbeeld de rubriek ‘Mijn Amsterdam’ in het Parool. Daarin weten mensen dus niet alleen wat hun favoriete standbeeld is, maar ook hun favoriete fontein, favoriete Amsterdammer en hun mooiste gevel. Iedere keer als ik iemand dingen hoor roepen over dat ene geveltje aan de Achterzijdsvoorburgwalgracht met dat prachtige laatmiddeleeuwse reliëf voel ik me een onbenul die alleen maar McDonaldsen ziet en geen idee heeft wat deze stad allemaal te bieden heeft aan laatmiddeleeuwse reliëfgevels.

    Maar ook ogenschijnlijk normalere vragen brengen mij al in totale vertwijfeling. Favoriete restaurant, bijvoorbeeld. Ja, die is leuk. Maar die ook, en o ja, die, en ik kan die toch niet zomaar overslaan? En een avondje uit met? Zou die ene niet een hele nare dronk blijken te hebben en halverwege de avond in woest gekrijs uitbarsten over het leven dat een tranendal is? En die andere, zou die niet raar ruiken? Kun je ook met dode mensen op stap? Of de rubriek in Adformatie waarin iedereen weet wat zijn favoriete reclameslogan is (het enige dat bij mij te boven komt is ‘Retteketet, naar Beter Bed’) en naast wie hij in het vliegtuig zou willen zitten waarheen. Ik heb nog altijd geen idee naast wie ik in het vliegtuig zou willen zitten en waarheen.

    Maar het allerergste zijn de favoriete liedjes en boeken. Dat durf ik dus niet meer. Ooit dacht ik dat ik zo ontzettend een lijstje met de vijf beste liedjes ooit samengesteld had dat ik hem op mijn rug zou durven te tatoeëren. Bij wijze van spreke dan, hè. Want ik wist het zeker, dit waren de beste liedjes ooit gemaakt. Over een aantal liedjes uit dat lijstje durf ik nu het tegenovergestelde te beweren. En naar de lijst met favoriete boeken die ik twaalf jaar geleden zorgvuldig op een rijtje gezet had kijk ik nu alsof het mouwophouderbretellen zijn.

    Favoriet is bij mij altijd tot nader order, tot ik verder gekeken heb, tot ik van gedachten veranderd ben. Zoals ik al zei: lijstjes zijn grip.

    ]]>
    <![CDATA[Ik wou dat ik van sport hield]]>
    Ik wou dat ik van sport hield. En dat ik er verstand van had. Dan maakte ik analyses van opstellingen en condities en de toestand van het veld, of de baan. En van de consequenties daar weer van. En daar praatte ik dan uren over, voor de tv of via Twitter, of met mijn vrienden in de kroeg. Of met vreemden, want sport verbroedert. En dan bestelde ik nog een rondje, om te proosten op onze winst.    

    Ik wou dat ik van sport hield. Dan maakte ik er ruzie over. Over de opstelling of de scheidsrechter, of de verkeerde die gewisseld is. En heel hartgrondig het oneens zijn over iets heel erg essentieels. Waarvan ik wéét dat ik gelijk heb, want zo zit het, kijk, daarom. Ik leg het je nog één keer uit, dat ziet toch iedereen?   

    Ik wou dat ik van sport hield. Dat ik begreep waarom mannen bergen op fietsen. En anderen rennen op een veld. Dat je vol overgave van een kleur kunt houden, of een t-shirt, of een berg. Dat je met je bord op schoot wilt kijken naar een man met geblondeerd haar, of middagen naar een ijsbaan. Of desnoods naar Mart Smeets. En naar mannen voor borden met logo's, die zoiets iets hebben van, en een stukje winst hebben gepakt. En naar nog meer mannen aan een tafel, die daar weer over praten, en wat dat werkelijk betekent. Naar voorbeschouwingen, samenvattingen, statistieken, tussenstanden, wereldbekers, nabeschouwingen, uitslagen, binnenlands, buitenlands, desnoods midden in de nacht.

    Ik wou dat ik van sport hield. Dat ik het begreep.

    ]]>
    <![CDATA[Michael]]>hiermee, bijvoorbeeld, en nu dringt de zaak Jackson zich aan me op. Onverwacht, want al vond ik het in 1987 buitengewoon overtuigend dat hij Bad was (hij zei het toch?), toen ik op een leeftijd kwam waarop mijn beoordelingsvermogen zich wat meer ontwikkeld had (ik bedoel, ik vond Jason Donovan heel goed), vond ik Michael een matig afgesteld kopieerapparaat van zichzelf, waarbij de kwaliteit met ieder kopietje minder wordt. (Voor zijn hoogtijdagen was ik te jong.) Maar goed, dat neemt niet weg dat ik de afgelopen week niet kon stoppen met lezen over Mike en een onnoemelijke hoeveelheid publicaties van uiteenlopende kwaliteit tot mij genomen heb, waardoor ik u het volgende kan vertellen:   

    •    Michael was seksloos.
    •    Nee, hij was homoseksueel en ontmoette in het geheim mannen in scharrige motels.
    •    Nee, hij had al heel lang een geheime vriendin.
    •    De draagmoeder van kind 1 en 2 was niet de biologische moeder.
    •    Maar ze was wel de biologische moeder.
    •    Ze wil de voogdij over kind 1 en 2, en ook maar meteen kind 3.
    •    Ze wil niks met de kinderen te maken hebben, want haar honden zijn haar kinderen.
    •    Bubbles houdt er geen trauma aan over.
    •    En o ja, het gaat goed met Bubbles.
    •    Hij had wel een tijdje moeite met zijn aap-zijn.
    •    Michael kon eigenlijk helemaal niet meer lopen, laat staan praten.
    •    Maar hij was in topconditie.
    •    Michael had een hele zeldzame genetisch bepaalde longziekte.
    •    Maar verder was hij in topconditie.
    •    Michael wilde de achtling van Octomom adopteren.
    •    De dokter van Michael ziet eruit als een bokspromotor uit de jaren ’70.
    •    Als Michael medicijnen wilde scoren, heette hij ook wel eens Omar of Jack.
    •    Michael laat aan geen enkel dier geld na.
    •    De Neverland Ranch had tuttige behangetjes.
    •    En Michael was ook dol op fineer.
    •    Er is een betonmolen geleverd op de Neverland Ranch.
    •    En mobiele wc’s.
    •    Michael was zelf niet zo behendig met de rougekwast.
    •    Maar verder was Michael in topconditie.

    ]]>
    <![CDATA[Hi, ho, Wolverhampton]]>leest u maar) mij om iets te schrijven over mijn korte loopbaan als securitymedewerker bij de Wolverhampton Wanderers, mijn overburen in '96 en '97. Het verhaal staat op sportgeschiedenis.nl, waar normaal gesproken verstandige mensen intelligente dingen vertellen over sport in de breedste zin van het woord en ik over ... ehm ja, gele jassen en salt & vinegar-chips.

    'Wolverhampton bleek in het hele Verenigd Koninkrijk een running gag te zijn: een stad die symbool stond voor alles dat on-hip is. Maar ik vond het geweldig. Een industriestadje midden in the Black Country, waar Slade nooit uit is geweest, alle mannen leken op de drummer van Oasis, niemand enig idee had hoe je een fles wijn ontkurkte en waar het leven vast niet altijd makkelijk is geweest, maar je dan gewoon zei: ‘Orroit moit, lot’s go to tho pob ond lot’s got dronk!’'

    Leest u het hele verhaal na de klik.
    ]]>
    <![CDATA[Hallo]]>]]><![CDATA[Een dun laagje beschaving]]>
    Eerst dacht ik: hee, als ik nou gewoon nooit meer open schoenen aandoe, ziet niemand mijn voeten. Sterker: niemand zal hard kunnen maken dat ik ze heb. Maar omdat dat toch vrij veel gedoe opleverde (het wordt soppig, het zwemt raar, ga je dan ook met laarzen aan naar bed?) besloot ik een paar jaar geleden om toch eens mijn best te gaan doen. Ik kocht een gevaarlijk uitziende voetenrasp en superhydraterende feet rescue crème (het was echt ernstig) en een vijl en nagellak. De voetrasp en het rescuen en het vijlen heb ik ondertussen aardig onder de knie, maar dat lakken, dat lakken.

    Ik begin altijd nog wel vrij enthousiast, met de gedachte aan mooie egaal gekleurde glanzende nagels, die fijn op mijn tenen in mijn slippers kunnen wiebelen en niet zouden misstaan in een advertentie voor nagellak of voetcrème of hele dure slippers. Ja, misschien moet ik een nieuwe carrière beginnen als voetmodel, dan hoeven mijn voeten alleen maar een beetje leuk te doen en het verdient waarschijnlijk fantastisch. Ik moet mijn voeten dan waarschijnlijk wel verzekeren, maar dat zijn nou eenmaal bedrijfskosten. Allemaal aftrekbaar. Je voeten zijn je visitekaartje, nietwaar.

    Opgewekt en een beetje hebberig haal ik het kwastje uit het potje nagellak en beweeg richting grote teen. Een druppel landt op mijn voet, die maak ik zo wel schoon. Naar de teen, voorzichtig een streepje lak aanbrengen. Voorzichtig. Laagje lak loopt tot ver buiten de lijntjes. Maak ik zo wel schoon, nieuw streepje. Hmm. Wordt wel wat hobbelig. En de kleur is niet echt overal hetzelfde. Volgende teen dan maar. Fuck, is die nagel nou zo klein of het kwastje zo groot? Maak ik zo ook wel schoon. Next. Damn, die tenen worden alleen maar kleiner. Moet die op de pinkteen ook? Ja, nu ik toch bezig ben.... kut, de hele teen was nou ook weer niet de bedoeling. Schoonmaken dan maar. Remover op een watje, eerst de vlek op mijn wreef wegwerken. Vegen. De vlek wordt alleen maar groter. Nog een watje met remover, weer vegen. Mijn hele wreef is nu paars. Misschien moet ik een wattenstaafje gebruiken. Wattenstaafje in de remover, de grote teen weer een beetje vrij proberen te maken. Een paarse streep over mijn hele teen. Godverdomme, waarom doe ik dit eigenlijk? Waarom zit ik tijd te verspillen aan het besmeuren van voeten die nooit meer schoon worden? Die voor eeuwig paars en klonterig blijven en ik nu alsnog in grote laarzen moet verstoppen? Waarom stop ik er niet gewoon mee, met dat gelak en gerasp en dat rescuend gehydrateer? En met mijn benen scheren en mijn oksels, fuck de kapper en die wenkbrauwen, wat is dat voor gedoe met dat pincet? En die bikinilijn, wie heeft ons dat eigenlijk opgelegd, dat je langs zo’n bikinibroekje helemaal niks mag zien en make-up, wat een gedoe zeg, en wie zegt dat cellulitis lelijk is, dat is toch ook alleen maar opgelegd door de media, wie denkt die media wel niet dat hij is? Waarom ga ik niet gewoon de hele dag taart eten en bier drinken en boeren laten op het dakterras in een pyjama met Looney Tunes erop?

    Het is een heel dun laagje beschaving, nagellak.

    ]]>
    <![CDATA[Zo lekker grungy]]>Ze schudde haar zilvergeblondeerde haar los en drapeerde haar t-shirt nog wat nonchalanter over haar schouder.
    ‘Nou,’ zei ik en keek naar haar Kingston, die zijn riempje met spikes nog wat strakker om zijn baggy spijkerbroek deed.

    ]]>
    <![CDATA[Een fragment]]>
    'De symptomen van nachthonger zijn:
    1. Het te vaak raadplegen van uitagenda’s en partyguides voor meldingen van nieuwe, absoluut onmisbare bars, kroegen, clubs, te openen galeries, absinthkelders, dinner concepts, DJ clashes en cross-musical experiences.
    2. Permanente onrust, gepaard met tappende voeten, getik van nagels of een andere zenuwtrek naar keuze.
    3. De meest zinloze excuses aangrijpen om de stad in te gaan, van de opening van een een envelop tot de verjaardag van zijne koninklijke hoogheid William, prins van Wales en ridder in de orde van de Kouseband.
    4. Mensen die geen last hebben van nachthonger oud en saai vinden.
    5. Bang zijn om oud en saai te worden.
    6. Naar bed gaan en denken aan mensen die nu met een drankje in hun hand aan een bar staan van een absoluut onmisbare tent waar jij nog niet geweest bent en toosten en met hun hoofd knikken in de maat van de muziek en kijken naar alle andere mensen die de ook onbetwist de leukste avond van hun leven hebben, dan even smalend denken aan iedereen die zo dom is om thuis in zijn bed te gaan liggen, een grote slok nemen en zich in het dansvloergeweld storten.
    7. Bij alles denken: daar moet op gedronken worden.
    Net als bij de voedselvariant wordt de nachthonger pas gestild als je hem geeft waarom hij vraagt. Tot die tijd is hij altijd aanwezig; eerst zachtjes knagend, maar naarmate hij langer genegeerd wordt bijtender en uiteindelijk overstemt hij  al je andere gedachten.'

    Kortom: ik wens u een goed weekend!

    (© enzo.)
    ]]>
    <![CDATA[De lieve dames van mijn uitgeverij]]>


    Overigens is het echt heel moeilijk om niet je handtekening te zetten op de plek waar iemand anders de datum op moet schrijven.
    ]]>
    <![CDATA[Het Sesamstraat-effect]]>
    17.00:    
    ouder denkt: 'O kut, ik moet gaan.' Raakt eerst verstrikt in gesprek met paniekerige collega over niks en daarna in file of ziet trein net voor neus wegrijden.
    17.30:    
    komt hijgend aan op creche/ naschoolse opvangplek, fatsoeneert haar en probeert zich te hervinden als zen-ouder. Praat met chrechejuf over de dag, het niet eten van korstjes, bekijkt tekening, plant kind(eren) in bakfiets of op achterbank en probeert niet naar huis te jakkeren, maar al rijdend/fietsend rustig met kind over dag te praten. Negeert ondertussen telefoontje van collega in paniek.
    17.50:    
    arriveert thuis. Kijkt in koelkast naar iets om te koken, denkt diep na en besluit dan dat in een roerbakschotel eigenlijk alles wel kan. Schenkt glas wijn in voor zichzelf.
    18.10:    
    probeert kind los te peuteren van racebaan en aan tafel te zetten. Kind besluit dat als hij aan tafel moet, de racebaan ook aan tafel moet.
    18.15:    
    aan tafel. Collega belt weer, drukt hem weg.
    18.25:    
    Kind eet eerste hap.  
    18.30:    
    Kind eet tweede hap. Schenkt om dit te vieren nog een glas wijn in.
    18.35:    
    Derde hap geen optie, geeft het op. Kind eet binnen halve minuut toetje op.
    18.40:    
    Laat bad vollopen, collega in paniek belt weer, besluit nu om toch maar op te nemen. Als collega gekalmeerd is en een oplossing verzonnen, is het bad tot de rand toe volgelopen. Laat weer water uit bad lopen.
    18.50:    
    Kind in bad. Schenkt zichzelf nog één glas wijn in, gaat op rand van bad zitten en denkt iets in trant van: ‘Zo’.
    19.05:    
    Kind in pyjama en met frisgewassen haar klaar voor Sesamstraat. Sesamstraat afgelopen.

    Begrijp me niet verkeerd: ik zou de hele dag wel Sesamstraat willen kijken, sterker, ik wil in Sesamstraat wonen en iedere dag tappen met Elmo. Maar half zevenroepers verdenk ik van het feit dat ze half zeven roepen omdat ze denken dat iedere goede ouder het met twee vingers in de neus redt om om half zeven Sesamstraatklaar te zijn en bang zijn om toe te geven dat ze onder doen aan deze opvoedprofessionals als ze niet heel hard roepen dat het toch echt half zeven moet zijn. En aan de barricadeklimmers: overweeg een harddiskrecorder. Dan kan het de hele dag half zeven zijn.

    ]]>
    <![CDATA[Zo doe je dat dus]]>Go East: the Dutch Eurovision Super Band.

    In deze band zitten:
    * 1 monster
    * 1 travestiet
    * 1 vampier
    * 1 overjarige housemuzikant
    * en - vooruit - Gerard Joling mag er ook in, op schaatsen, in een Pino-pak.

    In afwisselend Tjechisch, Russisch, Macedonisch, Roemeens, Bulgaars, Oekraiens en Hongaars zullen zij zingen:

    Wij houden van het Oooostblok
    Het Oostblok is zo mooi
    Wij gaan graag naar het Oostblok
    Met trein of buskonvooi

    Oh mooi en prachtig Oooostblok
    Wat is het leven fijn
    Met nieuwe Oostblokvrienden
    En geen IJzeren Gordijn

    Wij houden van het Oooostblok
    In caravan of tent
    Zo vol met mooie bèèèèrgen
    En muzikaal talent

    (Herhaal refrein 4 x)

    Ik zeg: kom maar door met die bokaal, of wat je daar ook wint. 

    ]]>
    <![CDATA[Een maatregel, voor de zekerheid]]>Ugg) later dolenthousiast te omhelzen en de eerdere met passie uitgedragen principes weg te smijten alsof ik ze gratis bij een pak cornflakes gekregen heb. Daarom wil ik het volgende met u afspreken. Mocht ik - ik denk het niet, maar toch, voor de zekerheid - zwichten voor dit wanding, wilt u mij dan onmiddelijk bekogelen met bedorven tomaten, eieren en ander rottend spul dat afschuwelijke vlekken oplevert en bovendien ontzettend vernederend is voor de drager, die zich meteen realiseert dat ze er belachelijk uitziet en uit pure schaamte het riool in wil kruipen? Dank u.


    ]]>
    <![CDATA[Een fragment ]]>uit het manuscript van Boek Twee:

    Een tik op mijn schouders.
    ‘Mevrouw?’
    Ik draai me om. Een beeldschone jongen met een porseleinen huid en haar als een gordijntje, dat uit zijn gezicht gehouden wordt met een zweetband. Ik had geen idee dat een zweetband niet meer goed fout was, maar fout goed. Zoals wel meer dingen hier. Het is hier zo underground dat ik in een nieuw mode-universum ben beland, kleurig en uitbundig en met toepassingen van kledingstukken waar ik zelf nooit opgekomen ben. Ik had niet gedacht dat ik ooit zoiets in mezelf zou brommen, alleen aan de bar en volledig underdressed, maar ik val mezelf vies tegen.
    ‘Mevrouw?’
    ‘Wil je alsjeblieft Noor zeggen?’
    ‘Zegt u dan maar George,’ lacht de jongen een fotomodellenlach.   
    ‘George?’
    ‘Mijn moeder was fan van George Michael. Ik ben verwekt op Last Christmas.’
    God, George heeft geen herinneringen aan de jaren ’80, hij is er zelf één.
    ‘Ik was ook fan,’ grijns ik. ‘Ik had een hele grote poster van George in een gele Speedo. Maar dat is al lang geleden hoor.’
     ‘U ziet er anders nog goed uit hoor, voor uw leeftijd,’  zegt George en neemt een slok uit zijn flesje water.
    ‘Dankjewel, George. Zeg maar je, hoor.’

    ]]>
    <![CDATA[Zoveel zelfoverschatting, daar moest ik meer van weten]]>GOOP, waardoor ze niet alleen meer actrice zou zijn met de uitstraling van een ijsschots, vrouw van de zanger van de saaiste band van het Westelijk halfrond en moeder van kinderen met rare namen, maar ook de nieuwe Martha Stewart, Oprah en Maik de Boer in één. Zoveel zelfoverschatting, daar moest ik meer van weten.

    En Gwyneth heeft me tot nu toe niet teleurgesteld. Iedere week mailt ze me over de dingen die haar leven speciaal maken: een mix van healthfreakerijen, platgetreden paden en onbetaalbare dingetjes, onderverdeeld in vernieuwende categorieën als ‘go’, ‘get’ en ‘do’.

    Als je in Parijs bent, weet Gwyneth bijvoorbeeld net dat leuke, kleine hotelletje voor je dat niemand nog kent (The Ritz, heet het). En qua kleding heeft ze ook inspirerende ideeën. Zo was het Gwyneth die mij wees op de Little Black Dress. En afgelopen dinsdag hielp ze me met de basics voor mijn lentegarderobe. Zelf zat ik te denken aan glitterhotpants, groene lieslaarzen, een baljurk en het jasje dat Michael Jackson droeg in Thriller, maar Gwyneth wees me op de trenchcoat, sandalen en de spijkerbroek. Als ik Gwyneth toch niet had.

    Maar het heerlijkst vind ik het als ze zich met mijn leven en de opvoeding van mijn kind bemoeit. Zo hadden we het vorige week over ‘a non-toxic life for my kids’ (want de wereld heeft een giftig aura) en ze draait haar hand er niet voor om om haar therapeut of Deepak Chopra te laten vertellen over de werkelijke betekenis van kerstmis in mijn leven als zodanig.

    In de pers krijgen Gwyneth en haar GOOP het ontzettend om hun oren. Ze zouden wijsneuzerig zijn, en onrealistisch. Maar ik vraag je: is dat slecht? Gwyneth mag zich iedere week met mijn leven mag bemoeien. Ik bedoel, van een vrouw die haar kinderen Apple en Moses noemt en denkt dat Madonna aardig is, wil ik dolgraag horen wat haar ideeën zijn over het bereiden van broccoli, hotels in Londen (The Ritz?) en de oplossing van de situatie in het Midden-Oosten. En de beste plekken om paaseieren te verstoppen, uiteraard. Want Gwyneth is een fantastisch fenomeen, dat we moeten koesteren.



    ]]>
    <![CDATA[It's like, you know? ]]>Tijdens een confrontatie met de vermakelijke zombies van The Hills, moest ik opeens, like, aan dit oude stukje denken, you know?

    Een ochtendje slaperig zappen langs wat MTV-programma's leert je wat er in het leven écht belangrijk is.

    Ik begon met Laguna Beach, een soort real-life soap over een stel verwende nesten in een veel te rijk Californisch strandstadje. De personages zijn allemaal blond, met grote zonnebrillen en spijkerrokjes en zonder noemenswaardig IQ of karakter en dus onmogelijk uit elkaar te houden. Twee blonde meisjes zijn aan het winkelen bij Dior.
    Meisje 1 pakt een paar schoenen op: 'Did, like, Jessica Simpson, like, wear these? Wow! I should, like, really take them!'
    Meisje 2: 'They would, like, be so cool with a short jeans skirt!'
    Meisje 1: 'They are, like, so worth the 670 dollars!'

    Daarna volgt een andere docu-soap met verwende meisjes: My Super Sweet Sixteen. Twee Hiltonesque snotkippetjes mogen op kosten van papa een verjaardagsfeestje geven. Als je op een Amerikaanse highschool een proleterig feest geeft ben je opeens de populairste van de school, blijkt al snel, of je nou een verwende snotkip bent of niet. Want iedereen wil, like, op je feestje komen en slijmt zich een slag in de rondte. Na het designerjurkjesshoppen (de designersjurkjesafdeling van Saks wordt even voor ze afgesloten) twijfelen ze over de band die ze pa zullen laten boeken. The Red Hot Chili Peppers of Beyoncé? De laatste blijkt helaas een half miljoen dollar te vragen en dat vindt papa net iets te gek. Vlak voor het feest heeft een van de snotkipjes een probleem. 'Where are, like, my Gucci shoes?' roept ze verschrikt tegen haar vader. 'I won't go barefoot, you know!'

    Boven de 20 zullen de mensen op MTV toch wel wat meer te vertellen hebben, denk ik, als de MTV Awards beginnen. Een rapper haalt me helaas direct uit deze illusie. 'Music is music en growth is growth, you know?' zegt hij en trekt er een filosofisch gezicht bij.

    It's like so, like, you know.

    ]]>
    <![CDATA[Hendrikus: het Nieuwe Werken doe je zelf]]>

    Stichting Natuur & Milieu (samen met partners als KPN, de NS en Centraal Beheer) vroeg Hendrikus om Het Nieuwe Werken op de kaart te zetten. Want: hoe Nieuwer Nederland werkt, hoe minder files er staan, hoe minder CO2 er uitgestoten wordt én hoe blijer werknemers zijn. Om te komen tot een vrolijk flexibel werkende en ontzettend productieve natie.

    We besloten om het toch nog niet heel bekende Nieuwe Werken eerst goed te 'laden', door HBO-plus beeldscherm- en kantoorwerkers aan het denken te zetten. Dit deden we door ze te confronteren met vastgeroeste vooroordelen die breed leven - en dus vast ook onder hen. Daarvoor gebruikten we outdoor, radio, pr, heel gerichte banners, een webplatform en een vrolijke maar toch ook heel serieuze online test, die het hart vormde van de campagne. Deze test was achter de schermen tegelijkertijd een enquetetool, die input leverde voor allerhande persmomenten ('56% van de Nederlanders durft er eigenlijk niet over te beginnen bij zijn baas.').

    Boodschap was dat het Nieuwe Werken helemaal geen grootse en meeslepende totale verandering is, maar dat het 'm juist zit in kleine dingen die iedereen zelf kan doen. Een keer per week een uurtje later naar het werk gaan en eerst je e-mail thuis doen, bijvoorbeeld. Of iets vaker dat grote rapport thuis schrijven, bijvoorbeeld. Werknemers werden gestimuleerd om het onderwerp op de agenda te zetten bij hun managers. De managers, zelf ook niet gespeend van vooroordelen, hadden hun eigen test.

    Alles mondde uit in de Week van het Nieuwe Werken, waarin Nederland kon experimenteren en kon profiteren van aanbiedingen, rondleidingen en evenementen. Doelstellingen, zowel qua bereik als aantal geactiveerde mensen, werden ruimschoots overschreden. Ik werkte voor deze campagne aan strategie en concept.

    De site en de test: 

     

     

     

     

     Allerlei mogelijkheden om met je nieuwe inzichten je baas te activeren:

     

     

     

     

     

     

     


     

    ]]>
    <![CDATA[Zucht]]>


    Tja. Dit zal wel Madonna's manier zijn om 'peace' te zeggen, ofzo.
    Maar van de zonnige kant: ze heeft in ieder geval een broek aan.

    ]]>
    <![CDATA[Deleted scene]]>Verdorie, dit is eigenlijk best een leuke deleted scene. Alleen jammer dat -ie echt van geen meter meer in boek 2 past. Daarom gooi ik hem gewoon nog een keer op uw beeldscherm, anders ligt ie daar maar op de schroothoop van afgedankte alinea's. Voor wie denkt: jaaaa, maar die ken ik al - hier iets nuttigers om te doen met uw tijd.   

    Op zaterdag fietsten we naar Bar Dancing De Steeg. De Steeg was eigenlijk geen disco, maar een uitgaanscentrum - volgens De Steeg, dan. Met een housezaal voor de housers, een rockzaal voor de rockers, een doorsneezaal voor de doorsnees en een ouwe lullenbar voor de ouwe lullen. Zo kon je er van je zestiende tot je zesenveertigste terecht. Ronald en ik hingen rond in de housezaal. We dansten zoals we dachten dat het de bedoeling was en dronken bier. Iedereen dronk bier, en veel ook. Als ik weer eens een minister zich vanuit het pluche druk zie maken over kettingzuipen of breezercoma’s, begrijp ik nooit waar hij zo moeilijk over doet. Al generaties lang lopen schuren en streekdisco’s vol met mensen die hun keelgat openzetten, omdat dat gewoon is wat je daar doet op zaterdagavond. Omdat dat het enige is dat er te doen is.

    In de loop van de avond werd er her en der getongzoend; hoofden kantelden in spiegelbeeld, bogen naar elkaar toe en bleven minutenlang aan elkaar vastgezogen. Af en toe werd er een been verzet, omdat hij dreigde te gaan slapen. Het zag er nooit opwindend uit, eerder volhardend. Op karakter draaiden tongen rondjes, tot het tijd was om adem te halen, of bier. Ronald stortte zich iedere zaterdag met niet-aflatend enthousiasme op meisjes met haarlakhaar; zijn tong was legendarisch in ons dorp en omstreken. Ik wilde ook wel tongzoenen, maar ik wist niet met wie. Niemand leek op mijn idee van hoe een man zou moeten zijn.

    Ook Ronald leek in weinig op mijn mannenprototype. Hij had een stekelig kapsel, was maar net iets langer dan ik, droeg geen 501s en deed het niet goed op foto’s, kortom: hij zou volledig misstaan in the New Kids On The Block. Maar na een meter bier (er was iemand jarig) vond ik dat niet meer zo’n steekhoudend argument. Hij had een tong en het werd tijd dat ik ingetongd werd, voordat ik dit dorp met vastgegroeide tongriem zou verlaten. In een opwelling kantelde ik mijn hoofd en hield mijn lippen van elkaar. Ronalds tong gleed naar binnen, botste tegen de mijne en begon er omheen te draaien, met de klok mee. Versteend onderging ik het gemaal, op mijn rug voelde ik een hand afglijden naar mijn spijkerbroek. Meedoen, riep ik mezelf tot de orde, meedoen. Ronald tongde met de klok mee, ik er tegenin. En als hij opeens van richting veranderde, dan deed ik dat ook. Zo centrifugeerden we elkaar minutenlang, terwijl zijn ene hand mijn kontzak bereikte en zijn andere iets in mijn zij deed. Om mijn handen niet doelloos langs mijn lichaam te laten hangen, liet ik ze op zijn riem leunen. Hoe zijn billen voelden hoefde ik niet te weten. Ronald kwam ondertussen op stoom, maalde steeds verder mijn mond in en ramde repeterend tegen mijn huig aan. Mijn slikspieren begonnen ongecontroleerd te bewegen, wilden die natte indringer eruit werken, eruit, compleet met ggggg-klanken en galsmaak. Ik probeerde de situatie te redden door hem af te poeieren met een afsluitende kus op zijn lippen en dacht aan Jordan Knight. Ronald haalde zijn hand uit mijn kontzak en veegde zijn mond ermee af.  
    ‘Biertje?’ vroeg hij.

    ]]>
    <![CDATA[Elmo is cool]]> ]]><![CDATA[Boekenweek]]>
    Wel had ik een konijn, maar dat was niet echt een vrije keuze. Ik kreeg een konijn voor mijn zevende verjaardag en toen hadden we dus een konijn, met een wit neusje. Witneusje was pluizig en had lange oren en twee voortandjes, maar was verder een vrij saai konijn. Hij knabbelde en sliep en kon verder geen leuke kunstjes, zoals door een hoepel springen of figuurpoepen.

    En dan komt nu mijn bekentenis: ik was niet zo’n goede konijnenverzorgster. Niet dat ik hem sloeg of zijn oren afknipte, zo ben ik dan ook weer niet -- ik dacht er gewoon niet de hele dag aan. Mijn moeder gaf hem trouw te eten en mijn vader zei regelmatig iets over ‘hok’ en ‘schoonmaken’, maar na al die jaren (Witneusje was het langstlevende konijn van Europa, hij werd een jaar of honderd) kreeg ik nog steeds niet zo’n week dierenliefdegevoel waar je mensen zo lyrisch over hoort als ik hem over zijn kopje aaide. En Witneusje liep ook niet over van mensenliefde. Hij had liever stro, als je het hem vroeg.

    Het moge duidelijk zijn: ik ben niet zo dierig. Ik vind dieren leuk op Animal Planet en in Artis en bij andere mensen, maar thuis heb ik geen onbedwingbare behoefte aan iets harigs op poten. Daarom deze boekenweek geen dierenanekdotes op deze pagina’s. Geen wijze lessen van mijn bospapegaai, geen wandelgids van de poot van mijn hond, geen hartverscheurend verhaal over mijn kat die zijn smetvrees overwon, geen hamstermonologen, geen sessies met een caviafluisteraar, geen ziektegeschiedenis van mijn parkiet en geen dagboek van mijn wandelende tak.

    Kees van Kooten zei deze week bij De Wereld Draait Door dat mensen zonder dieren iets essentieels missen in hun leven. Misschien, maar toch heb ik het idee dat ik best gelukkig ben. Tjielp.

    ]]>
    <![CDATA[De borsten van Marilyn ]]>Met fotografie om de lijsten bij af te likken: strak in zijn zwartwitheid, vaak ogenschijnlijk eenvoudig, maar altijd intens. Uitgebalanceerd en alleen met details die er moeten zijn, zoals dat eigenlijk voor alle mooie dingen geldt.

    Met modefotografie die wél mooi is (ik krijg vaak een beetje de slappe lach van modereportages in glossies) en portretten van alle grote schrijvers, dichters, politici en acteurs van de vorige eeuw, allemaal anders dan je denkt dat je ze kent. Met als allermooiste het beroemde portret van Marilyn Monroe, of eigenlijk van haar borsten. Want die zijn de enigen die nog in hun rol zitten, pront en glimmend, terwijl Marilyn zelf dromerig opzij staart en nadenkt over de situatie in het Midden-Oosten, de was die ze in de droger heeft laten zitten of het leven als zodanig.

    Maar het indrukwekkendst zijn de foto’s van onbekende, onglamoureuze mensen. Avedons vader: steeds ouder, breekbaarder, zieker en altijd heel erg vader. En de serie arbeiders in het westen van de Verenigde Staten: boeren, truckers, mijnwerkers en serveersters. Voor dezelfde witte achtergrond als Marilyn en Twiggy, misschien minder mooi, maar minstens zo mens. Kortom: gaat dat zien. Nog tot 13 mei.



    ]]>
    <![CDATA[Madonna]]>Oh, Madonna. Madonna.
    Madonna.
    Madonna.
    Madonna.
    Madonna.

    Sorry dat ik een beetje blijf hangen, Madonna, maar ik kan even weinig anders meer zeggen, Madonna.

    Want de broekloosheid was al niet makkelijk, maar in vergelijking hiermee is Michael Jackson met terugwerkende kracht helemaal niet zo belachelijk:



    Madonna. Vijftig. Ja, jij.
    VIJFTIG.

    Ik meld me als ik weer volledige zinnen kan uitbrengen, Madonna. Want dit kunnen we hier natuurlijk niet bij laten, dat begrijp je.


    Oh, man.
    Hoe je idolen zichzelf om zeep helpen.


    Naschrift:
    Oké, ik las dat het om een outfit voor een verkleedfeest ging en was heel even van plan om met mijn hand over mijn hart te strijken, maar heb hem toen snel weer terug in de vuiststand geplaatst. Want zo heel erg verkleed is dit volgens mij ook weer niet. Madonna.

    ]]>
    <![CDATA[Guerilla Bakfietsblues: fietspadvertising]]>Wat doe je als je roman 'Bakfietsblues' heet en een groot deel van je doelgroep op bakfietsen door Amsterdam rijdt? Dan ga je over tot fietspadvertising. 15 A-fietspadlocaties in bakfietsrijke wijken werden daarom omgetoverd tot bakfietspaden, in lijn met het omslag van het boek. Met uiteraard de melding dat Bakfiets nu in de boekhandel ligt. Niet te missen tijdens de dagelijkse bakfietstochten.

    Kosten:een paar stukken karton, een stanleymes en een fles spraykrijt (te koop bij de groothandel voor voetbalveldbenodigdheden).

    Opbrengst: rumour-around-the-bakfiets, zowel offline als op Facebook, Twitter en reclameblogs. 

    De Van Eeghenstraat in Amsterdam Oud-Zuid, bijvoorbeeld...

    En op de Willemsparkweg...

    En de Beethovenstraat, natuurlijk!

    De originele fiets:

    ]]>
    <![CDATA[Twitter is het nieuwe zwart ]]>4 hours ago, meldt Twitter. Twitter heeft zo ontzettend geen goede invloed op de webloggerij. En sinds het gerucht dat het de vliegtuigprimeur had (niet waar) plopt iedereen daar op. Reuze gezellig. Sceptici klagen dat het een journalistiek onrelevant kwaakmedium is, waarop ik zeg: lang leve de journalistiek onrelevante kwaakmedia! Niets leuker dan kwaken, zeker als je schrijft en je anders tegen je bureaulamp moet gaan zitten kwaken, of nog erger, tegen jezelf. En sommige mensen hebben journalistiek onrelevant gekwaak tot een kunst verheven, wat stukken ontspannener is dan een potje patiencen. Ik kwaak hier, kwaak gezellig mee. Want Twitter is tenslotte het nieuwe zwart.

    ]]>
    <![CDATA[Mijn beste bespreking tot nu toe]]>scholieren.com.
    ]]>
    <![CDATA[Het forensenbestaan]]>
    Maar goed, toen Den Haag niet naar mij toekwam, moest ik er toch maar aan geloven. Plichtsgetrouw als ik ben op z’n tijd zette ik mezelf ’s ochtends vroeg achter het stuur, starend naar de lampen van de auto voor me, zoals je dat doet als je ’s ochtends vroeg achter het stuur zit en dacht verbaasd: ‘Goh, dit doen sommige mensen dus iedere dag.’

    Maar na een paar ochtenden bedacht ik dat ik het best gezellig kon maken in mijn mobiele huis. Dus smeerde ik vrolijke boterhammen, nam ik cd’s mee uit de gouden dagen van mijn jeugd om te herontdekken, at ik drop-fruit-duo’s, luisterde ik naar alles dat met Obama te maken had (ik ben al even bezig) en maakte ik prachtige dubbele meeneemcappuccino’s in mijn meeneembeker. De gordijntjes en de kerstverlichting ontbraken er nog net aan.

    Het project is inmiddels bijna af en ben ik bang dat ik het forensen een beetje ga missen. Misschien dat ik straks ’s ochtends zomaar ergens naar toe ga rijden, gewoon om even lekker rustig te zitten. Of ga ik echte forensen naar hun werk brengen, ofzo. Of neem ik mijn meeneembeker met meeneemcappuccino mee op de fiets. Want forensen is best wel gezellig, als je het maar soms hoeft te doen.  

    ]]>
    <![CDATA[Het belang van de bietenteelt]]>Al een tijdje leef ik in een parallel universum waar Jed Bartlett president van Amerika is (net begonnen aan zijn tweede termijn) en zijn stafmedewerkers mijn nieuwe beste vrienden zijn. Bartlett zelf is meer een lieve reserve-oom, die grapjes maakt waar niemand om moet lachen en die je leert dat George Washington marihuana in zijn tuin verbouwde en dat de moeder van Abraham Lincoln doodging aan het drinken van melk van een koe die giftig gras gegeten had. Maar goed, er zou gesproken kunnen worden van een vrij serieuze West Wing-verslaving. Ik zit al in het stadium dat ik een warm vrienden-onder-elkaar-gevoel krijg als ik de dvd-speler aanzet en er eigenlijk niet meer aan wil dat Josh en CJ en Toby en Leo niet echt zijn, maar acteurs die Josh en CJ en Toby en Leo spelen en dat ik speeches wil schrijven over het belang van de bietenteelt of het koffiehoekje in het Witte Huis wil runnen, of zoiets. Maar van zo’n verslaving steek je wel van alles op. Bijvoorbeeld:

    •    Dat je nooit mag slapen als je in het Witte Huis werkt. Ja, heel soms onder een fleecedekentje op de bank in je kantoor, maar zodra je thuis in bed gaat liggen, word je wakker gebeld. Alsof de noodsituaties ruiken dat je net in bed ligt.

    •    Dat je heel leuk spitsvondig gaat praten als je snel door gangen loopt. Sterker, hoe harder je moet lopen, hoe spitsvondiger je wordt. Ik wil solliciteren naar banen bij bedrijven met hele lange gangen.

    •    Dat Rob Lowe grappig is. Sinds 1987 was ik in de veronderstelling dat hij een viezerd was, maar volgens IMDB vindt Rob viezerds zó 1987 en blijkt hij dus grappig te zijn. Who knew.

    •    Dat je als president de meest vreselijke, beledigende of zinloze dingen kunt zeggen en dat iedereen dan nog steeds beleefd zegt: ‘Thank you, mister President’.

    •    Dat Rahm Emmanuel Leo is en dat hij eerst Josh was en dat John Favreau Sam is.

    •    Dat je als vice-president geen lor te doen hebt, behalve praten met journalisten en gekrenkt zitten zijn in je ego.

    •    Dat ik ook geen idee heb wat die ministers doen.

    •    Dat Martin Sheen zijn haar verft (Martin, Martin, Martin).

    •    Dat als je uitgepraat bent, je gewoon zegt: ‘that’s a full lid, folks’ en dat je dan wegloopt.

    That's a full lid, folks. 
    ]]>
    <![CDATA[Geluk is voor een rockster funest]]>Vroeger was ik muzieknerd, met als specialisatie post-Stone Rosesiaanse Britpop. Of misschien ben ik dat nog steeds, alleen wat minder strak in de leer, sinds ik de Backstreet Boys heb leren te waarderen in hun genre. En laten we Britney niet vergeten.

    Maar goed.

    Post-Stone Rosesiaanse Britpop, dus. Met als hoogtepunt het seizoen ’96/’97, toen ik een jaar in Engeland bivakkeerde. In uniform (retroshirtjes, Adidasjes, ribbroeken met wijde pijpen) rende ik van indiedisco naar concert, want ieder mogelijk bandje trad op in de lokale Civic Hall. Dit was niet Engeland, dit was de hemel. Supergrass, John Squire, Charlatans, Pulp, Primal Scream, Suede...

    Suede waren helden, en dan met name Brett. (Hoewel ik me ook een niet afstotelijke keyboardman herinner, die af en toe een toets aanraakte en verder vooral zijn haar goed deed en sigaretten zat te roken.) Toen iedereen nog Seattle-style depressief stond te zijn in zijn houthakkersshirt, jodelde Brett met bontjas en androgyn lokje en high van van alles en nog wat hysterie naar een nieuw niveau. Opwindend, spannend, nieuw. Olijk klappend stortte hij zich in de Civic Hall in het publiek dat zich als een vloedgolf op hem stortte en kwam er met verscheurd shirt weer uit. En ik kan niet helemaal ontkennen dat ik misschien een knoopje in mijn hand had.

    Tja. Je wordt ouder, leert de Backstreet Boys waarderen in hun genre, je voormalige helden maken steeds slechtere platen of verzanden in geruzie met elkaar en uiteindelijk vergeet je ze een beetje. Tot je op een dag denkt: hoe zou het toch zijn met Brett Anderson?
     
    Grote fout.

    Want wat gegoogel leert dat Brett tegenwoordig normale kleren draagt, veel geleerd heeft over zichzelf en daar ongelofelijk zemelige muziek over maakt, drugs heel stom vindt, zijn cd’s op alfabetische volgorde bewaart, een heel gewone jongen wil zijn die ’s ochtends baantjes trekt in het zwembad en heel tevreden schijnt te zijn. Zonder een zweempje meeslepend-, opvallend- of opwindendheid.

    Hoe helden mensen worden. Geluk is voor een rockster funest.

    ]]>
    <![CDATA[Die]]>]]><![CDATA[Maar weer eens een deleted scene]]>
    "Boekenkastpsychologie is een onderschatte bezigheid, vind ik. Kijk, je kunt dagenlang met mensen doorbrengen om ze te leren kennen, met ze praten, wat drinken, nog een beetje praten, hun fotoalbums bekijken, ze vragen naar hun favoriete films, dromen, angsten, ouders en jeugdherinneringen en wat afspreken om weer eens gezellig bij te praten, maar als je haast hebt, kom je ook een heel eind met een boekenkast. Let maar op.
    De Vliegeraar
    naast De Da Vinci code, De verborgen geschiedenis en Komt een vrouw bij de dokter? Geen eigen mening.
    Camus in het Nederlands? Interessant.
    Camus in het Frans? Aansteller – of Frans in het eindexamenpakket.
    Oblomov? Niks van geloven. Dat leest niemand voor zijn lol.
    Een hele rij Lonely Planets? Kan interessant zijn, maar als ze op ooghoogte staan, wil de eigenaar net iets te graag dat je dat ziet. Hij zal dan ook regelmatig een zin beginnen met ‘Toen ik bij de Taj Mahal stond…"]]>
    <![CDATA[Deleted scene]]>
    "Ik blader door naar de shoppingpagina’s en ga er even goed voor zitten. Ik vind: in geval van twijfel kun je maar beter snel een mening hebben. Dat is niet altijd makkelijk, maar onontbeerlijk in deze tijden van keuzeovervloed. Ga maar eens na hoe lang je anders voor het zuivelschap staat bijvoorbeeld, om te bepalen of je magere yoghurt, perzikenyoghurt, smulkwark of kwarkvla wilt, of toch vanillevla, chocoladevla of kwarkyoghurt. Het leven is als een zuivelschap, denk ik wel eens filosofisch; zoveel mogelijkheden dat je er helemaal gek van wordt. Daarom train ik mijn beoordelingsvermogen met pagina’s vol tassen en schoenen en interieurflauwekul die allemaal heel betaalbaar zijn - als je het normaal vindt om 85 euro uit te geven aan een waxinelichtjeshouder, tenminste. Al die must-haves zijn het ideale oefenmateriaal om te bepalen of je iets geweldig vind of geweldig stom. In een nanoseconde, zonder te twijfelen. Als een cowboy: meteen schieten als er geschoten moet worden. Nooit twijfelen.

    Gebreide sjaal ‘met etno-folklorelook’? Vooruit.
    Delftsblauwe, porseleinen vis, slechts 80 euro? Ik vraag het je, waarom?
    Groene nagellak? Proberen waard.
    Muffinvormpjes in de vorm van konijntjes? Ha. Ha.  
    Playstation Portable, Silver Edition? Ja!
    Een zwarte kraai van aardewerk. Nogmaals: waarom?
    Een blauw, plastic hert met een gewei waaraan je je jas kunt ophangen? Wat is in godsnaam het thema van deze pagina’s?"

    ]]>
    <![CDATA[De schroothoop van mijn principes]]>
    Dus nu loop ik ook op belachelijke schaapunits en ben ik niets minder dan een fashion victim dat zo de weg kwijt is dat ik niet in de gaten heb hoe idioot ik eruit zie met mijn vormeloze voetzakken.

    Dat ik het weet.

    ]]>
    <![CDATA[Column voor DRIFT: de speeltuinkleefmoeder]]>Er komt een kind en dan is het slechts een kwestie van tijd tot speeltuinen een rol in je leven gaan spelen. En daarmee speeltuinkleefmoeders. En ze zijn met honderden, zo niet duizenden.

    Omdat ik later niet van de therapeut van Tijmen (bijna 2) op mijn flikker wil krijgen dat ik hem niet zorgeloos de wereld heb laten ontdekken omdat ik hem liever verstikte in liefde, waardoor hij gedreven werd tot allerhande verdovende middelen en levenslang ongeluk, doe ik altijd mijn best om een beetje cool afstand te houden. Met een krant doe ik vanaf een bankje alsof ik hem zijn gang laat gaan, terwijl ik hem ondertussen als een havik in de gaten houd, klaar om toe te springen als dat nodig is.

    Zo niet de speeltuinkleefmoeder. De speeltuinkleefmoeder kleeft zo dicht mogelijk achter haar kind aan, waardoor de speeltuin niet alleen bevolkt wordt door peuters, maar ook door moeders. Ze drentelt achter haar kind aan naar de wipkip, gaat achter de wipkip staan als het kind wipkipt, begeleidt hem naar het klimhuisje, legt uit hoe het klimhuisje beklommen moet worden, tilt hem er op en vervolgens weer af, zet de achtervolging in naar de zandbak, doet een demonstratie zandscheppen, passeert bij de glijbaan een collega-kleefmoeder, vertelt haar kind dat het hallo moet zeggen tegen het andere kind en zegt dan zelf hallo tegen het andere kind, houdt handen onder de billen van kind als hij de glijbaan op klautert en volgt het stukje omlaag alsof beneden de dood wacht.

    En ik zit op het bankje en kijk naar Tijmen, die gillend naar de wipkip rent en er behendig op klimt. En als ze haar kind op het andere zitje van de wipkip helpt en vraagt: ‘Wil je met dat kindje op de wipkip? Ja? Zeg maar: hallo, kindje!’ denk ik: Laat! Dat! Kind! In! Godsnaam! TOCH! GEWOON! OP! DIE! WIPKIP!! Want hoe erg is het als hij een keertje valt?  

    Oké, voordat u mij Joseph Jackson gaat noemen: ik bedoel van het eerste treetje van de glijbaan, bijvoorbeeld. En dan met van die rubberen knuffeltegels eronder. Als Tijmen op één been bovenop een klimrek balanceert, ben ik de eerste die erbij is. Zo snel dat u het niet zag, omdat u net even met uw ogen aan het knipperen was. Maar dat eerste treetje, dat mag hij van mij zelf nemen. En het tweede ook.

    En ja, Tijmen valt van het eerste treetje. Op de rubberen knuffeltegels. Hij schrikt, huilt een halve minuut op volle kracht en rent daarna vrolijk gillend naar de wipkip. Vier kleefmoeders kijken mij aan alsof ik een verachtelijk loeder ben. En kleven dan weer verder, naar glijbaan, zandbak, schommel en klimhuis.

    Deze column stond in Drift 3, 2009.

    ]]>
    <![CDATA[O ja]]>heel gelukkig dat ik niet op een heel groot kantoor werk met tweeduizend collega's.
    ]]>
    <![CDATA[Hendrikus: positionering en retailactie voor planten]]>Een plant is meer dan een mooi groen ding in je woonkamer, was het uitgangspunt van een positioneringsexercitie, die uitmondde in de pay-off: met een plant groeit er iets moois

    Mensen vinden planten mooi, maar het feit dat je goed voor ze moet zorgen, kan een drempel zijn. Terwijl: hoe beter je weet wat je plant nodig heeft, hoe mooier hij wordt en hoe meer hij je teruggeeft. En hoe meer je geniet van de band met je plant. 

    Dit thema kwam voor het eerst terug in een retailactie. Wie een plant kocht, maakte grote kans op 'Ik & mijn plant', een ontzettend vrolijk en geestig boek, speciaal ontwikkeld door Uitgeverij Snor. Het behandelt de band van jou en je plant volgens de zeven relatiestadia: van verliefdheid tot samen oud worden. Blader hier online door het boek.



    DM naar bloemisten: 

    Actievoucher: 

    Ergo: keiharde retailacties - I've been there.


    ]]>
    <![CDATA[Haagse Hogeschool: promotie van de opleiding Functional Food]]>  Samen met Eveline Posma deed ik zelfstandig een aantal projecten voor de Haagse Hogeschool, onder meer voor de nieuwe afstudeerrichting Functional Food.  Een richting die niet alleen exact is, maar ook aandacht besteedt aan marketing, psychologie en management en daarom volgens de ontwikkelaars aantrekkelijk is voor meisjes.

    Wij positioneerden de opleiding voor de langere termijn en kwamen – met een beperkt budget – in actie voor de kortere termijn. Centraal daarin stond het concreet maken van dat waar de opleiding uiteindelijk toe leidt: innovatieve producten waaraan jij hebt meegewerkt en die op de winkelschappen terecht komen.

    Dit resulteerde onder meer in de Functional Food Store, die op open dagen en andere relevante plekken zichtbaar maakte waar je nou eigenlijk naar toe werkte. Via social media werd contact gehouden met potentieel geinteresseerden, van event tot inschrijving.


     

     

     

     

     

     

    ]]>
    <![CDATA[Ja, sorry]]>moeder was én echtgenote en beide geweldig vond en een blinde darm kwijt was en weer door mijn lievelingsstad stampte en ik verslaafd raakte aan de Amerikaanse verkiezingen alsof het Big Brother was en in een nieuw huis woonde met verschillende verdiepingen en heuse centrale verwarming en niet meer tegen de broekloosheid van Madonna kon. Over mijn principe dat Uggs belachelijke voetunits zijn dat ik na jaren trouw principieel doen gewoon bij de integriteitsschroothoop gezet heb, over de mooie titel die ik voor het boek bedacht had die niet meer klopt, over the West Wing waaraan ik verslaafd raakte en waardoor ik nu kamp met afkickverschijnselen en over mijn nieuwe bestaan als wijkverpleegster voor mijn gezin dat afwisselend ziek is, waardoor ik als een heuse Florence Nightengale met thermometers rondren en sapjes pers.

    Maar ik ben zo hard bezig met de Grote Betaalde Klus en het boek, dat het steeds keihard van het prioriteitenlijstje afkukelt. Sorry, lieve lezers. Een heel welgemeend sorry zelfs, want ik praat graag via deze weg met u, al is het meer tegen dan met. Ik beloof dan ook heel graag beterschap voor het volgende jaar, maar ik weet niet zeker of ik me daaraan kan houden. Want het boek, het boek. En het werk, het werk.

    Ach, weet u wat: ik beloof hierbij beterschap voor 2009 en als ik dan net zo lamlendig weblog als de afgelopen tijd, slaat u me eens goed om de oren, oké? Of kom gezellig twitteren (u vindt me als MaaikeS), ook leuk. Hoe dan ook: maak er wat leuks van vanavond, of niet, want dat kan ook heel leuk zijn, en dan zoenen we elkaar hier morgen digitaal de beste wensen toe. Tot dan!  ]]>
    <![CDATA[To do list: ]]>500 gr. gemengde paddestoelen
    3 sjalotjes, fijngesneden
    2 teentjes knoflook, fijngeneden
    1 dl droge witte wijn
    4dl wild of vleesfond (pot 4 dl)
    zout, peper
    3 tamme eendenborsten, totaal ong. 550 gr.
    2 el lichte sojasaus
    1/2 el gembersiroop
    1 1/2 el medium dry sherry

    ]]>
    <![CDATA[Vrede op aarde]]>
    Ik wil u daarom, week van hart en met stille hoop op wereldvrede, fijne dagen wensen, met familie, kaarsen en licht geblakerde maar goedbedoelde gerechten. Tot volgend jaar!
    ]]>
    <![CDATA[Niks is het nieuwe feest]]>
    -----

    Ik vind december een moeilijke maand. Niet zozeer vanwege najaarsdepressies of eindejaarssomberheid, maar vanwege de jaarwisseling en de slopende voorbereidingen hierop. Eind november beginnen mensen in mijn omgeving elkaar al langzaam af te tasten.
    "Zeggeh...wat doe jij met Oud en Nieuw?"
    "Mwah, kweenie, feestje, ofzo."
    "Waar dan?"
    "Nou Paradiso schijnt wel aardig te zijn, maar de Arena ook wel. En er is ook iets in de Winston."
    "Met wie?"
    "Tja, eh..."
    Oud & Nieuw Stress kan ontleed worden in twee stressfactoren, ontdekte ik.

    Stressfactor 1. Met wie vier je Oud en Nieuw?
    Betekent het feit dat je je committeert aan vriend A dat je automatisch je kansen vergooit op vriend B? Of kunnen er combinaties gemaakt worden? Weegt het uitnodigen van de leuke vriend op tegen de stomme vriendin die hij onvermijdelijk met zich mee zal nemen? Houden A en D het tot twaalf uur uit zonder ruzie?

    Stressfactor 2. Waar vier je Oud en Nieuw?
    Nadat het gezelschap zich uitgekristalliseerd heeft, moet er een locatie gevonden worden, waarin iedereen zich kan vinden. Na het overwegen van feesten in de Melkweg, de Jimmy Woo, Bitterzoet, Paradiso en een aantal andere locaties die ik me niet meer kan herinneren, valt onze keuze op Paradiso. Vanaf 15 december start de voorverkoop. Vastberaden bel ik op 15 december het Amsterdams Uit Bureau. Prachtig op tijd.
    "Nee, mevrouw, dat is al lang uitverkocht."
    Wat!? Oh god. Wat nu? Een megafeest in de Heineken Music Hall? Techno bij Awakenings? Kerst met de nazaten van André in Bolle Jan? A wil naar de Jimmy Woo, C wil onder geen beding naar de Jimmy Woo, omdat er teveel hippe mensen rondlopen. B stelt voor om dan maar thuis een feestje te vieren. D vindt het een belachelijk idee om thuis een feestje te vieren, we zijn toch geen veertig? E stelt voor om Oud & Nieuw af te schaffen.

    Ik zie het niet meer zitten. Als u me zoekt om me de beste wensen te wensen, zit ik in een grot onder een berenvel te wachten tot Amsterdam weer normaal geworden is.

    ]]>
    <![CDATA[Hoe dat dan gaat, met zo'n boek ]]>Trouw vroeg mij een maandje te gastbloggen op hun Schrijf!-site, om te vertellen over mijn schrijf- en uitgeefbelevenissen. Hieronder vind je mijn bijdrage van een paar dagen geleden: Hoe ik aan mijn contract kwam.

    ---

    Ja, de kans dat je eerste manuscript uitgegeven wordt, is klein. En dat kan ik beamen, zoals ik in mijn vorige blog ook deed. Natuurlijk is schrijven iets dat je kunt, maar vooral iets waarin je beter moet worden. Je moet meters maken. Om een vorm te vinden, je stem, om valkuilen te ontdekken en te leren hoe daar omheen te zeilen, om te leren hoe je karakters geloofwaardiger maakt, hoe je effectief schrijft en niet uitwijdt over dingen die wel leuk zijn maar niet relevant... en zo kan ik nog wel even doorgaan.
     
    Drie uitgeverijen wilden mij gelukkig vertellen waarom ik er nog niet was met poging 1 - en dat heb ik opgeslurpt, zonder al te nadrukkelijk dingen te denken als: ‘nee, jij trekt volle zalen’ of ‘jaaaaaa, bla bla bla blaaa’. Want natuurlijk hadden ze gelijk; in de leuke en minder leuke dingen. Volgens mij werkt bij schrijven een combinatie tussen overtuiging en bescheidenheid het beste. Het begint allemaal met die overtuiging - ik kan dit, of ik denk dat ik dit kan en ik ben stiekem best een beetje gaaf - maar alleen door bescheiden te zijn over je zelfvermeende gaafheid kun je vanaf een afstand kijken naar je werk en de zwakke plekken eruit halen.
     
    Goed. Danig bewust van al mijn risicogebieden als schrijver, maar nog voldoende overtuigd van mijn zelfvermeende gaafheid legde ik poging 1 opzij, deed toen een tijdje niks of niet zoveel bijzonders en besloot gedegen aan poging 2 te beginnen met Een Plan. Poging 1 was namelijk niet zo doordacht dat het leidde tot een duidelijk einde, waardoor ik enorm in de problemen kwam en de Dallas-oplossing (iemand met een geweer langs laten komen die iedereen platmaaide) erg verleidelijk werd. Ik legde Het Plan voor aan één van de redacteuren die ik had leren kennen bij poging 1, die met slimme dingen kwam als ‘als je nou...’ en ‘let er op dat...’. (Nee, serieus, het waren hele zinvolle dingen; ik kan ze nu alleen niet meer herinneren.) Als een gefocust blij ei begon ik weer noest te tikken en verrek, na een hoofdstuk of 7 zag een andere uitgeverij binnen hetzelfde uitgeefhuis mijn werk zitten en bood me een contract aan. Dit moet een maand of 5 zijn nadat ik Het Plan gemaakt had. Heel fijn, want zo kon ik het boek met tussentijds overleg met de uitgever afschrijven, waardoor ik nooit het gevoel heb gehad dat het een eenzaam geploeter was.
     
    Wat is nou de moraal van dit verhaal? Uhm, ja:
    1. Neem de tijd om te ontdekken wat je kan - en wat niet.

    2. Wees nooit te blij met jezelf. Uiteindelijk zijn er maar een paar schrijvers die zich dat kunnen permitteren en de meesten daarvan zijn al dood. (Het eerste heeft voor zover ik weet overigens niks met het tweede te maken.)

    3. Kritiek is gaaf. Goed, zo voelt het niet altijd, maar realiseer je als je kritiek krijgt dat je blij mag zijn dat je het überhaupt krijgt en niet meteen de papierversnipperaar in verdwijnt. Net zoals Henk-Jan Smits weet hoe je een zonnebril in je haar moet dragen weten mensen in de uitgeefwereld hoe je een boek moet maken; het zal dus wel ergens op slaan wat ze je te zeggen hebben.

    4. Britney Spears is terug. Oké, dit heeft weinig met mijn relaas te maken, maar ik las zojuist een bericht dat ze ‘helemaal terug’ zou zijn en ik kan me niet onttrekken aan het gevoel dat ze vervangen is door een robot. (Over mijn fascinatie voor Britney en of dat wat te maken heeft met schrijven wijd ik nog wel eens uit.)
     
    Hoe gaan jullie om met kritiek? En wat doen jullie ermee?
    ]]>
    <![CDATA[Ik blog gast]]>Trouw Schrijf! deze maand. Over schrijven, hoe daartoe te komen en de geringe romantiek daarvan. Vandaag (of eigenlijk gisteren) over de charmante puinhoop waarmee het allemaal begon.
    ]]>
    <![CDATA[Zo letterlijk hoeft kunst nou ook weer niet te zijn]]>

    ]]>
    <![CDATA[Zonder maar een greintje ironie]]>
    En het waren niet alleen de Simple Minds. In de TriBeCa Church Lounge draaiden ze Phil Collins, in de Cellar Bar Billy Idol en in de Soho Grand Roxette. Nee echt, Roxette. Met droge ogen, zonder maar een greintje ironie. Heel hard. En iedereen sipte van zijn martini en tapte met de Louboutin-schoenen en keek alsof Roxette de nieuwe plingellounge is, Ierse fluitjes de nieuwe elektrobeat en de nacht pas onvergetelijk wordt met Genisis.

    Bereid u dus voor op een seizoen vol Belfast Childs, luchtgedrum en nananananananana-she’s-got-the-looks.  U bent gewaarschuwd. 
    ]]>
    <![CDATA[Ik ga naar New York en... ]]>... iemand nog tips voor dat ooooooo zo leuke restaurant waar ik anders niets over zou weten, of die kroeg, hysterisch hippe bar, buurt, straat, winkel, stoepsteen, lantaarnpaal, meeneemkoffiemaker, boekwinkel, legendarische bioscoopstoel, etc?



    PS - ik weet dat dit geen NYC is, maar ik had even niks anders bij de hand. En anders was de feng shui van deze pagina vormgevingstechnisch zo on-yang.
    ]]>
    <![CDATA[Sint Maarten]]>'Moeten jullie maar niet allemaal hetzelfde liedje zingen,' dacht ik.
    ]]>
    <![CDATA[Lieve kinderen uit mijn buurt, ]]>het spijt ons van vorig jaar. Echt. Maar dit jaar zijn we er helemaal klaar voor. We komen om in het snoep. Sterker, we hebben zoveel snoep dat jullie je allemaal de obesitas in kunnen snoepen. Dus tot morgen. En wel een beetje gemotiveerd zingen, he! 

    (Een post uit deze tijd vorig jaar:)

    ‘De bel.’

    ‘Verwacht jij iemand?’

    ‘Nee, niet dat ik weet.’

    ‘Hé, er staan kinderen voor de deur.’

    ‘Kinderen?’

    ‘Met lampjes in hun hand.’

    ‘Is het niet een beetje laat om nog met de kinderpostzegels rond te gaan?’

    ‘Kinderpostzegels? Nee man, het is Sint Maarten! Shit!’

    ‘Denk je dat ze een sinaasappel lusten?’

    ‘Een sinaasappel? Wil je een steen door je ruit?’

    Kastjes worden nerveus opengetrokken.

    ‘Een kaascracker dan? Stukje roquefort?’

    ‘Nee, we hebben snoep nodig. Zoete troep!’

    ‘Wasabinootjes… olijven…. noedelsoep…’

    ‘Snel, snel, er komen er nog meer aan.’

    ‘Rijstzoutjes…  tapenade… Oh, wacht, ik heb hier stroopwafels!’

    De bel gaat nog een keer, gebonk op de deur.

    ‘Dat zijn er maar drie, ze verslinden me levend!’

    ‘Wacht, wacht…’ Laden worden opengerukt. ‘… Hier, kersenbonbons, uit dat kerstpakket van jou van vorig jaar, lusten kinderen dat?’

    ‘Ze zullen wel moeten.’

    Het gebonk op de deur wordt luider, opgewonden kinderstemmetjes joelen onverstaanbare dingen.

    ‘Oh, en hier, die vieze biologische koekjes. Is het erg als er een beetje schimmel op zit?’

    ‘Nee joh, zien ze niks van in het donker. Geef maar hier.’

    Voetgeroffel van de trap af, de deur gaat open. Opgewonden kinderen zingen drie ondefinieerbare liedjes door elkaar.

    ‘Mooi gezongen hoor, jongens. Oh, ben jij een meisje? Sorry hoor. Wie wil er een stroopwafel? Nee, kinderen die slaan worden overgeslagen. En wie lust er een chocolaatje? Hé, niet sláán jij! Dan krijg je niks, hoor. Of weet je wat? Lust jij koekjes? Alsjeblieft, kijk eens. Wat zeg je? Hebben de koekjes witte haartjes? Ja, dat hoort. Dat is biologisch. Nou, dáááág kinderen! Dááág!’

    Deur wordt dichtgeslagen, aan de andere kant van de deur klinkt kindergejoel, dat langzaam verstomt. Een diepe zucht wordt geslaakt.


    ]]>
    <![CDATA[America's Next Top President]]>

    En nu afkicken van het verkiezingscircus...
    ]]>
    <![CDATA[Huub huub barbatruc]]>


    Mooie ad, trouwens.

    ]]>
    <![CDATA[Bieb]]>]]><![CDATA[Bla]]>
    •    Sarah Palin lipliner heeft laten tatoeren.
    •    Joe Biden botox gebruikt (kijk maar eens naar zijn Nicole Kidman-voorhoofd).
    •    Joe the Plumber denkt dat Israel door de aarde verzwolgen wordt als Obama president wordt.
    •    Zo ongeveer de enige persoon in Hollywood die McCain steunt Tom Hagen speelde in the Godfather. Oh, en de vader van Angelina Jolie.
    •    Sarah Palin nog een zoon Zamboni zou willen noemen.
    •    Barack Obama zijn oudste dochter alle boeken van Harry Potter heeft voorgelezen.
    •    67% van de Amerikanen vindt dat flaporen niet afdoen aan een presidentiele uitstraling.
    •    je met de woorden ‘Maverick’, ‘drilling’, ‘terrorist’ ‘heartland’, ‘bad guys’ en ‘Ummmmmm’ je Palin Bingo-kaart al bijna compleet hebt.
    •    Michelle Obama van witte bloemen houdt.
    •    En soms kleding van H&M draagt.
    •    Amerikanen van wuivend graan houden.
    •    Obama gisteren een tondeuse over zijn haar heeft gehaald.
    •    Lila niet echt Hillary's kleur is (net zoals zalmroze, lichtblauw en kuikengeel).

    To be continued.
    ]]>
    <![CDATA[Tweede kilo ]]>]]><![CDATA[Vroeger]]><![CDATA[Zomaar een aantal dingen die ik dacht]]>
    * Waarom zijn ze vriendinnen met die zure rooie?

    * En waarom is die zure rooie altijd zo zuur?

    * Waarom wilde Druiloor Steve haar terug? Ik bedoel, noem eens één leuke eigenschap van de zure rooie?

    * Waarom gillen ze de hele tijd als ze elkaar zien, met van die hysterische 'Aaaaaaaaah!!!' gilletjes?

    * Bruin haar?

    * Eiffeltorentasjes?

    * Waarom zeuren vrouwen altijd zo in films? Heren: wij doen niet de hele tijd 'Aaaaaaaaah!!!', we denken soms ook wel eens na over de wereld enzo en we zijn niet bevriend met zure vrouwen.

    * Waarom moest deze film er eigenlijk komen? Niet dat -ie helemaal niet om aan te zien is, maar hij is zo saaaaaaaaai.

    * Waar waren de grappen?

    * En waarom duurt -ie net zo lang als de hele Godfather-cyclus bij elkaar?

    * Aaaaaaaaaaahhh!!!
    ]]>
    <![CDATA[De Verjaardagskaartenmaakmachine]]>Vraag:
    een campagne om de verjaardagskaartenservice (je weet wel, je kiest online een kaartje en laat 'm via de post bezorgen) van TNT te promoten.

    Probleem:
    de te promoten kaarten zijn een beetje saaaaai....

    Oplossing:
    Maak van het product de campagne met de Verjaardagskaartenmaakmachine: een online apparaat waarmee je de geweldigste kaarten in elkaar zet, inclusief het hoofd van jou of de jarige dat je een complete make-over kunt geven, accessoires om de boel een beetje aan te kleden, confetti om mee te strooien en slagroom om mee te schrijven.

    Inkoppen concept en copy voor dit geweldig leuke kaartenapparaat. De jongens van Qi zijn in de executie helemaal losgegaan, waarvoor een luid hoera. Neem een kijkje!




    ]]>
    <![CDATA[Haha]]>

    Bekijk de grote versie.
    ]]>
    <![CDATA[Waar ik de afgelopen tijd zoal druk mee was]]>•    Met op vakantie zijn en wittebroodsweken vieren. Ik nam dat wittebroodsgedoe niet zo serieus, tot ik van iemand hoorde dat ze zes weken duren en je veel champagne mag drinken. Op Wikipedia las ik trouwens dat je tijdens die zes weken ook niet gestoord mag worden door verzekeringsagenten. Als dat ook geldt voor telemarketeers, zal ik dat mijn stalkster van het NRC eens goed inwrijven.

    •    En weer met werken, want mijn opdrachtgevers vinden dat ik nou wel weer genoeg in de zon gezeten heb met bubbels in de hand en zetten me fluks aan de slag. Niet eerst met de tenen in het koude zwembad en dan met de voeten en dan tot de knieen, maar gewoon in één keer erin duiken. Beter zo.

    •    Met het oeuvre van Paul Auster. Op mijn volgende verjaardag wil ik graag een optreden van de Grote Zavello.

    •    Met het op de voet volgen van de Amerikaanse verkiezingshysterie, alsof het Big Brother 1 is. De beste schrijvers niet met zo’n script aan zouden durven komen te zetten. Wag the dog is een mierzoet sprookje in vergelijking met dit idote, fascinerende spektakel.

    •    Met de allerbeste deal zoeken voor vlucht + hotel naar New York - tips welkom.

    •    Met het nog steeds aanhikken tegen Project Administratie 2007. Langzaam maar zeker begin ik door goede excuses heen te raken.

    •    En tussen al dit vrolijks door schrijf ik door aan wat boek twee zou moeten worden. Over hoe dat gaat, verschilt mijn mening van dag tot dag; de de ene dag denk ik dat ik al best een eind ben en de volgende dag zie ik gaten van jewelste. Gestaag, zullen we maar zeggen. Momenteel ben ik geloof ik redelijk tevreden. Maar dat kan morgen weer helemaal anders zijn.

    ]]>
    <![CDATA[Barpoezie]]>13 Appelsap
    136 Adam Rep. Vodka
    222 Vaasje
    18 Chivas Reval
    44 Gin
    38 Tonic
    7 Cassis
    13 Bacardi
    4 Passoa
    2 Bouchon rood
    32 Bouchon wit
    1 Runder hamburger
    1 Tequila Gold
    76 Spa blauw
    6 Sambuca
    3 Bailey's
    7 Jus
    32 Cola light
    6 Sisi
    20 fles Samur
    4 Bouchon rose
    18 wijn rood club

    En dan vraag je je af: 123 euro voor water? Is wodka het nieuwe bier? En wie ken ik die Passoa drinkt?
    ]]>
    <![CDATA[Ja (2)]]>
    De volgende dag lieten we het idioot grote ronde bad vollopen en door elkaar heen kwamen flarden van de avond terug. En ik dacht: we hebben een idioot groot rond bad nodig. Want over de mooiste dagen van je leven moet je napraten in een idioot groot rond bad. En als het aan mij ligt, moet er veel nagepraat worden.

    ]]>
    <![CDATA[Ja]]>

    ]]>
    <![CDATA[Musical]]>
    We liepen de brug over naar het KNSM-eiland, waar nog meer mensen waren en lawaai, dus ook wat te drinken, zo redeneerden wij.

    En toen gebeurde er iets verontrustends.

    Frits Sissing bleek op het podium te staan en kondigde de Josephs aan. Binnen luttele seconden stormden een heleboel overblije musicalmannen in gekleurde jasjes het podium op, die begonnen te dansen en te zingen over gekleurde jasjes, het leven of waar musicalmannen ook over zingen. Kleine T ontdeed zich onmiddelijk van zijn contemplatieve pose en begon opgewonden te gillen en met zijn benen te trappelen, alsof hij nog nooit zoiets moois gehoord en gezien had.

    We keken elkaar aan en wisten dat we ons moesten voorbereiden op posters van Joop van den Ende, the Junior Phantom of the Opera en de dag dat kleine T zou zeggen: ‘Pap, mam, ik moet jullie wat vertellen. Ik wil bij de musical.’

    Gelukkig was er wat te drinken.

    Naschrift: hij deed zojuist hetzelfde bij Aretha Franklin, dus wie weet dacht hij dat de gekleurde jasjes de Teletubbies waren en was het allemaal één groot babymisverstand. We houden hoop.

    ]]>
    <![CDATA[Broek ]]>Is het nou zo erg, een broek?


    ]]>
    <![CDATA[Flexibel met Fons]]>
    Op een voorjaarsdag in 1974 zag in het mooie Volkel ons Fons het levenslicht. Toen hij als kleine jongen een optreden van Koos Alberts op tv zag, wilde hij nog maar ėėn ding: zanger worden. Hij nam zanglessen, trad regelmatig op in het lokale bowlingcentrum en bracht op zijn achttiende zijn eerste single uit: 'Dromen kost je niks'.

    Fons, een matig getalenteerde volkszanger en de held uit de nieuwe KPN Flexibel-commercial, heeft een probleem: hij heeft een poliep op z'n stembanden, waardoor hij zich een maand koest moet houden. Hij zit letterlijk op de bank. Maar de show must go on, zegt schoonvader en manager Toine altijd; de volgende show gaat dus gewoon door. Jij kunt Fons helpen bij 3 beslissingen die hij moet nemen voor deze grandioze playback. Ondertussen kun je door zijn telefoon - en daarmee door zijn leven-  snuffelen en ontdek je de voordelen van het naar boven of beneden aanpassen van je Flexibel-abonnement.

    Ik heb het basisconcept van Pascal en Ruben bij Qi werkbaar gemaakt, er een spelelement aan toegevoegd, mijn Brabants afgestoft en de scripts en de copy geschreven. Vooral de audio is erg fijn geworden, met hulde aan Big Orange.

    Neem een kijkje in Fons z'n telefoon op kpn.com/flexibel of lees z'n bio op fons74.nl!




    ]]>
    <![CDATA[Burendag]]>
    Twee jaar geleden ging iedereen bij elkaar op de koffie, vorig jaar werden er door het hele land buurtfeesten georganiseerd en dit jaar steekt buurtbewust Nederland de handen uit de mouwen. Of je nou een buurtdiner wilt organiseren, de graffiti wilt verwijderen of een knappe wipkip in het speeltuintje wilt plaatsen, je kunt een aanvraag voor een financiele bijdrage doen bij het Oranje Fonds. Er is maar liefst een miljoen euro beschikbaar, dus de kans dat je buurt geld krijgt is nog groot ook.

    Ik tikte heel wat af: de site, videoscriptjes, posters en een heleboel e-mails. Wat ik zelf ga doen op Burendag? Ik ben dan helaas op vakantie. Ja, echt waar... maar ik zie dat er in mijn buurt al een straatspeeldag georganiseerd wordt en dat de koffie al staat te pruttelen. Nou ja, spreekwoordelijk, dan.

    Neem een kijkje op Burendag.nl.

    Gemaakt voor Lemz.


    ]]>
    <![CDATA[Een fragment ]]>    ‘We zijn er!’ roept Junior.
        ‘Ja, we zijn er!’ roept Max.
        ‘Het is het kasteel!’ juicht Junior, bijna buiten zichzelf. ‘Wij wonen in het kasteel! Wat móói!’
        Junior en Max rennen de bus uit; ik loop achter ze aan. De receptie ziet eruit als een dronken spiegelpaleis, Juniors mond valt open.
        ‘Welcome, welcome!’ roepen twee baliemedewerkers, die het niet meer hebben van vakantiegeluk. ‘Welcome to Palm Inn padarise!
        Dat maken we zelf wel uit, denk ik.
        Na een stapel papieren, een uitleg van het zwembadreglement (geen ontblote bovenlichamen voor dames, geen ontblote onderlichamen voor kinderen, geen drankjes in het zwembad, niet duiken in het pierenbadje) en de openingstijden van het ontbijt-, lunch- en dinerbuffet krijgen we een gillend roze bandje om onze pols. Ach ja, laat iedereen dan maar zien ook dat we hier all-inclusive zitten en niet half- of niks-inclusive.
        ‘Kijk, wat een mooie armband!’ houdt Junior zijn pols omhoog, als een gelabeld kistkalfje.
        ‘Prachtig!’ aait Max hem over zijn haar.
        Het eerste dat ik op onze kamer inspecteer is de minibar.


    ]]>
    <![CDATA[Brief aan Madonna]]>
    Ik moet iets kwijt. Ik ben de laatste tijd een beetje bang voor je. Ja, ik wilde liever ook dat het anders was, maar ik kan er niks aan doen. Ik weet het, het ging jarenlang prima tussen ons. Ik vond je eigengereid en origineel en ik vond je muziek vaak leuk. En je leek me ook best aardig, op een bepaalde manier. Heel lang had ik het idee dat de tijd geen grip op je had en dat je voor eeuwig 35 bleef. En als je ooit oud zou worden, zou je dat op een heel sjieke manier doen, stelde ik me voor. Je zou boven het concept Leeftijd staan, of er een heel nieuwe invulling gaan geven, zoals je ook deed met crucifixen, seks en de puntbeha. Laat dat maar aan jou over, dacht ik.

    Ik denk dat het mis begon te gaan tussen ons toen je op het onzalige idee kwam om de meest stompzinnige trend van de jaren ’80 (na het matje) een nieuw leven in te blazen en je begon met die gympakjes. Op een bepaald moment willen mensen je benen niet meer zien, Madge. Niet omdat ze niet strak zijn, maar omdat het ze het gevoel heeft dat hun moeder ook zomaar een gympakje aan zou kunnen doen om daarna op haar rollerskates boodschappen te gaan doen. Je hebt een voorbeeldfunctie, Madge. Jij wil toch ook niet dat het straatbeeld vervuild wordt met belegen benen en netpanties en rare discojasjes? Nee toch?

    Ik had gehoopt dat het een fase was en dat je je zoals vanouds opnieuw zou uitvinden als Hot Robot of Happy Goth of  Dakloze-de-Luxe of iets anders waar nog niemand op gekomen is. Maar toen ik de publiciteitsfoto zag voor je dit-is-toch-wat-jullie-tegenwoordig-hip-vinden-jongens-en-zien-jullie-mij-met-die-jonge-knul-van-Timberlake-plaat Hard Candy, schrok ik. Ik moet eerlijk zijn, Madge: ik vind hem doodeng. Alles eraan, om precies te zijn. Die rare lollies, die je er zo te zien zelf achter gephotoshopt hebt. Je geil bedoelde blik, die necrofielen waarschijnlijk heel opwindend vinden, maar die toevallige voorbijgangers van schrik in hun latte to go doet verslikken. Het cumshot, die doet denken aan dingen waarover je helemaal niet wil denken. De belachelijke sieraden en - wat had ik je nou gezegd! - het gympakje. Een Gympakje 2.0, roep jij nu, in sexy boxerstijl, of wat de bedoeling ook precies is, maar niettemin een gympakje.

    Madge, lieverd, het hoeft niet meer per se. Je hoeft niet meer die Top 40 in en de podia op om te dansen met broekies die Michael Jackson nadoen. Doe eens wat leuks voor jezelf - weet ik veel, koop een huis aan een Italiaans meer en ga daar iedere dag champagne drinken met je voeten in het water, ofzoiets. Lach eens, als je dat nog kan met je nieuwe hoofd. En stap er langzaam uit, voordat onze leuke herinneringen aan je overwoekerd worden door beelden van een krampachtige mevrouw op leeftijd, die hijgend achter de tijdsgeest aanrent. Denk erover na, Madge. Desnoods in je gympakje, als je dat wilt - als ik het maar niet hoef je zien.

    Voor altijd,
    Je Maaike

    ]]>
    <![CDATA[Superrrrrzomerstippenkortingsprijzencircus!]]>15 Minutens achter het kopieerapparaat: ‘Het ideale zomerboek,’ volgens de Chef Distributie.‘Nóg leuker dan Zomerslank met Sonja,’ aldus de inpakafdeling.

    En omdat ze het goed met je voor hebben, introduceren ze de hele maand augustus het Superrrrrzomerstippenkortingsprijzencircus: in plaats van voor €17,90 krijg jij 15 Minuten voor maar 15 euro. Da’s maar een euro per minuut!

    Hoe? Heel simpel:
    -    maak €17,60 (15 euro voor het boek en €2,60 portokosten) over naar bankrekeningnummer 105472379 t.n.v. Maaike Schutten tekstproducties en vermeld voor wie het boek is.
    -    Stuur een mailtje naar mail@maaikeschutten.nl met als onderwerp jouw naam. Vertel me daarin wat je adres is en of je nog een persoonlijke boodschap toe wilt voegen.
    De inpakafdeling gaat dan meteen aan de slag.

    Oh, en de pr-medewerker wil ook nog even wat kwijt:

    CJP: 'Kwartiertje spotlights - een fijne moderne romantische komedie in boekvorm, humoristisch en vlot geschreven, met een net wat minder voorspelbaar en zoet einde dan je in eerste instantie zou verwachten.'

    ELLE: 'Een satirische schop tegen de celebcultuur. (...) Een vlot geschreven relaas over de ijdelheid van roem, dat je vanaf de eerste letter met een glimlach op je gezicht leest.'

    Sp!ts: '15 minuten laat zich lezen als een liefdesverhaal en een vrolijke satire op de oh zo hippe wereld van de young & fabulous ineen.'

    Bestellen dus - en een fijne vakantie, waar dan ook!
    ]]>
    <![CDATA[Ik wil ook 4 monsters!]]>

    Feist in Sesamstraat. Staan daar nog huizen te koop?
    ]]>
    <![CDATA[Wolkjes maken]]>tagcloud van hoofdstuk 4 van mijn nieuwe werk. Je hebt er niks aan, maar het is wel leuk, wolkjes maken.



    ]]>
    <![CDATA[Maarten]]>Maarten (al online sinds 1924 en zo iemand waarvoor het blad Bright bedacht is) zet alle digitale middelen, media en apparaten in de strijd om zijn verblijf in het ziekenhuis zo draaglijk mogelijk te maken – en om grip te krijgen op wat er allemaal aan de hand is. Toen een paar weken geleden een tumor ter grootte van twee vuisten in zijn borst werd gevonden, startte hij meteen een weblog om zijn omgeving op de hoogte te houden. Hij blogt, twittert en fotografeert met de luchtige nuchterheid die zo goed bij hem past en maakt zich - zoals het een echte digi-adept betaamt - zorgen over WiFi in het ziekenhuis, maakt bezoekschema’s in Google Docs en regelt nog even een externe harde schijf, om al zijn muziek en series mee te nemen. Ik wist al dat Maarten een positief type was, maar deze dagen rekt zijn positiviteit op tot een omvang waarvan hij zelf misschien niet eens wist dat het mogelijk was. Gelukkig blijkt de tumor goed behandelbaar, zo blogde en twitterde hij meteen. Control-alt-delete is te makkelijk, maar hopelijk is dit snel een nare herinnering, die definitief tot het verleden behoort. Het wordt zo snel een loos woord, Maarten, maar sterkte. En blijf proberen het leven zoveel mogelijk naar je hand te zetten, zoveel als je kunt. Zoals je dat altijd doet.
    ]]>
    <![CDATA[De overschatte romantiek van schrijven in je pyjama]]><![CDATA[In de verdediging laten ze steken vallen]]>‘In de aanval zijn ze uitstekend, maar in de verdediging laten ze steken vallen,’ zei Arjen. Ik vond het goed klinken. Hij zei ook nog iets over ruiten, maar dat werd me wel heel abstract.
    U mag best weten dat ik me, ondanks mijn voetbalonbenulligheid, best verheug op De Wedstrijd. En dat is best vroeg; meestal kom ik er pas in halverwege de wedstrijd waarin Nederland eruit vliegt. Ik hoop dat de grasmat er mooi bijligt, dat de aanval uitstekend is, dat de verdediging geen steken laat vallen en dat ze mooie dingen doen met ruiten. Zo, en dan ga ik nu bier in de koelkast leggen en alvast wat oerkreten oefenen. Woeoooaah.

    ]]>
    <![CDATA[Van die dingen ]]>
    * Ik ben een beetje bang voor Madonna. En daar word ik melancholisch van. Ooit had ik namelijk besloten dat ze voor eeuwig cool was en er zomaar gewoon jeugdig en fris uit bleef zien. Maar dat was voor de balletpakjes. Vond ik een paar jaar geleden de paarse balletpakjes al een tikje griezelig, de zwarte waarin ze wijdbeens naar de camera zit en haar strakgetrokken hoofd met moeite een geil-achtige uitdrukking (tenminste, ik neem aan dat dat de bedoeling is) aanneemt, is ronduit huiveringwekkend. Ik vind het zielig voor Lourdes en overweeg haar te adopteren, voordat Angelina Jolie het doet.

    * Gisteren zong ik opeens: 'áááálle weeeelpies heeelpuuuh....' `Ik schrok er best van.
    ]]>
    <![CDATA[Vergeet die gordel niet]]>Volgende week Nu in de boekhandel! Met verrassende (tenminste - dat neem ik aan, ik heb er nog geen een gelezen) verhalen over vliegen in de breedste zin van het woord, van onder andere Jan van Mersbergen, Claire Polders, Arjen Lubach, Susan Smit, Ricus van de Coevering, nog een heleboel leuke schrijvers en uw (niet altijd even trouwe) weblogster. Heel veel bladzijden voor maar €12,50. Een koopje - en als je niet van lezen houdt, kun je er ook fantastisch muggen mee doodslaan. Hoe dan ook onmisbaar, deze zomer.


    ]]>
    <![CDATA[Die finale, die zit tussen je oren]]>Samen met Rik bij Qi bedacht ik Tom & Ted - twee hartstochtelijke voetbalfans met een missie: Nederland weer laten geloven in Oranje. Echt, hartstochtelijk geloven, zonder mitsen, maren en andere reserves. Want kampioen zijn is een state of mind, vinden ze. Of zoals Tom zegt: 'Die finale, die zit tussen je oren!'

    Waar ze maar kunnen stimuleren ze Oranjesupporters in hun geloof in het Nederlands Elftal, met hun zelfontwikkelde O.R.A.N.J.E.® methode. De komende weken hebben ze maar één taak: het Oranjelegioen helpen om het Nederands Elftal naar de finale toe te juichen. Heineken geloofde zo in ze dat ze Tom & Ted hun eigen online reality soap aanboden. Bekijk de afleveringen op heineken.nl. Of word vriendjes met ze op hun Hyves!

    ]]>
    <![CDATA[Trots op Nederland]]>Ik heb al een tijdje een - al zeg ik het zelf - briljant idee op de plank liggen, dat hoognodig weer eens de lobby in moet. Het plan is, vergeef me mijn onbescheidenheid, briljant in zijn eenvoud.

    We gaan het volgende Eurovisie Songfestival namelijk op onze sloffen winnen. En nee, niet Jamai of de cast van Tarzan of Lenny Kuhr, maar met Go East: the Dutch Eurovision Super Band.

    In deze band zitten:
    * 1 monster
    * 1 travestiet
    * 1 vampier
    * 1 overjarige housemuzikant
    * en - vooruit - Gerard Joling mag er ook in, op schaatsen, in een Pino-pak.

    In afwisselend Tjechisch, Russisch, Macedonisch, Roemeens, Bulgaars, Oekraiens en Hongaars zullen zij zingen:

    Wij houden van het Oooostblok
    Het is daar echt veel dope
    Het bier is er net zo lèèèèkker
    Maar dan zes keer zo goedkoop

    Oh mooi en prachtig Oooostblok
    Wat is het leven fijn
    Met jullie als nieuwe vrie-ienden
    En zonder IJzeren Gordijn

    Wij houden van het Oooostblok
    In caravan en tent
    Zo vol met mooie bèèèèrgen
    En muzikaal talent

    (Herhaal refrein 4 x)

    En dan roept Gerard Joling: stem op ooooooons!! En het monster: bwwwuuuuuuuggghhhhhrrrr!!

    Douze points, toch?  

    ]]>
    <![CDATA[Een fragment]]><![CDATA[Hoera 2]]>
    En soms sta ik in Paradiso en denk ik een tikje zelfingenomen: 'Kijk mij eens in een uitverkocht Paradiso staan, heh heh.' Zoals afgelopen woensdag, bij het Mark Ronson trompetten-en-zangers-en-violisten-en-twee-drummers-en-een-percussionist-en-nog-wat-toeteraars-en-een-mannetje-achter-een-orgel-en-nog-een-zwik-rappers-feest. En toen hij voor de zestiende keer met rode wietogen zei dat dit écht de allerallerallergeweldigste show was die ze ooit gespeeld hadden, geloofde ik hem ook nog.


    Dit filmpje is nogal duidelijk niet in Paradiso; met die brakke mobiele telefoonfilmpjes wilde ik jullie niet kwellen.

    Oh, en het origineel: ]]>
    <![CDATA[Hoera!]]>
    ]]>
    <![CDATA[Gouden aardappel]]>
    In grote opwinding wacht ik nu op het Jaar van de Broccoli.]]>
    <![CDATA[Maak die gordel maar vast vast]]>

    Fasten Your Seat Belt - boektrailer from RamonStoppelenburg.com on Vimeo.]]>
    <![CDATA[Nachtelijke updates]]>
    * Ik was net op het Spin Awards feest, ooit een feestje ter ere van de internetcreativiteit-vak-en nog zo wat-prijzen, maar inmiddels uitgedijd tot een enorm evenement in de Heineken Music Hall (waar overigens geen van de nominaties verzilverd werd. Maar goed, it's already such a honour to be nominated.) Heel vaak zei ik: 'Heeeeeeeeeeeee, wat leuk om jou weer te zien!' En heel vaak meende ik het ook.

    * En natuurlijk heb ik weer drankmuntjes over, die ik bij mijn pubercollectie 'muntjes van verscheidene discotheken in het Oosten van het land' kan voegen. Ze vallen wel een beetje uit de toon, qua Oosten van het land, maar daar pas ik nog wel een mouw aan.

    * En dan ga ik nu mijn muntjes tellen en dan slapen. Ik dacht wel dat u op deze informatie zat te wachten.

    * Binnenkort moeten we het trouwens nodig eens hebben over de fohner van de haren van Daphne Deckers in Holland's Next Top Model (ja, ik kijk weer). Want daar is iets heel vreemds mee aan de hand.]]>
    <![CDATA[Weeralarm]]>
    * Ik heb heimwee naar het geweldige espressoapparaat dat hier ooit was, denk ik weemoedig boven een beker fop-cappuccino.

    * Jeej, drie nominaties voor de Spin Awards! Twee voor een project voor T-Mobile, dat ik gedaan heb voor Agency.com (beste online campagne en beste interactieve videoconcept) en een voor een campagne voor Heineken waaraan ik heb meegewerkt bij Qi (beste crossmedia campagne). Zzzzzzzzzjampanje!

    * En in mei komt er een vrolijke verhalenbundel uit bij Foreign Media Books uit, Fasten Your Seatbelt genaamd, vol verhalen over vliegen, vliegtuigen en vliegvelden, van Arjan Lubach, Jan van Mersbergen, Claire Polders, Jowi Schmitz en nog een heleboel andere leuke jonge, frisse, dynamische, veelbelovende (etc. etc. etc) schrijvers. Ik mocht het afsluitende verhaal voor mijn rekening nemen, met als titel 'Looza perensap'. (Wat heeft dat nou met vliegen te maken, vraag je je af? Heel veel. Wacht maar af.)]]>
    <![CDATA[Weemoedig]]>
    Man, dat stemt weemoedig.]]>
    <![CDATA[IJkantine]]>De één heeft een opschrijfboekje en de ander een schetsblok.
    Ze zwijgen.
    Ze kijken naar elkaar, naar hun papier en dan heel lang uit het raam. Buiten lijkt er meer te gebeuren dan in hun hoofd.
    De één trilt met zijn Allstar op de grond, de ander tapt ritmisch met zijn Puma.
    De één snuit zijn neus, de ander roert in zijn thee.
    De één doet zijn mond open om wat te zeggen, maar sluit hem dan weer.
    De ander roert nog steeds in zijn thee.
    'Als we nou...' zegt de één.
    'Of...' zegt de ander.
    Dan kijken ze weer heel lang uit het raam.

    Als ik wegga kijk ik stiekem even op hun tafel. Op het opschrijfboekje staan drie woorden; op het schetsblok een krabbel die weer doorgekrast is.

    Hopelijk is de deadline nog even weg.]]>
    <![CDATA[Draadloos]]>
    Zo internette ik tot voor kort nog aan kabels. (Ja kinderen, dat waren een soort hele lange dropveters die je eerst aan je modem vastmaakte en daarna aan je computer.) Mijn Apple lag al jaren aangelijnd en hij wilde ook wel eens uit. Daarom kocht ik onlangs een Airport; een wit, draadloos toverdoosje. En nu internet ik niet alleen vanuit bed, bad, vanaf het toilet, het dakterras en de keukentafel, ik speel mijn iTunes af over de broodrooster, check mijn e-mail op tv en msn op de magnetron. Geweldig. Dit bericht post ik overigens vanuit de wasdroger.
    ]]>
    <![CDATA[Notitie aan Britney]]>Lieve Brit,

    ik vrees dat ik de komende weken even geen tijd heb om je te schrijven, want er zijn twee andere mensen die nodig en heel streng toegeschreven moeten worden. Gedraag jij je een beetje in de tussentijd? Zul je denken aan je ondergoed? Als je er even niet uitkomt, kun je altijd even bellen met deze meneer.

    Liefs,

    je Maaike

    ]]>
    <![CDATA[Brief aan Britney –4-]]>Britney!!!

    Of zal ik Amy zeggen? Ja, misschien vind je dat ik wat veel uitroeptekens gebruik, maar het wordt zo langzamerhand tijd dat ik met stemverheffing tot je schrijf, Brit. Brief na brief na brief heb ik je bemoedigend toegesproken en harten onder je laagzittende riem gestoken. Het ene nuttige advies na het andere draag ik aan – geheel gratis en belangeloos! -  en wat doe je ermee? Je veegt er je ongetwijfeld voor een paar miljoen verzekerde achterste mee af! Je weet dat ik in je geloof, maar toen ik dit zag, begon ik toch echt een beetje teleurgesteld in je te raken.

    Het is tijd om het grove geschut in te zetten, Brit. Ik zie nog maar twee opties om je besmeurde reputatie een beetje af te poetsen. Dus leg die crackpijp en die fles wodka even weg en luister.

    Optie 1: Moeder Theresa

    Weet je nog dat Angelina Jolie een gevaarlijke gekkin was, die in doodskisten sliep, bloed dronk, vleermuizen als huisdieren hield, tongzoende met haar broer en eruit zag als de bruid van satan? Dat moet in de periode zijn dat jij not a girl, not yet a woman was. Als zij nu Miss Maatschappelijke Betrokkenheid uit kan hangen, kan jij het helemaal, Brit. Ga op zoek naar je innerlijke moeder Theresa, word ambassadrice van Stichting Red De Neushoorn of Jantje Beton of het Wereld Natuur Fonds of zoiets, trek een beige safaripak aan, kam je haar (met een borstel, je weet wel, zo’n stok met allemaal van die uitsteeksels eraan), ga naar een ver land en knik serieus. De eerste keer zullen mensen het misschien een beetje geloofwaardig vinden, maar blijf volhouden. Trek dat safaripak weer aan, ga weer terug, knik nog serieuzer en waag misschien een dansje met lokale jeugd en trommels, dat doet het ook altijd goed. Als je consequent doorgaat, zullen mensen na verloop van tijd geloven dat je het ook werkelijk meent en dan is het slechts een kwestie van tijd tot Brad Pitt zich aan je voeten werpt. Het adopteren van een Benetton-gezin zou ik in jouw geval trouwens achterwege laten. Vanwege dat voogdijgedoe, enzo.

    Optie 2: De Here

    Je had vroeger toch iets met De Here, Brit? Je weet wel, toen je nog pastelkleurige make-up droeg, je middenrif alleen aan Hem toonde en voortdurend zei dat je maagd ging blijven tot je huwelijk? Misschien moeten we daar weer eens iets mee doen. Want met De Here kunnen we snel tot resultaat komen. Moet je in optie 1 toch zeker een half jaar investeren, met deze optie kun je binnen een dag klaar zijn. Je kunt immers á la minute een boodschap van De Here krijgen, of Hem je hart laten verlichten, of hoe jullie dat ook doen. Waar het op neerkomt: je vertelt iedereen dat Hij tot je gesproken heeft en dat Hij vermanend met Zijn vinger naar je zwaaide, waarvan je toch wel heel erg schrok en per direct tot inkeer kwam. Met je citroentjesfrisse hart doe je je verhaal op de bank bij Oprah (denk weer aan die haarborstel, en niet op die bank springen, hè! Dat is heel slecht voor je carrière), ga je iets met gospel doen en glimlach je sereen op iedere tijdschriftencover binnen je handbereik. George Bush heeft er ook veel baat bij gehad.

    Britney, ik smeek je: pak dat safaripak of die Bijbel en ga aan de slag. Alleen zo kunnen we nog terug naar hoe het ooit was. En nog even over dat ziekenhuis, Brit. Zeg me dat het een ontstoken teennagel was. Of iets met je amandelen, of zoiets. Alsjeblieft.

    Succes,

    Je Maaike

    ]]>
    <![CDATA[Van die dingen]]>
    * Was het jullie al wel eens opgevallen dat Jack van Gelder heel erg op een rookworst lijkt?

    * Wat is De Wereld Draait Door eigenlijk een leuk programma als Matthijs van Nieuwkerk er niet is.

    ]]>
    <![CDATA[Bandje ]]>Voor het geval jullie me misschien gemist hebben (ik ben erg van het halfvolle glas) - ik lag een weekje met een bandje om mijn pols aan een subtropisch zwembad. Nou was ik in al mijn ruimdenkendheid ooit iemand die stiekem gniffelde om mensen met bandjes om hun pols - onavontuurlijk ingestelde consumeerrobots, af en aan lopend met pullen bier en borden volgeladen met worsten en taart, die aan het einde van de vakantie uit hun Speedo's knappen en tostibruin en geen ervaring rijker zich in het vliegtuig naar huis proppen, met de Telegraaf op schoot. Dat soort dingen. Maar een baby van drie maanden oud en een behoefte aan rust en niets aan je hoofd en lekkere ligstoelen en koude drankjes en verse ananas en warm weer maken je oude principes opeens zooo 2004.

    Daarom trakteerden we onszelf op een sterretje extra en stortten wij ons volledig in het zwemmen, lezen, nog wat lezen, zwemmen, een koud drankje drinken, nog wat lezen, een paar halfzachte buikspieroefeningen die beloond mogen worden met een saunaatje en een stoombadje, en daarna nog een beetje verder lezen. Kleine T draaide zich nog eens om, grote T draaide zich nog eens om en ik ook maar een keer.

    Als iemand mij wijst om dat witte streepje om mijn pols zal ik zeggen: daar zat een blauw bandje. And I'm proud.

    ]]>
    <![CDATA[Kort binnenlands nieuws]]>* Mijn mening over Peter R. de Vries is dat teveel mensen een mening hebben over Peter R. de Vries. Wat de aandacht dan wel weer mooi afleidt van Geert W., die zich waarschijnlijk zit te verbijten in een hoekje en zijn hoofd breekt over de ongenuanceerde opmerking die hij moet maken om nog een paar seconden zendtijd van Peter R. weg te snoepen.

    * Wat ik overigens net zo'n mysterie vind als de blowbabbels van Joran van der S. is het ja-woord van voorheen mevrouw Bruni aan le President. Wat Sarko hier in ziet snap ik wel, maar omgekeerd begrijp ik nog niet helemaal waarom Carla zich het presidentieel paleis ingemabeld heeft. Haar eigen geldzwembad is ruimer gevuld dan dat van haar wederhelft en als voormalig zangeres zal ze zich waarschijnlijk het schompes vervelen tijdens staatsbanketten en wuiven naar het gepeupel. Bovendien is het een wat ingewikkelde manier om in contact te komen met zijn niet onapetijtelijke zonen. Of zou het iets met - euh - l-liefde te maken hebben? Ach, als je eerder hier naast wakker werd, is Sarko een jonge, afgetrainde god.

    * Kleine Tijmen is begonnen aan de wenweek op zijn kinderdagverbijf. Met visioenen van een van tranen druipende Tijmen, die uit pure ellende het hele kinderdagverblijf bij elkaar gilde, de leidsters en de andere kinderen tot wanhoop drijvend, haalde ik hem de eerste dag bevend op. Om hem grijnzend in een stoeltje aan te treffen, terwijl hij deed alsof hij thuis was. Of ik zelf niet een beetje moest wennen, vroeg hij me.

    * Wat mij brengt op het volgende: de tijd van lanterfanten is voorbij (ai...) en er moet weer een arbeidszaam bestaan opgebouwd gaan worden, met vroeg opstaan en dingen doen, enzo. Wat onder meer inhoudt dat die opzet en flarden van Boek 2 dan ook echt een Boek 2 moeten worden. Aan de slag dus. Hop hop.

    ]]>
    <![CDATA[Lekker makkelijk]]>

    Het nadeel van werken op een kantoor: die honderden kleffe gelukkig-nieuwjaars-zoenen die je op 2 januari moet incasseren. Na een paar keer je wangen afvegen word je een beetje huiverig om de gang op te gaan en verschuil je je zoveel mogelijk in je eigen hoekje van de kantoortuin, verstopt achter je beeldscherm. Naar het toilet ga je vermomd als kopieerapparaat. De lunch sla je uit veiligheidsoverwegingen over en als je aan het einde van de dag als een soort James Bond langs de muren schuivend en tijgerend het kantoor uit probeert te vluchten, verraadt je knorrende maag je en word je alsnog bestormd door 36 collega's die niet naar huis kunnen voordat ze ook jou een geweldig nieuwjaar hebben toegezoend.

    Het voordeel van freelancen (er zijn er meer, hoor, maar dit is wel een hele grote) is dat bovenstaande je bespaard blijft. Daarom via dit weblog: de aller- *smak (links)* beste wensen voor *smak (rechts)* het nieuwe * smak (links) * jaar! Lekker makkelijk.

    ]]>
    <![CDATA[Lekker]]>Heren lezers: gaat u maar even hier naar toe, of hier, of hier, want het is tijd voor meisjespraat. Ik wil het namelijk dringend hebben over de health spa, het relax-oord, de beautyboerderij of hoe je zoiets ook noemt. Nou ben ik eigenlijk helemaal niet zo goed in meisjesdingen. Mijn make-up collectie is niet imposant en als het op ondergoed aankomt - intiemer wordt het niet, mensen - kan ik het niet over mijn hart verkrijgen om astronomische bedragen uit te geven aan kanten gevalletjes. Ik bedoel, als verleiden de reden is om zoiets aan te trekken is het binnen tien seconden toch uit (wat dan toch al snel op kan lopen tot een euro of tien per seconde) en het zit ook niet lekker. Maar goed, het type voetbalmeisje in legerbroek ben ik ook weer niet, dus af en toe ga ik me te buiten aan een gezichtsbehandelingen (onmisbaar met dit weer, zegt het behandelmeisje- ik neem het direct van haar aan), met packings, auramassages, chakra-scrubs, hydratatie-activiteiten en peelings. Zoals laatst.

    Wat altijd een beetje jammer is, is dat de druk om te relaxen in zo'n relax-oord hoog op kan lopen - want dat hoort tenslotte. Het behandelmeisje vindt alles zo lekker ("zo, ga maar eens lekker liggen" "lig je lekker?" "dan begin ik nu lekker met een lekkere massage" "en dan ga ik nu een lekkere peeling aanbrengen" "ruikt lekker, he") dat ik na een half uur heel relaxed de neiging heb om haar even lekker op haar neus te slaan als ze nog één keer lekker zegt.

    Nadat er een lekker masker aangebracht is, en mijn handen lekker met zeeklei ingepakt zijn in plastic zakjes ("voert de afvalstoffen af" "welke afvalstoffen?" "de afvalstoffen uit je lichaam" "ooooooh"), word ik lekker even twintig minuten met rust gelaten, in het donker (maar dat merk ik niet, met die komkommerschijven op mijn ogen), met een panfluitmuziekje op de achtergrond. De eerste vijf minuten lukt het me nog best om me mee te laten slepen met Panpipe Greatest, Part 46, maar dan krijg ik jeuk aan mijn neus. De eerste minuten is het nog best een draaglijke leuk, waarvan ik denk dat het wel weer overgaat, maar na nog vijf minuten heeft de jeuk onmenselijke vormen aangenomen. Dit is niet lekker, dit is een marteling. Ik heb jeuk aan mijn neus en ik kan niet krabben, omdat mijn handen in plastic zakken zitten, met zeeklei. Ik vermoed dat dit een oude martelmethode is van de KGB en dat ik gestrafd moet worden omdat ik een onaardig stukje geschreven heb over Blof, of zoiets. Na nog tien minuten komt het behandelmeisje eindelijk terug om me te verlossen van de plastic zakken om mijn handen en het masker en de komkommers op mijn hoofd, zodat ik eindelijk aan mijn neus kan krabben.

    Heel even ben ik het vol overtuiging eens met het behandelmeisje. Lekker.

    ]]>
    <![CDATA[Weer]]>(Sorry, ik had eigenlijk willen schrijven over Kosovo, de al dan niet dreigende economische crisis, de situatie in Tsjertsjenie, de Euro versus de Dollar en de toestand van Britney, maar ik ben weer gezwicht voor Idols. God, ik ben hier veel te oud voor. Hoewel, ik ben nog altijd jonger dan Pauline.)
    ( Binnenkort weer wat zinnigs)
    Maar serieus, Jerney, die OUTFIT!
    ]]>
    <![CDATA[Fop-passie]]>
    Na weer een avond waarop ik een geföhnde soapster ervan moest overtuigen dat zijn kont er écht niet dik uitzag in die broek, en een goed gesprek over de geneugten van het harsen van borsthaar, liep ik de buurtkroeg van mijn Liefde binnen -man zonder yogamatje en mascararoller- voor nog één laatste drankje. Ik viel midden in een gesprek over de nieuwe Maserati Bladiebla (“van nul naar honderd in twee seconden!”), dat als vanzelfsprekend overging op de Champions League-competitie (“Grasmat lag er mooi bij”) en de laatste verovering van de barman (“Zeven min”). In plaats van onderuit te hangen in te hippe lounge-fauteuls, stonden de stamgasten aan de hoek van de eikenhouten bar, jassen nog aan, glazen in hun handen geklemd. Het bier werd in zo’n rap tempo aangevoerd dat mijn laatste drankje een steeds laatster drankje werd, hompen kaas kwamen voorbij en de CD-speler speelde voor de zevende keer iets Bruce Springsteen-achtigs.

    Tijdens mijn negende allerlaatste biertje kwam het gesprek op en gevoelig onderwerp: de liefde.

    “Weet je wat het altijd is met die vrouwen?” zei de stamgast aan mijn linkerhand. “Ze willen altijd praten na de seks. Ik bedoel, als ze nog niet moe zijn wil ik best nog een keer neuken, maar práten?”
    Ik knikte begripvol, de stamgasten knikten mee.
    “Laatst had ik er weer zo één. Waarom bel je me nooit? zegt ze. Ik zeg: je weet toch dat ik dat niet doe? Ze hield maar niet op. Je hebt helemaal geen aandacht voor me! roept ze. Ik zeg: óf neuken, óf deruit. Als je nu niet ophoudt, moet ik toch echt de brandweer bellen!”
    Verontwaardigd sloeg hij zijn bier in één keer achterover en parkeerde het glas met een resolute klap op de bar. De rest bromde begripvol.
    “Ach, vrouwen,” zei een collega-stamgast met een bemoedigend klopje op zijn schouder, “je ken beter kippen houwen.”

    Grijnzend bestelde ik nog maar een allerlaatste rondje. De buurtkroeg van mijn Liefde is grappiger dan welk champagne-overgoten feest dan ook. Yoga en vitamine-cremes? Dacht ‘t niet, hier. Zolang sommige mannen nog denken dat een haarmasker hetzelfde is als een motorhelm, is er nog hoop voor deze wereld.]]>
    <![CDATA[Misselijk]]><![CDATA[I have eight photo's in my hand... ]]>
    Ten eerste is het antireclame voor het vak van fotomodel. Want wie ziet dat je slangen op je hoofd moet zetten, met je naaldhak aan een hijskraan moet bungelen, vernederd wordt door een man met zilvergeverfd haar, geschminkt als een clown en tussen spinnenwebben in een vampierengraf moet liggen, denkt nog wel een keer na voordat ze Tyra achter na wil. Maar bovenal is het een cultureel antropologisch programma over het groepsgedrag van de jonge, ambitieuze vrouw.

    De antropologen van ANTM denken goed na over wie ze bij elkaar zetten om de beste resultaten te krijgen. Een meisje uit een getto die financieel verantwoordelijk is voor haar hele familie plus die van haar vriend die haar op haar vijftiende per ongeluk zwanger heeft gemaakt, een blonde Bruid van Jezus uit Texas die niemand aan haar bikinilijn laat komen, een sociaal gehandicapte bitch die blind is van ambitie, een doodonzeker meisje die zichzelf vijf afleveringen lang afvraagt wat ze in godsnaam in dit programma doet, want ze is toch niet knap, een studie die zich eigenlijk te goed voelt voor al dat uiterlijke vertoon, iemand wiens been langzaam aan het ontbinden is en dit nog zo graag een keer wil meemaken, een lesbienne die op fotomodellen valt en nog zo wat vrouwen uit de doorsnee van de Amerikaanse samenleving.

    Binnen vijf minuten zijn de rollen in het jaloersmakend luxe modellenhuis al verdeeld. Da Bitch probeert de regels in het huis te bepalen en kat iedereen principieel af, het gettomeisje wordt in gettotaal boos, omdat ze vindt dat sista’s solidair moeten zijn, de jezusfreak zondert zich af en bindt tot de Here, het meisje met het langzaam ontbindende been vertelt Da Bitch dat ze met beide benen op de grond moet blijven staan en de lesbienne bewerkt het onzekere meisje, die opeens hevig begint te twijfelen aan haar seksuele voorkeur en hysterisch huilend haar puisterige vriendje belt.

    Zo boeiend, die groepsdynamiek.

    Het mooiste moment is altijd de make-over. Tyra doet het erom, dat weet ik zeker. Het Jezusmeisje krijgt een a-symmetrisch kapsel met een dreadlock langs haar oor (‘The Human League meets Boy George!’ roept Tyra enthousiast), het beeldschone lange haar van Da Bitch wordt tot een centimeter afgeknipt (‘Twiggy!’ kirt Tyra) en de studie krijgt hair extensions van anderhalve meter, die er precies zo uitzien als het oude haar van Da Bitch. De studie vergeet prompt haar liefde voor Politicologie en kamt de hele dag haar extensions, verliefd op haar eigen spiegelbeeld, afgunstig beloerd door Da Bitch, die zo te zien zint op grootste en meeslepende wraak.

    Nee, een hoogst interessant en leerzaam programma. Vreemd eigenlijk, dat het niet op National Geographic uitgezonden wordt.]]>
    <![CDATA[Brief aan Britney -3-]]>Lieve Britney,

    zo aan het einde van het jaar ga ik alles een beetje overpeinzen en dan komen mijn gedachten automatisch uit bij jou. Nou, het was me het jaartje wel, hè. Van K-Fed naar Fed-ex, van redelijk stijlvol (voor jouw doen) naar stijlloos, van new best friend van Paris tot newest ex-best friend van Paris, van blond tot donker, van donker tot kaal, van kaal tot pruik tot petje tot donker tot blond tot donker tot blond, van moeder tot voogdijloos, van niet optreden tot het meest rampzalige optreden ooit, van terug op het pad tot finaal de weg kwijt.

    Omdat ik van het halfvolle glas ben, wil ik je even een hart onder de riem steken: erger kan het niet. Laten we daarom samen afspreken dat we al die gekkigheid in 2007 laten en van 2008 het Ultieme Jaar Van Britney maken. Dat moet lukken, echt waar, als we maar planmatig te werk gaan. Er zijn namelijk een aantal dingen die we heel goed in jouw voordeel in kunnen zetten. Let maar op:   

    1. Let’s face it: je zusje is een veel grotere sloerie dan jij. Jij wachtte nog keurig tot je boven de 20 was toen je je liet bezwangeren door die smoezelige K-Fed, maar die smurf is amper 16! Op die leeftijd deden jij en Justin nog braaf alsof jullie maagdjes waren en deed jij leuke dansjes in een schoolrokje, met pluizige elastiekjes in je haar. Naast die miniatuursloerie ben jij de verantwoordelijkheid zelve, dus pak die kans! Laat je een paar keer fotograferen terwijl je in gestreken, hooggesloten kleding en met gekamd haar moederlijk en volwassen toespreekt en laat je ontvallen dat je zó blij bent dat je maagd bent gebleven tot je huwelijk (niemand kan waarmaken dat dat niet zo was). En misschien is het een idee om een CD met kinderliedjes op te nemen. Dat moet te doen zijn, want zo ver ligt dat ook weer niet van jouw oeuvre.

    2. Verder hebben we nog een stel aanstaande nieuwbakken moeders, die nu doen alsof ze de braafheid zelve zijn, maar die binnen 24 uur na hun bevalling alweer bezweken zijn voor de verleidingen des levens, let op mijn woorden. Die Aguilera kan nou bijvoorbeeld wel net doen alsof ze een soort van stijlvol is, maar zodra die baby op aarde gezet is, laat ze ongetwijfeld die hele zone weer piercen en maakt ze een serie nieuwe vieze clipjes in kleding die zo belachelijk is dat zelfs jij het niet aan zou doen. En die Richie gaat meteen na de bevalling aan de beschuit met gestampte muisjes, als je begrijpt wat ik bedoel (ik trek nu met mijn wijsvinger mijn ooglid omlaag en kijk er veelbetekenend bij). Plan van aanpak: dezelfde truc met verantwoorde praatjes en hooggesloten kleding. De wereld is gek op tot inzicht gekomen voormalige wrakken, dus succes gegarandeerd, als je het mij vraagt.

    3. Dan de kwestie ondergoed. Bovenstaande trucs werken alleen als je in 2008 dagelijks ondergoed draagt. Ja, ik weet dat dat moeilijk voor je is, maar het moet toch echt. Benadruk deze nieuwe ondergoedfilosofie door het gezicht te worden van een fijn lingeriemerk en poseer daarvoor niet hitsig, maar besmuikt geil. Dat wordt misschien een beetje oefenen, maar in combinatie met 1 en 2 lijkt het me een duidelijk geval van een cross-media-win-win-situatie.

    Je ziet het, Brit: ik geloof nog steeds in je. Heel veel succes en doe je best, want we hebben je nodig. Sinds jij in de goot ligt, horen we hier in Nederland alleen nog maar Nick en Simon, dus kom terug. De hitlijsten missen je.

    Liefs,

    Je Maaike

    Brief aan Britney 1

    Brief aan Britney 2

    ]]>
    <![CDATA[Sucker voor kerstmis]]>Ik heb lang gedacht dat het niet zo was, maar ik ben een sucker voor kerstmis. En dan niet zozeer vanwege de barmhartige kerstgedachte (hoewel ik in de loop van december best barmhartig word), maar vanwege het glazuur er omheen. Het kan me niet zoet en klef genoeg zijn. De stad hoort verlicht te zijn door duizenden lampjes, de tv hoort te bezwijken onder de flauwe kerstmannenfilms en iedereen is écht liever voor elkaar, inclusief de cassieres bij Albert Heijn met hun dramatische kerstmutsjes op. 

    Ik word week van alle clichés. Zeg nou zelf, de eerste keer Last Christmas op de radio is toch altijd weer een mooi moment. Mensen die zeggen ‘dat we dat nummer nu toch wel eens een keer gehoord hebben’ begrijpen de poezie, de diepere laag van Georges compositie niet. De vorige Kerst gaf hij haar zijn hart en de volgende dag gooide ze het verdomme weg! Alsof het niets was! De bitch! En daar zit je dan, heel alleen kerstfeest te vieren. Daar breekt je barmhartige kersthart toch van? 

    De criticasters die een probleem hebben ‘met al dat teruggeblik’ begrijpen het ook niet. Hart van Nederland is het aan zichzelf verplicht om een Bokito-special uit te zenden en Den Haag Vandaag hoort een The Best Of Haags Gekonkel-compilatie te maken. Bovendien hoort ieder zichzelf respecterend radiostation tussen kerst en oud & nieuw een Top Zestienduizend Allertijden uit te zenden, met de ene flauwe gouwe ouwe na de andere. En nee, het is niet de bedoeling dat die lijst zich vernieuwt; niets verbroedert namelijk zo als je samen ergeren aan Meatloaf en The Eagles.

    ('Nee he, toch niet weer Paradise by the dashboardlight van die vetklep?'

    'Krijgen we zometeen vast ook weer dat jankerige Stairway to heaven.'

    'O ja, getver. En dat 'music was my first looooooooooooooovveeeee....'

    'Ja, die is ook erg. Gezellig he, samen radio luisteren!')

    Als jullie me zoeken: ik zit naast de kerstboom kerstkransjes te eten en me fijn te verbijten bij The Dire Straits, Coldplay en John Miles. En als ik op kerstavond naar mijn ouders rijd voor het kerstdiner, hoop ik dat ik onderweg honderden verlichte kerstbomen tegenkom en dat ze ‘Driving home for Christmas’ draaien. Heerlijk.

    ]]>
    <![CDATA[Heineken Speakerkratjes]]>Heineken introduceerde deze zomer de Speakerkratjes: 2 kleine speakers in de vorm van Heineken kratjes. Geschikt om aan te sluiten op je iPod, pc, laptop of mobiele telefoon. Bij Qi maakte ik voor Heineken.nl een speciale actiesite waarop de mogelijkheden van de speakertjes - met een dikke knipoog naar de techneuten en audiofielen van deze wereld - uitgebreid onder de loep worden genomen. Naast de speciale actiesite op Heineken.nl werd de online campagne ondersteund met advertorials op Nu.nl en Bright en banners op Nederland.fm en Hyves.

    Bekijk de site. En check meteen of jouw oren goed genoeg zijn om door de luistertest te komen!

    ]]>
    <![CDATA[Hoe jullie mij vinden ]]>Een kijkje in mijn statistiekensysteem leert mij dat jullie mij zoeken met voor de hand liggende zoektermen als:

    * maaike

    * maaike schutten

    * schutten

    * 15 minuten maaike schutten

    Maar dat jullie mij ook vinden met interessante zoektermen als:

    * lekker maaike

    * vieze maaike

    * surprise goed inpakken

    * vieze blinde darm

    * verkoopcijfers + pampers

    * caviageluidjes.

    Of die laatste termen nou iets over jullie zeggen of over mij, daar ben ik nog niet helemaal uit.

    ]]>
    <![CDATA[Geachte heer Rouvoet, ]]>Hartelijk dank voor de CD die wij van u ontvingen. We kregen ook al de groeten van Job Cohen - mét badcape - maar een CD van een heuse minister, die krijg je niet iedere dag.

    Heel even was ik van plan om mijn kind voor galg en rad op te laten groeien, maar toen ik uw CD beluisterde, meneer Rouvoet, werd ik vervuld van een sensationeel, ik zou haast zeggen goddelijk gevoel van liefde en dankbaarheid. Natuurlijk door de stem van Raffaela, de zangeres die na haar Idols-overwinning zo’n glansrijke carrière door heeft mogen maken, maar ook vanwege de prachtige, poëtische tekst die zij zong. Strofes als ‘wees maar klein, je hoeft nog lang niet groot te zijn’ – waar haalt u ze toch vandaan? En dat dan weer laten rijmen op ‘droom fijn’… meesterlijk. Ik kan niet anders zeggen.

    Meneer Rouvoet, nogmaals hartelijk dank. Ik moet nu gaan, want ik ga uw CD nog een keer opzetten. Of nee, ik zet hem op repeat. Kan ik er de hele dag van genieten.

    Met geïnspireerde groet,

    Maaike

    PS – ik doe mijn uiterste best om geen flauwe grapjes te maken over belastinggeld, maar dat is best moeilijk, moet u weten.

    ]]>
    <![CDATA[Bright: Loggend leren lopen]]>Nu eens geen vrijblijvende observaties of linkdumps, maar een openhartig revalidatie-verslag. Marc de Hond, internet-nestor en 3FM-DJ, houdt een bijzonder weblog bij.

    Wat is er precies gebeurd?

    Eind 2002 merkte ik dat lopen niet meer honderd procent goed ging. Na onderzoek bleek er een tumor in mijn rug te zitten, waaraan ik geopereerd moest worden. Na de operatie traden er complicaties op, waardoor ik van mijn middenrif tot beneden verlamd raakte. Nou zijn er twee soorten dwarslaesies; bij het ene soort zijn je zenuwen doorgesneden en kun je nooit meer herstellen; Christopher Reeves had dat bijvoorbeeld. Van het andere type, dat ik had, kun je, door er hard aan te werken, langzaam revalideren. Ik kan nu, na twee jaar intensief trainen, weer staan en voorzichtig een beetje lopen.

    Waarom besloot je over je herstel te schrijven op je weblog? 

    In eerste instantie om praktische redenen. Niet iedereen in mijn omgeving wist precies wat er aan de hand was, waardoor verhalen soms erger werden dan ze in werkelijkheid waren. Ik dacht toen: als ik precies opschrijf hoe het is, dan kunnen daar geen misverstanden over ontstaan. Ook begon ik het na een tijdje beu te raken om aan de telefoon steeds hetzelfde verhaal te moeten vertellen. Mensen konden op mijn website lezen hoe het met me was, zodat ik ook over andere dingen kon praten dan mezelf.

    Wat betekende het schrijven voor je?

    Aanvankelijk iets praktisch. Later ging meer aandacht besteden aan de vorm en ging ik verschillende stijlfiguren gebruiken, zoals humor. Ik heb altijd een uitlaatklep gehad voor mijn creativiteit. Mijn internetactiviteiten, mijn radiowerk… toen ik in het ziekenhuis terecht kwam had ik even niets. Het weblog werd voor mij daarom ook een manier om me te uiten.

    Wie lazen je weblog? Vooral bekenden, of ook onbekenden?

    Aanvankelijk vooral bekenden; later ook onbekenden. Ik kreeg veel reacties; mensen leefden mee en wensten me sterkte. Ik kreeg ook reacties van mensen die ik niet kende; bijvoorbeeld van iemand die hetzelfde meegemaakt had en weer kon lopen. Die reacties gaven me steun. Mijn site had de meeste bezoekers -meer dan 1000- op een dag dat ik een zware operatie moest ondergaan. Mensen wisten dat ik op een bepaald tijdstip geopereerd werd en kwamen kijken of ik al een berichtje had geplaatst over hoe het was gegaan.

    Hoe deed je dat eigenlijk, internetten in het ziekenhuis?  

    Toen ik wist dat ik voor langere tijd in het ziekenhuis moest blijven, heb ik direct een laptop gekocht. In het ziekenhuis moest ik met telefoonkaarten inbellen. Ik schreef een stukje, belde in met die telefoonkaart en zette dan snel het stukje op mijn site. In het revalidatiecentrum kon ik later gelukkig met een wireless verbinding werken.

    Is het je wilskracht, waardoor je zo goed herstelt en gedisciplineerd hebt gelogd?

    Als ik besluit dat ik iets wil, heb ik ook de discipline om die dingen te realiseren; dat is altijd zo geweest. Ik besteed per dag zo’n vijf uur aan trainen en fysiotherapie; menig sportman zal jaloers zijn op de tijd die ik aan het trainen kan besteden. Ik zou graag een dagelijks radioprogramma doen en heb ideeën voor internetprojecten, maar door het trainen heb ik daar voorlopig te weinig tijd voor. Voor mijn weblog schreef ik iedere dag wat. In principe doe ik dat nog steeds; dat is een gewoonte geworden. Dan blijft iedereen op de hoogte.

    www.marcdehond.nl

    ]]>
    <![CDATA[Kleine Tijmen, 6 weken oud ]]>
  • Naast slapen, eten en poepen ontwikkelt hij een aantal nieuwe hobby’s, waaronder Nijntje-bashing. Nijntje, zoals altijd gehuld in een rode jurk, ondergaat het lijdzaam.
  • Hij ontwikkelt een innige vriendschap met Elmo, naar wie hij met groot ontzag kijkt. Af en toe zwaait hij ook ongecontroleerd naar hem met armen en benen. Elmo kijkt terug met grote, bolle ogen.
  • Hij slaapt nog steeds bij voorkeur door bezoekjes van nieuwe vrienden heen. Behalve als ze hem te eten geven.
  • Toen hij vijf weken oud was, bezat hij al zijn eerste BMW, in le Mansblauw metallic met oranje afwerking uit het Individual-programma. In de trapauto-uitvoering weliswaar, maar toch.
  • Ik weet niet zeker of het officieel lachen is, maar regelmatig trekt hij een buitengewoon vrolijk gezicht. Vooral als hij Nijntje ervan langs geeft. Of als er iets te eten valt.
  • ]]>
    <![CDATA[Lastminute Sinterklaaskadosuggestie ]]>Wat geef je aan die vriend, vriendin, moeder, neef, nicht, buurvrouw, collega, klasgenoot, baas of oma op de jaarlijkse surprise-avond? Een paar sloffen? Alsof je die zelf aan zou doen. En chocoladeletter? Toch al snel 750 calorieën. Een scheurkalender voor 2008? Tja. Een DVD van De Toppers? Vergeet niet om dan ook het bonnetje erbij te geven.

    De medewerkers van de 15 Minuten Webshop hebben een leuke suggestie: een boek! Deze, om precies te zijn. ‘Een liefdesverhaal en een vrolijke satire op de oh zo hippe wereld van de young & fabulous ineen’, zei Spits over 15 minuten. 'Een satirische schop tegen de celebcultuur en een vlot geschreven relaas over de ijdelheid van roem, dat je vanaf de eerste letter met een glimlach op je gezicht leest’, volgens ELLE. Living vond het ‘een luchtige, satirische roman over glamour in nuchter Holland, waar je misschien liever niet met je hoofd boven het maaiveld uitsteekt.' Ook/zelfs De Groene Amsterdammer kon er erg om lachen. Lees hier wat andere bladen en sites ervan vonden.

    Je kunt hem natuurlijk bestellen bij bol.com, maar als je ‘m bestelt bij de 15 Minuten Webshop pakken de enthousiaste medewerkers 'm in in een leuk Sinterklaaspapiertje (of een Kerstvariant, als je dat liever wilt) en als je het leuk vindt krabbel ik, de inpakpiet of de Goedheiligman er nog iets persoonlijks in. Op rijm, desnoods. En omdat de jongens van de webshop de decemberfeestvreugde al in hun bol hebben, brengen ze ook nog eens geen verzendkosten in rekening! Leuke types toch.

    Dus loop je te denken

    wat de Sint dit jaar toch eens zal schenken

    dan moet je je bedenken

    dat er niet zo heel veel rijmwoorden zijn op 'denken'.

    En de jongens van de webshop hebben nog een surprise-suggestie: heel goed inpakken en dan omwikkelen met 15 rolletjes tape. Altijd een succes, zeggen ze.

    ]]>
    <![CDATA[Wilde dromen ]]>Gisternacht werd ik woest weggerukt uit een droom over de Margriet-rubriek 'Goud voor uw brief', vol sinterklaasnostalgische anekdotes uit hele oude dozen. Ik was net halverwege een enig verhaal van Netty over de ietwat aangeschoten buurman Bert die ingeschakeld was als hulpsinterklaas, waarvan ik dus nooit zal weten hoe het afloopt.

    Ja mensen, mijn dromen worden met de dag wilder.

    ]]>
    <![CDATA[Onvolledige gebruiksaanwijzing]]><![CDATA[De fonetische jukebox]]>Ons huis wordt deze week geschilderd. Een muziekje hoef ik niet meer op te zetten, want want onze schilders zijn dol op hits! hits! hits! Herinnert u zich deze nog? nog? nog? en zingen uit volle borst mee. Een waar genoegen. Al vraag ik me door de dichterlijke vrijheid van deze nieuwe uitvoerenden af en toe wel even af hoe het origineel nou ook al weer precies ging. Om te kijken of jullie eruit komen daarom een kwisje op deze vroege ochtend. Uiteraard gaan we voor de wasmachine; bonuspunten als je titel én uitvoerende weet.

    1.

    Hey! Hmmgmmm live forever

    Hmmmgmmmm live to fly

    Hey! Hmmgmmm live forever

    Hmmmgmmmm learn to the sky

    2.

    Héébastassuna bella calzone

    Avar pavar amore

    Pastasija

    Pastasijahaa

    Héébastassuna bella calzone

    Pasiasieiejaaaah

    3.

    Huuuddddieweereld uit

    Eén seconde en hijijdiediedoordie weereld uit

    Huuuddddieweereld uit

    Eén seconde en hijijdiedaaruuhaaradijijs

     

    De tijd gaat nu in, succes!

    Naschrift: omdat de reacties van dit bericht op de een of andere manier niet te publiceren zijn, wil ik jullie op deze manier verblijden met deze en deze toevoeging op vraag drie van Walter (die overigens alle drie de liedjes goed had). 


     

    ]]>
    <![CDATA[Volkskrant Banen ]]>Bij Qi werkte ik mee aan een pitch voor Volkskrant Banen, die we wonnen. Hopelijk kan ik hier binnenkort het werk laten zien!

     

    ]]>
    <![CDATA[Kleine Tijmen, 24 dagen oud ]]>‘Luiers?’

    ‘Check.’

    ‘Extra luiers?’

    ‘Check.’

    ‘Doekjes?’

    ‘Check.’

    ‘Plastic zakje om vieze luiers in te doen?’

    ‘Check.’

    ‘Flesje?’

    ‘Check.’

    ‘Extra eten?’

    ‘Check.’

    ‘Spuugdoekje?’

    ‘Check.’

    ‘Extra setje kleren, voor als –ie weer zo kunstig langs z’n luier plast?’

    ‘Check.’

    ‘Extra sokken, voor als –ie er mee in z’n poepluier gaat hangen?’

    ‘Check.’

    ‘Speen?’

    ‘Check.’

    ‘Dekentje?’

    ‘Check.’

    ‘Regenscherm?’

    ‘Check.’

    ‘Tijmen?’

    ‘Eh – o ja.’

    ‘OK, we kunnen gaan!’

    ]]>
    <![CDATA[Kleine Tijmen, 23 dagen oud ]]>23 dagen oud, en nu al zijn eerste paar K-Swissen. Ben stiekem jaloers.

    ]]>
    <![CDATA[Bol.com: De Domste Student van Nederland]]>Wie is de Domste Student van Nederland? Dat was de centrale vraag voor de interactieve studieboekencampagne die ik samen met Qi ontwikkelde voor Bol.com.  

    Centraal punt binnen de campagne is de website www.dedomstestudent.nl waarop studenten mee konden doen aan een live quiz. Drie studenten speelden tegelijk tegen elkaar. En niet het goede, maar het foute antwoord bracht ze dichterbij de hoofdprijs: een complete privebibliotheek. Je moest behoorlijk slim zijn om de Domste Student van Nederland te worden!

    De campagne werd verder ondersteund met Boomerang kaarten, toiletreclames op verschillende studentenlocaties, het domme blondjes promotieteam en een actiepagina op Hyves.

    Bekijk de site. Doe de oefenquiz en check of jij in aanmerking had kunnen komen voor die geuzentitel!

     

    Speel tegen twee andere studenten en kijk wie er het allerdomst is.

     

    Weet je niet zeker of je dom genoeg bent? Doe dan de domheids-test. Met persoonlijk rapport!

    Domme promo-blondjes aan het flyeren op introductiemarkten in studentensteden.

    Boomerangkaart met stickers die je stiekem op iemands rug kunt plakken.

    Zelfklevende toilettegeltjes op de toiletten van populaire kroegen in studentensteden. Werden verzamelobjecten voor toiletten van studentenhuizen.

    Domme actie met Hyves.

    ]]>
    <![CDATA[Sint Maarten]]>‘De bel.’

    ‘Verwacht jij iemand?’

    ‘Nee, niet dat ik weet.’

    ‘Hé, er staat een hele zwik kinderen voor de deur.’

    ‘Kinderen?’

    ‘Met een soort lampjes in hun hand, op stokjes.’

    ‘Op stokjes?’

    ‘Is het niet een  beetje laat om nog met de kinderpostzegels rond te gaan?’

    ‘Kinderpostzegels? Nee man, het is Sint Maarten! Shit!’

    ‘Denk je dat ze een sinaasappel lusten?’

    ‘Een sinaasappel? Wil je een steen door je ruit?’

    Kastjes worden nerveus opengetrokken.

    ‘Een kaascracker dan? Stukje brie?’

    ‘Nee, we hebben snoep nodig. Zoete troep!’

    ‘Wasabinootjes… olijven…. noedelsoep…’

    ‘Snel, snel, er komen er nog meer aan. Een invasie van hebberige koters!’

    ‘Rijstzoutjes…  tapenade… Oh, wacht, ik heb hier stroopwafels!’

    De bel gaat nog een keer, gebonk op de deur.

    ‘Dat zijn er maar drie, ze verslinden me levend!’

    ‘Wacht, wacht…’ Laden worden opengerukt. ‘… Hier, kersenbonbons, uit dat kerstpakket van jou van vorig jaar, lusten ze dat?’

    ‘Ze zullen wel moeten.’

    Het gebonk op de deur wordt luider, opgewonden kinderstemmetjes joelen onverstaanbare dingen.

    ‘Oh, en hier, die smerige biologische koekjes. Is het erg als er een beetje schimmel op zit?’

    ‘Nee joh, zien ze niks van in het donker. Geef maar hier.’

    Voetgeroffel van de trap af, de deur gaat open. Een stel opgewonden kinderen zingen drie ondefinieerbare liedjes door elkaar.

    ‘Mooi gezongen hoor, jongens. Oh, ben jij een meisje? Sorry hoor. Wie wil er een stroopwafel? Nee, kinderen die slaan worden overgeslagen. En wie lust er een chocolaatje? Hé, niet sláán jij! Dan krijg je niks, hoor. Of weet je wat? Lust jij koekjes? Alsjeblieft, kijk eens. Wat zeg je? Hebben de koekjes witte haartjes? Ja, dat hoort. Dat is biologisch. Nou, dáááág kinderen! Dááág!’

    Deur wordt dichtgeslagen, aan de andere kant van de deur klinkt kindergejoel, dat langzaam verstomt. Een diepe zucht wordt geslaakt.

    ]]>
    <![CDATA[Eh...]]>"Vraagje:"

    "Ziet mijn kont er dik uit in deze broek?"

      

    ]]>
    <![CDATA[Kleine Tijmen, 17 dagen oud ]]><![CDATA[SiS: er is meer in het leven dan een Fiat Panda]]>Klein, lief en rond, dat was lange tijd het typische vrouwenautootje. En nog altijd letten we op uiterlijk en vernuft. Maar steeds meer vrouwen vallen voor snelheid en kracht of voor groot en veilig. Women on wheels kiezen hun eigen auto.

    De auto-industrie kan niet meer om vrouwen heen. Vrouwen werken en maken carrière, dus hebben of leasen ze een auto. Had in 1985 nog maar 36% van de vrouwen met een rijbewijs een auto, in 2004 was dat 60%, blijkt uit cijfers van het CBS. 47% van alle nieuwe auto’s in 2004 werd gekocht door vrouwen, volgens Bovag en de Rai-vereniging. En als ze de auto niet alleen kopen, bemoeien ze zich nadrukkelijk met de aankoop (of de lease-keuze). Bij 80% van alle autoaankopen was het de vrouw die eigenlijk de beslissing nam.

    Toch nemen autofabrikanten vrouwen nog niet zo lang serieus als afnemersgroep. Natuurlijk, vrouwen hadden wel boodschappenwagentjes, zeiden de heren autofabrikanten, maar de echte, serieuze auto’s werden gekocht door mannen. Halverwege de jaren ’90 ging die redenering echter niet meer op. Trendwatchers kondigden massaal aan dat de samenleving vrouwelijker zou gaan worden. Vrouwen hadden immers steeds meer in de maatschappelijke melk te brokkelen. Alles zou zachter, ronder en kleuriger worden. De auto-industrie schrok wakker en besloot toch maar eens verder te kijken dan hun mannelijke neus lang was. Rap haalden ze vrouwen aan boord. Niet om charmant op de motorkap te liggen, maar om de heren te vertellen wat vrouwen nou eigenlijk willen. Zo startte Ford het Women’s Marketing Panel, met als taak de vrouwelijke inbreng bij nieuwe modellen te vergroten. Volvo liet zelfs een vrouwelijk designteam een conceptauto ontwikkelen, speciaal voor vrouwen. Niet om op de markt te brengen, maar om van te leren.

    Klein, rond en pittig

    De eerste conclusie van de autoproducenten na deze inspanningen: vrouwen willen kleine, ronde autootjes, die niet te duur zijn en er pittig en leuk uitzien. Marktonderzoeksbureau MarketResponse typeert deze bestuursters als ‘de praktische vrouw’. De praktische vrouw interesseert zich niet erg voor techniek of merken, is zelfverzekerd en voelt zich op haar gemak achter het stuur. Ze houdt van opschieten en wil vooral dat haar auto handig en compact is.

    Het ene na het andere vrolijk gekleurde wagentje rolde de markt op. Nissan verbeterde de Micra, Fiat leukte de Panda op en Ford introduceerde de Ka. Van deze laatste is 72% van de bezitters vrouw. De vrouwelijkheid zit ‘em niet alleen in de vormgeving, maar ook in de details. Zo zit er bij de meeste auto’s ook een make-up spiegeltje bij de bestuurdersstoel, is de besturing lichter, kun je makkelijker in- en uitstappen en is er meer opbergruimte voor hand- en andere tassen.

    Daarnaast ontdekten autofabrikanten dat vrouwen vaker iets persoonlijks maken van hun auto. Een auto is voor hen niet alleen een motor en stuur; hij (of zij) moet uniek en persoonlijk zijn. Hij moet iets zeggen over wie je bent en je moet je er in thuis voelen. Steeds meer auto’s kunnen daarom ‘gecustomized’ worden. Zo kunnen Mini-kopers naar eigen smaak hun persoonlijke Mini samenstellen. Ook bevatten auto’s vaker accessoires die niet functioneel zijn, maar wel leuk. De nieuwe Volkwagen Beetle heeft bijvoorbeeld een bloemenvaasje in het dashboard. De auto wordt er niet sneller van, maar wel gezelliger.

    De eerste versies van deze vernieuwde auto’s hebben inmiddels het tweedehands circuit bereikt, waar ze bijzonder populair zijn. Monique Engelaar (29) is de trotse eigenaresse van een eerste generatie vernieuwde Nissan Micra, een donkergroene uit 1997. “Toen ik mijn rijbewijs had, wilde ik direct een auto. Ik had niet veel te besteden, maar ik wilde wel een beetje een fatsoenlijke motor. De Micra is niet zo’n lievige auto. Ik houd van doorrijden en hij kan best hard. Ik kan er ook niet tegen als mannen zeggen dat vrouwen niet kunnen rijden.” Omdat Monique in de stad woont, wil ze geen grote auto. “Het is handig met parkeren. Bovendien zit ik er meestal toch in m’n eentje in. Dat vind ik heerlijk. De zon buiten, meezingen met de radio, sigaretje erbij… dat geeft me echt een gevoel van vrijheid.” Ze vindt dit een mooi ‘beginautootje’. “Ik kan me mooiere kleuren voorstellen dan donkergroen. Als ik echt geld had, zou ik een Alfa 147 kopen.” Tot die tijd wordt haar Micra gepimpt. “Ik heb een radio-cassettespeler, maar daar komt nu een vette stereo in,” lacht ze.

    Snel en stoer

    Niet iedere vrouw wil een handig autootje. Steeds meer vrouwen raken geïnteresseerd in snelle, stoere auto’s, zoals de Audi A4 of de Saab 9.3. Velgen, brede banden en de topsnelheid vinden ze minstens zo interessant als de kleur. MarketResponse noemt dit de ‘expressieve vrouw’. Haar interesse in auto’s verschilt niet veel van die van mannen. Ze houdt van snel en spannend autorijden. Zowel vorm, kleur als techniek zijn voor haar belangrijk.

    Mariejoze Witteveen (36) ruilde haar Ford Ka in voor een BMW Z3. “Ik vond de Ka maar een koekblik. Op een dag zei ik voor de gein: ik ga hem inruilen en zag de Z3 staan. Ik was direct verliefd. Het voelt fantastisch en stoer om er in rond te rijden; ik zit altijd met een grijns van oor tot oor achter het stuur. Hij rijdt heerlijk stabiel. En je gaat zo lekker strak door de bochten! Ik vind het leuk om in mijn spiegeltje naar gezichten van mensen op straat te kijken als ik door een dorp rijd. Sommigen kijken afkeurend; anderen vol bewondering. Anderen zijn verbaasd dat er een vrouw achter het stuur zit. Soms proberen auto’s het tegen me op te nemen, maar dat moet je niet proberen. Dat red je toch niet. De volgende keer wil ik weer een sportauto. We zijn nu aan het sparen voor een Z4.’

    Deze vrouwen weten uitstekend wat ze willen, vertellen autodealers. Ze bereiden zich voor op internet en stellen gerichte vragen. Met reclame gaan ze rationeler om dan mannelijke kopers of leasers, blijkt uit Amerikaans onderzoek. Mannen worden vaker verleid door het gevoel dat de auto ze geeft. Ze hebben genoeg aan een advertentie met een mooie foto van de auto en een verleidelijke kopregel. Vrouwen willen er graag een informatieblokje bij, met feitelijke informatie.

    Meike Huber (33) is een autofreak. Ze recenseert maandelijks de grootste, stoerste auto’s voor het technologie-magazine Bright. Zelf heeft ze een oude Mercedes. “Hij is groot, goudkleurig en lekker ordi. Vroeger was het een directeursauto. Ik sta er soms wel eens mee langs de weg, maar dan red ik me wel. Daarvoor heb ik een cursus autoreparatie gedaan.” De auto heeft haar een sterk en vrij gevoel. “Ik vind autorijden ook heel leuk. Ik kan intens gelukkig zijn in mijn auto.” Dat ze een vrouwelijke autorecensent is, vindt niet iedere autoproducent vanzelfsprekend. “Sommigen vinden het leuk, maar anderen gaan me heel omslachtig dingen uitleggen.” De meest indrukwekkende auto die ze gereden heeft, was een BMW M6. “Die auto was spectaculair. Zo snel als hij optrok… geweldig!” Als ze auto’s bekijkt, let ze zowel op het motorvermogen, technische veiligheidsaspecten en het rijcomfort als op details. “Goede vakjes zijn nog vaak een groot gemis. Daar kan ik me gek aan ergeren. Ik vind frutsels niet belangrijk, maar ik testte laatst een auto die een dimlicht had op het make-upspiegeltje. Een briljante vondst!”

    Groot en veilig

    Voor vrouwen die werk en gezin combineren is een kleine, pittige of snelle auto niet praktisch. Twee kinderen en een kinderwagen prop je immers niet makkelijk in een Ford Ka of een flitsende cabrio. Zij willen vooral dat hun auto groot, praktisch is en veilig. En dat betekent niet direct tuttig!

    Populair zijn ‘Multi Purpose Vehicles’ (MPV’s) als de Volkswagen Sharan of de Renault Espace. “De stationcar is een beetje passé,” zegt Danny Jansen van Family Cars, specialist in tweedehands gezinsauto’s. “De SUV, zoals de Jeep Cherokee of de Porsche Cayenne, neemt die rol over. Een SUV is groot, veilig en praktisch, maar tegelijkertijd stoer.”

    Jansen krijgt de laatste jaren meer vrouwen over de vloer. “Maar ze verontschuldigen zich vaak dat ze niet genoeg verstand hebben van auto’s. Dat is helemaal niet nodig. Ze letten op andere dingen. Minder op de motor en de topsnelheid, maar meer op praktische dingen, zoals de veiligheid en of kinderen makkelijk in- en uit kunnen stappen.” Houdt de auto-industrie volgens Jansen rekening met de vrouwelijke koper? “Nog niet altijd. Maar bij bijvoorbeeld de Ford Windstar merk je dat daar vrouwen aan mee hebben gewerkt. Die heeft onder andere elektrische schuifdeuren en een spionnetje, waarmee je op de achterbank kunt kijken. Dat zijn typisch dingen die vrouwen belangrijk vinden.”

    Ria Meester (42) heeft een Toyota Picnic, een zespersoons MPV. “We hebben vier kinderen van 9, 7, 5 en 1 jaar oud. De Picnic is voor ons de ideale auto, want hij heeft twee achterbanken, zodat we er met z’n zessen in kunnen. Als het nodig is, kan degene op de passagiersstoel bij de kinderen komen, want er is geen middenbank.” Tijdens de aankoop lette Ria vooral op de praktische, veilige en kindvriendelijke elementen. “Veiligheid staat voorop. De auto geeft me een stabiel, robuust gevoel. Ik vond het ook belangrijk dat de gordels op iedere zitplek goed waren.” De laadruimte is echter krap. “Met vier kinderen moet je veel meenemen. De buggy, speelgoed, boodschappen… dat is lastig. Als we met beleid inpakken, redden we het net.” Een kindvriendelijke auto betekent dat je niet altijd je eigen favoriete muziek kunt draaien. “We luisteren veel naar kindermuziek. Daar raak je aan gewend. Soms rijd ik alleen naar mijn werk en merk ik dat ik uit volle borst meezing met een CD van Kinderen voor Kinderen.”

    ]]>
    <![CDATA[Kleine Tijmen, 14 dagen oud: ]]>
    • Zijn grootste hobby is eten, op de voet gevolgd door slapen en poepen (een gedeelde tweede plaats).

    • Hij heeft honger met de precisie van een Zwitsers uurwerk.

    • Tijdens het eten grijpt hij graag naar de fles en houdt dan soms zijn pinkje overeind. Nu al een man met manieren.

    • Hij kijkt je regelmatig aan en denkt er dan duidelijk het zijne van. (Gisteren bijvoorbeeld, toen A.f.th. er met de AKO Literatuurprijs vandoor ging. En over de huidige situatie in Pakistan is hij ook niet erg te spreken.)

    • Af en toe ondersteunt hij deze pose door zijn kin Rodin-like op zijn hand te laten leunen en zijn voorhoofd in een wijze frons te draperen.

    • Zijn voeten passen met geen mogelijkheid in newborn sokken.

    • Laat staan zijn handen.

    • Zinloos huilen vindt hij voor mietjes; hij laat zich eigenlijk vooral horen als het tijd is om te eten.

    • Hij maakt graag hele lieve caviageluidjes.

    • Als er bezoek langskomt om kennis met hem te maken, slaapt hij het liefst integraal door hun hele bezoek heen.

    • Ik weet dat alle ouders dat zeggen, maar Tijmen is echt het liefste en mooiste mannetje van de wereld. Heus.

    • En alle clichés zijn waar: zodra je zo’n kleine, heerlijk ruikende wurm in je armen hebt word je zo week in je knieeen dat je er even bij moet gaan zitten. 24 oktober is hij geboren en we zijn heel gelukkig met hem.

    ]]>
    <![CDATA[Zwitserleven levensmomenten ]]>Zwitserleven begrijpt dat financiele producten op zichzelf niet zo interessant zijn voor de consument. Vooral als het gaat om hun oude dag. Pensioenen, lijfrentes, levensverzekeringen en koopsommen zijn voor veel mensen net als hun gebit: je weet dat je er eens iets aan moet doen, maar liever niet nu. De producten zijn ingewikkeld, je weet eigenlijk niet precies wat je al geregeld hebt en 'later' lijkt nog een heel eind weg.  

    Daarom heeft Zwitserleven een webshop ingericht op basis van levensmomenten, die goed aansluiten bij de belevingswereld van de consument. Door te laten zien wat de financiele consequenties zijn van werken, kinderen krijgen, een relatie opbouwen, een eigen huis kopen, kinderen krijgen of eerder willen stoppen met werken wordt 'later een stuk concreter. En komt het een stuk dichterbij.

    Ik ontwikkelde een tone of voice voor deze levensmomenten en schreef de copy.

    Bekijk de webshop hier.

    ]]>
    <![CDATA[Weg is weg ]]><![CDATA[Goedemorgen]]>
    * Walter heeft een vet goed boek geschreven. Ik ben dan ook vet benieuwd.
    * Daan wordt beroemd in Korea (ik weet niet hoe uw Koreaans is, maar volgens mij is het een goed verhaal)
    . * Het lag niet aan Britney, maar aan haar kapper. ]]>
    <![CDATA[Brief aan Britney -2-]]>Lieve Britney,

    de vorige keer dat ik je schreef is al weer een tijdje geleden. Je had toen net een wat rigoreus nieuw kapsel genomen en ik maakte me een beetje zorgen over je. Positief als ik ben hoopte ik dat het sindsdien beter met je ging – je had immers weer een soort van haar, of in ieder geval malle mutsjes en haarbanden op, je had meestal kleren aan en je had een punt gezet achter je flitsvrienschap met Paris H. – maar toen ik je vanochtend zag, begreep ik dat je ook tegen de klippen op positief kunt zijn.

    Begrijp me niet verkeerd, je post-zwangerschaps-lichaam is indrukwekkend (daar moeten we het nog een keer over hebben) en al heb je niet veel kleren aan, je hébt kleren aan. En dat is hartstikke goed. Brit. Alle ingredienten voor een klassieke Britney-performance waren aanwezig: een blote buik, glitters en veel te veel make-up. Het enige dat ontbrak was een rookmachine en een microfoon om je hoofd.

    Maar Britney, waarom ben je zelf niet gekomen? En waar ben je eigenlijk? Ik begin er namelijk steeds meer van overtuigd te raken dat je vervangen bent door een robot. Of door een buitenaards wezen. Ik denk daarvoor een aantal keiharde bewijzen te hebben:

    a. In tegenstelling tot deze amateuristische robot kun jij heus heel goed dansjes doen met groepen dansmeisjes en –jongens. Ik hoef maar ‘Oops (I Did It Again)’ te zeggen en iedereen weet meteen waar ik het over heb.

    b. En je kunt veel beter playbacken dan dit ongemotiveerde lipgebibber; met ‘Baby One More Time’ bewees jij al dat playbacken pas echt overtuigend is als je daar af en toe je tong bij naar buiten steekt.

    c. Als je zoveel geld te besteden hebt als jij, kies je echt wel betere extensions uit dan deze afdankertjes van Linda de Mol.

    d. Justin zat in de zaal; alleen dat zou al een reden geweest zijn voor jou om tweehonderd keer beter je best te doen. Als hij die Diaz kan dumpen, kan hij die Jessica Biel immers ook zo aan de kant zetten, weer voor jou kiezen en dan zou hij een liefhebbende stiefvader zijn voor Sean Preston Jayden en James Justin Jordan of hoe je kinderen ook al weer heten en jullie zouden nog lang en gelukkig leven. Ofzoiets.

    e. Bovendien – en hier viel die robot wat mij betreft het hardst door de mand – is een centimetertje meer of minder onder je schoenen geen enkel probleem voor jou. Toen ik die robot als een dronken malloot zag wankelen op die hakken wist ik het: je bent ontvoerd.

    Het kan niet anders. Je bent ontvoerd en wie dat dan ook gedaan heeft, heeft je vervangen door een haastig in elkaar gezette op afstand bestuurbare Britney-pop. De theorie heb ik nog niet helemaal rond. Zit je in werkelijkheid in rehab? Word je onderzocht door buitenaardse wetenschappers? Heeft George Bush electoraal belang bij jouw politieke visie, waardoor je zo druk bent met allerlei adviescommissies dat de CIA in allerleil deze flutrobot in elkaar heeft gezet? Ik ben er nog niet helemaal uit. Maar ik beloof je dat de onderste steen boven zal komen. Waar ben je, Brit? Geef ons een teken als het goed met je gaat. Doe een uil na. Of een duif, ofzoiets.

    ]]>
    <![CDATA[Blije Doos]]>
    • verhuizing komt met rasse schreden dichterbij. Twee Tsjechische mannetjes hebben ieder stukje muur en plafond keurig witgeschilderd en ondanks wat communicatieve uitdagingen (‘yeeesss, nooo problem! Nooo problem!’) is dat allemaal meer dan goed gekomen. Nu nog die 65 dozen inpakken die het verhuisbedrijf woensdag komt brengen. (Ik verheug me nu al op die vijf meter bubbeltjesplastic die mee wordt bezorgd.)

    • Ook baby begint zich op te maken voor de countdown. Eergisternacht zwaaide –ie (M/V) in mijn droom kwaad met een mollig babyvingertje naar me: ‘Ja, lekker is dat, straks word ik eerder geboren en dan hebben jullie nog helemaal niks voor me! Jullie moeten allemaal pastelkleurige winkels in en jullie spullen laten aansmeren die je maar twee weken nodig hebt en waarvan je eigenlijk niet begrijpt wat je er mee moet!’ Nou vond ik dat –ie op zich wel een punt had, maar de waarheid is dat ik een beetje bang ben voor die Prenatal-achtige lifestylefuiken, met foto’s van gelukzalig-stonede moeders die hun handen om hun buik vouwen, enge melkmachines en pluizige eendjes. Dus ben ik naar hema.nl gegaan en heb ik in tien minuten een complete doos babybenodigdheden bij elkaar geklikt, zonder daarvoor aangeklampt te hoeven worden door babywinkelmedewerksters die mij op infantiele toon vragen hoe het gaat (Lekker? Gaat het lekker? Lekker!!). Lang leve de Hema.

    • wat mij brengt op het volgende: de firma Blije Doos stuurt mij steeds aanmanende brieven dat ik nog geen Blije Doos opgehaald heb en dat ik toch wel gek zou zijn als ik dat niet zou doen, omdat –ie vol zit met gratis cadeaus. Nou ben ik erg gevoelig voor de woorden ‘gratis’ en ‘cadeaus’, maar de naam roept een enorme mentale blokkade bij mij op. Want wie wil er nou iets in huis hebben dat De Blije Doos heet? Ik ben helemaal niet zo feministisch-principieel-militant, maar je zou er toch bijna feministisch-principieel-militant van worden. Wie is er marketingmanager van Blije Doos Incorporated? En wat zit er in zijn/haar hoofd? Luiers? Zinkzalf? Niets?

    ]]>
    <![CDATA[Dolle Waanzinnige Zomer Stippenkorting Weken]]>
    Bestel dus direct! En trek je niets aan over het bedrag dat daar staat; gewoon €17,90 overmaken en dan komt het allemaal goed. Daar zorgen de Chef Bestellingen, Chef Betalingen en Chef Verzending wel voor. ]]>
    <![CDATA[Waar ik dan zoal mee bezig ben ]]>hier aan meegewerkt, en hieraan. Allebei in opdracht van Qi. ]]><![CDATA[Draaicirkel]]>
    Met nog een paar geroutineerde bewegingen vouwt hij de kar op tot een formaatje paraplu en stopt alles in een tas die eruit ziet alsof je er een surfplank in vervoert.

    'Weet je, ik vraag me af waarom mannen tegenwoordig zo geinteresseerd zijn in wandelwagens,' mijmert hij.

    'Tja,' zeg ik. 'Ik zou het niet weten.'
    ]]>
    <![CDATA[KPN: Het Huis van Morgen ]]> Scenario's en copy voor Het Huis van Morgen, een informatieplatform waar alles te vinden over het nieuwe bellen, tv kijken en internetten (in opdracht van Lowe & Draft). Ambitieus neergezet om de superieure positie van KPN in die markt te benadrukken.

    Dit virtuele huis wordt bewoond door de familie Van Morgen: Wilbert (47), parttime huisman, Alice (45), fulltime zelfstandige, Isabelle (18), 100% blond, Mickey (15), skatecool en Sofie (12), principeprinses.

    Als eerste gezin zijn ze aangesloten op de techniek van de toekomst. In zeven korte afleveringen volg je hun beslommeringen met het voice over IP, beeldbellen, IPTV en draadloos internet. En met elkaar. Als je op de telefoons, computers en tvs klikt in de verschillende kamers, vind je demo's met meer informatie.

    Bekroond met een zilveren Cyber Lion in Cannes (2006).

     

     

    ]]>
    <![CDATA[T-Mobile: Wendy's Wereld]]>

    Ontwikkeling karakter Wendy en schrijven scripts voor dit online spel, waarmee T-Mobile jongeren tussen de 15 en 25 op een interactieve manier bekend wil maken met de voordelen van Web 'n Walk (mobiel internet). Wendy is vrolijk, expressief, een tikje ongeduldig en verslaafd aan haar telefoon. Spelers kunnen haar een dagje volgen in haar actieve leven en begrijpen steeds beter waarom ze mobiel internet heeft. Door steekwoorden in te voeren kun je raden waar Wendy vandaag naar toe gaat. En omdat ze een aardig temperament heeft, weet je nooit precies hoe ze reageert... Als je er niet uitkomt, kun je haar vragen om een hint te geven. Wendy heeft ook een profielpagina op Hyves, waar ze inmiddels meer dan 45.000 vrienden heeft!

    In opdracht van Agency.com.

     

     

    Update: T-Mobile was zo blij met Wendy, dat ze een onderzoek naar haar hebben gedaan. En wat bleek: een derde van de respondenten stelt na het spelen dat ze waarschijnlijk een mobiel internet abonnement gaat aanschaffen. Verder zouden veel respondenten beter inzicht hebben in de mogelijkheden van mobiel internet. Volgens Peter Haug, Directeur Consumenten Marketing T-Mobile Nederland, steeg de waardering van het merk T-Mobile onder niet-klanten met 25 procent na het spelen van het spel. Het spel kreeg een waardering van 7,9 en Wendy zelf kreeg een 8,2. Goed gewerkt, Wendy!

     

    ]]>
    <![CDATA[Flower]]>
    Ik knik, verbaasd dat zo’n jongensjongen met gemillimeterd haar en verwassen t-shirt zo’n geoefende parfumneus heeft. Het lijkt me meer het type dat verstand heeft van stoere auto’s en motorolie.

    ‘Dat had mijn ex altijd op....’ zucht hij en zijn gezicht stevent in slow-motion af op een total-loss.

    ‘Oh,’ mompel ik. Ik heb spijt dat ik me niet ingesmeerd heb met motorolie. Of dat ik nu niet iets intelligents kan zeggen over de voordelen van achterwielaandrijving. ]]>
    <![CDATA[Kaart]]><![CDATA[Dingen ]]>
    ]]>
    <![CDATA[Binnenkort in dit theater...]]>
    * Delta Lloyd
    * de Heineken Speakerkratjes,
    * de Bol.com studieboekencampagne
    * en Zwitserleven.

    Nog heel even geduld a.u.b.!

    ]]>
    <![CDATA[Zo'n bericht waar je eigenlijk niet zoveel mee opschiet]]><![CDATA[Planet.nl/erismeer]]>

    Copy voor en outline voor de filmpjes op planet.nl/erismeer, een nieuw initiatief van Planet voor internetters die het moeilijk vinden om op de hoogte te blijven van alle nieuwe ontwikkelingen op internet. Voor diegenen die vermoeden dat de Podcast ontworpen is door Jan des Bouvrie en Hyves een besmettelijke ziekte, zeg maar.

     

     

     

     

    ]]>
    <![CDATA[zondag 8 juli: Debutantenparade, OBA Amsterdam ]]>

    aanstaande zondag, 8 juli, wordt als onderdeel van de feestelijkheden ter gelegenheid van de nieuwe Openbare Bibliotheek Amsterdam een Debutantenparade georganiseerd: een middag vol debutanten. Sieger Sloot, Jannah Loontjes, Eva Pusthuma de Boer, Mariska Reimerink, Rene van Delft en mijzelve zullen vragen beantwoorden over en voorlezen uit onze noeste arbeid.

    Hoe laat: van 2 tot 5 (ikzelf ben iets na tweeën aan de beurt)

    Waar: Cultuurplein, 2e etage
    Adres: Oosterdokskade 143, Amsterdam.

    ]]>
    <![CDATA[I have eight photos in my hand...]]>Hoe erg is het als je in bad de krant ligt te lezen (dat lukt best met Het Parool), in het tv-overzicht ziet dat America's Next Top Model op tv is, je tegen jezelf mompelt 'o shit, vergeten' en direct het bad uitspringt? Om inzicht te krijgen in dit mysterie hieronder een oud betoog over de ten onrechte zo vreselijk onderkende cultureel-maatschappelijk-sociologische aspecten van ANTM.

    Officieel zou ik natuurlijk altijd zeggen dat mijn lievelingsprogramma’s het nieuws, nova en vpro-documentaires zijn, maar officieus zou ik zeggen: America’s Next Top Model. Eigenlijk is het een schande om daar zo schimmig over te doen, want ANTM is veel meer dan een programma over modemeisjes. Het is ten eerste antireclame voor het vak van fotomodel. Want wie ziet dat je slangen op je hoofd moet zetten, met je naaldhak aan een hijskraan moet bungelen, vernederd wordt door een man met zilver haar, geschminkt als een clown en tussen spinnenwebben in een vampierengraf moet liggen, denkt nog wel een keer na voordat ze Tyra achter na wil. Maar bovenal is het een cultureel antropologisch programma over het groepsgedrag van de jonge, ambitieuze vrouw.

    De antropologen van ANTM denken goed na over wie ze bij elkaar zetten om de beste resultaten te krijgen. Een meisje uit een getto die financieel verantwoordelijk is voor haar hele familie plus die van haar vriend die haar op haar vijftiende per ongeluk zwanger heeft gemaakt, een blonde Bruid van Jezus uit Texas die niemand aan haar bikinilijn laat komen, een sociaal gehandicapte bitch die blind is van ambitie, een doodonzeker meisje die zichzelf vijf afleveringen lang afvraagt wat ze in godsnaam in dit programma doet, want ze is toch niet knap, een studie die zich eigenlijk te goed voelt voor al dat uiterlijke vertoon, iemand wiens been langzaam aan het ontbinden is en dit nog zo graag een keer wil meemaken, een lesbienne die op fotomodellen valt en nog zo wat vrouwen uit de doorsnee van de Amerikaanse samenleving.

    Binnen vijf minuten zijn de rollen in het jaloersmakend luxe modellenhuis al verdeeld. De Bitch probeert de regels in het huis te bepalen en kat iedereen principieel af, het meisje uit het getto wordt in gettotaal boos, omdat ze vindt dat sista’s solidair moeten zijn, de jezusfreak zondert zich af en bindt tot de Here, het meisje met het langzaam ontbindende been vertelt De Bitch dat ze met beide benen op de grond moet blijven staan en de lesbienne bewerkt het onzekere meisje, die opeens hevig begint te twijfelen aan haar seksuele voorkeur en hysterisch huilend haar puisterige vriendje belt.

    Zo boeiend, die groepsdynamiek.

    Het mooiste moment is altijd de make-over. Tyra doet het erom, dat weet ik zeker. Het Jezusmeisje krijgt een a-symmetrisch kapsel met een dreadlock langs haar oor (‘The Human League meets Boy George!’ roept Tyra enthousiast), het beeldschone lange haar van De Bitch wordt tot een centimeter afgeknipt (‘Twiggy!’ kirt Tyra) en de studie krijgt hair extensions van anderhalve meter, die er precies zo uitzien als het oude haar van De Bitch. De studie vergeet prompt haar liefde voor Politicologie en kamt de hele dag haar extensions, verliefd op haar eigen spiegelbeeld, afgunstig beloerd door De Bitch, die zo te zien zint op grootste en meeslepende wraak.

    Nee, een hoogst interessant en leerzaam programma. Vreemd eigenlijk, dat het niet op National Geographic uitgezonden wordt.

    ]]>
    <![CDATA[FBTO Autoveiling ]]>Om de FBTO Internet Autoverzekering op een bijzondere manier onder de aandacht te brengen van de actieve internetter, organiseerde FBTO de Autoveiling. Want verzekeren kun je niet alleen zelf, de beste deal maken ook. Daarom werden in samenwerking met eBay een gloednieuwe Mini Cooper, Toyota Aygo en Golf GTI geveild. Natuurlijk inclusief gratis FBTO Internet Autoverzekering! Degene die het totaalbedrag raadde waarvoor de drie auto's uiteindelijk verkocht werden, kon ook nog een Fiat 500 winnen.

    In opdracht van Lost Boys.

     

     

    ]]>
    <![CDATA[Column voor Vara TV Magazine: 100% blond ]]>Hieronder de volledige column uit Vara TV Magazine:

    Ik heb kort, donker haar. Dat heeft veel voordelen: zo hoef ik het niet te kammen, the föhnen of te voeden met haarmaskers. Maar feit is dat je met een coupe als de mijne de glamour niet aan je kont hebt hangen.

    U zou nu vriendelijk iets kunnen mompelen over Audrey Hepburn of Winona Ryder, maar dat zijn vrouwen die vrouwen leuk vinden, omdat ze niet bedreigend zijn. Gentlemen prefer nou eenmaal blondes. Kort, donker haar is leuk, guitig misschien, een tikje eigenwijs. Maar het moet toch echt lang en gebleekt zijn om de mannelijke speekselproductie op hol te doen slaan.

    Daar kunnen ze niets aan doen, de heren: het is een Pavlov-reactie. Na decennialange inspanningen van ieder mogelijk medium is blond synoniem geworden voor verleiding, ongenaakbaarheid en broeierige fantasievunzigheid. Ook bij mij roepen legendarische blondmomenten een combinatie van reddeloze bewondering en afgunst op. Ursula Andress die uit zee oprijst, haar haar als een gouden gordijn over haar schouders. Mae West die vanachter haar peroxide krullen fleemt of dat een geweer in je broekzak is, of dat je blij bent om haar te zien. De blondine is superieur, nee, bijna goddelijk. Doet mannen uit het lood slaan en regeert zo eigenlijk de wereld. Je zou van minder een complex krijgen.

    Nou ben ik ooit blond geweest, dus ik weet waarover ik het heb. Ik had hoogglanzend, golvend haar, tot halverwege mijn rug. En het was een dagtaak, dat haar. Urenlang was ik druk met het er in slowmotion doorheen halen van mijn hand, het als een oplichtende fontein om mijn hoofd laten waaieren en het negeren van scheve blikken van minder welbehaarde vrouwen. Alles wat ik deed kreeg een moddervette dubbelzinnigheid, of ik dat nou zo bedoelde of niet. Telefoonnummers accepteerde ik per dozijn, complete werkweken kon ik vullen met spannende rendez-vouszen. Blond zijn was niet een kwestie van verven, realiseerde ik me; je had het in je of je had net niet. Nooit gedacht dat het zo onweerstaanbaar was om onweerstaanbaar te zijn.

    Toen ik mezelf onderweg naar het toilet tegenkwam in de spiegel en de slaap uit mijn ogen wreef, zakte de seks me echter prompt in de sloffen. Na één nacht als droomvrouw werd ik genadeloos teruggeworpen op aarde. Ik zag geen halfgodin, maar een pijnlijk normale sterveling. Met bruin piekhaar, een lege agenda en geen spoor van een innerlijke blondine. Die ’s ochtends niet een half uur eerder op hoeft te staan om haar haar te föhnen, dat dan weer wel.
    ]]>
    <![CDATA[Wááát? ]]> 'Ik moet nog even naar Schonenberg Hoorcomfort.'
    'Wát?'
    'Ik moet nog even naar Schonenberg Hoorcomfort!'
    'Oh, waar zit dat?'
    'Op de Van Woustraat.'
    'Wáát?'
    'Op de Van Woustraat!'
    'Wááát??'
    'Op de Van WOUSTRAAT!!'
    'Oh, is er iets met je oren, dan?' ]]>
    <![CDATA[Column voor Vara TV Magazine: Blond ]]>
    De rest van dit verhaal vind je deze week in Vara TV Magazine, waarin ook Herman Brusselmans, Renske de Greef en Adriaan Jaeggi vertellen over hun blondfascinatie. Al deze blonde mijmeringen naar aanleiding van de Close-up documentaire 'Blond', die de Avro aanstaande zondag uitzendt.]]>
    <![CDATA[CJP bespreekt 15 minuten ]]>"Kwartiertje spotlights - een fijne moderne romantische komedie in boekvorm, humoristisch en vlot geschreven, met een net wat minder voorspelbaar en zoet einde dan je in eerste instantie zou verwachten."

    Lees de recensie.

    ]]>
    <![CDATA[Kop van de week: ]]>'Consolidatieslag in de krokettenmarkt.'

    Dat maakt nieuwsgierig, nietwaar? Twee rivaliserende families, die al decennialang in de kroketten zitten. Dochter van de ene familie verleidt de fabrieksknecht van de andere familie om de grootste naoorlogse productinnovaties te jatten: de garnalen- en de kaaskroket. Andere familie kan dat veertig jaar niet verkroppen en slaat in 2007 eindelijk toe door 55% van de aandelen over te nemen en de oudste dochter, die inmiddels moddervet is door iets teveel affiniteit met het product, er direct uit te gooien. 'Kroket, de Musical' is niet ver weg. Ik voel het aan mijn water. ]]>
    <![CDATA[Patries heeft niets te maken met die foto's van Belinda...]]> 

    ... maar ze bewaart wel warme herinneringen aan haar affaire met Rob de Nijs in die hete zomer van 1965!

    Lees een fragment uit 15 minuten.

    Op de fiets heb ik een filosofisch moment. Ik bedenk me hoe mooi de grachten zijn in het zonlicht, hoe fijn het eigenlijk is om te fietsen, hoe geweldig wereldvrede zou zijn en hoe leuk het is dat ik op een schakelpunt sta in mijn carrière. De handlezeres van Eef zegt dat ik een heel sterke intuïtie heb. En ik vóél de verandering in de lucht hangen. De campagne voor de BPW Bank gaat een flinke slinger aan mijn carrière geven. Ik glimlach naar de grachten, de woonboten en de bomen, die in de knop staan. Dag lieve eendjes, dag lieve wereld.

    De telefoon haalt me bruut uit mijn meditatieve moment. Met een Lingo-beweging steek ik mijn arm in de tas aan mijn stuur en graai naar iets dat voelt als een telefoon. Zwabberend ontwijk ik op het nippertje een tram, maar ik heb hem wel.

    ‘Met Patries!’ Ah, mijn moeder. Die belt altijd als ik bijna onder een tram kom, of op de wc zit. ‘Wat ben je aan het doen?’

    ‘Ik moet even langs bij Dylan Winter.’

    ‘Wáát? Dylan Winter?’ Ik houd mijn telefoon een stukje van mijn oor. ‘Ik weet dat ik er te oud voor ben, maar lieve hemel! Heb je wel wat leuks aan, kind?’

    Goede vraag, eigenlijk. Ik bekijk mezelf van borst tot teen en constateer dat ik niet de ultieme outfit aanheb om Nederlands smakelijkste zanger in te ontmoeten. Omdat ik nog steeds de was niet heb gedaan, draag ik een shirt dat een beetje gekrompen is (wassen is een erg onderschatte bezigheid, vind ik) en een smoezelige spijkerbroek, maar wel mijn lievelingslaarzen van Anna Sui. De bank is nog steeds boos vanwege de aanschaf, maar ik zie ze als een diepte-investering. Ik ben Hester en Eef nog steeds dankbaar voor hun advies; klassiekers nemen tenslotte alleen maar in waarde toe. Zo heb ik Yljaaa ervan proberen te overtuigen dat hij beter voor een Snoek kon kiezen, maar hij moest zonodig een Lamborghini kopen, uit 1966. Een echte designklassieker, zei hij met een ach-meisje-wat-weet-jij-nou-van-auto’s-stem. Genoeg om te weten dat bij 140 kilometer per uur het dashboard eruit knalt en je naar Italië moet voor een origineel notenhouten exemplaar. Hij kost je inderdaad niet meer dan 15.000 euro, maar dat kost hij je per jaar ook aan onderhoud. Nee, dan de Snoek. Het is dan wel geen Lambo, maar net zo goed een designklassieker en een stuk onderhoudsvriendelijker. Tja, dat krijg je ervan als je vader naast bapao’s ook van auto’s houdt. 

    ‘Valt wel mee,’ zeg ik. Als ik de waarheid vertel over mijn samengeraapte kleding, dwingt ze me om langs mijn huis te fietsen om de benen-en-billenjurk aan te trekken. Wat wel het enige kledingstuk is dat nog enigszins schoon is, trouwens.

    ‘Nou, mop, zet hem op, hè!’

    ‘Mam, maak je nou niet zo druk. Ik heb een vriend, weet je nog?’

    ‘O ja, brilmans. Doe hem de groeten. Maar mop, neem nou maar van mij aan dat je beter niet op één paard kunt wedden. Toen ik je vader leerde kennen, ging ik ook met Rob de Nijs. Wat een lekkerdje was dat in zijn jonge jaren! Maar die kon zich niet binden. Ik kan je verzekeren dat ik toen blij was dat ik Bapao Dries achter de hand had. Ik mocht er wezen hoor! Oh, die Rob, ik weet nog goed dat we...’

    Als mijn moeder het over haar Slanke Periode (1962-1969) gaat hebben, kan het nog lang duren.

    ‘Ik moet ophangen, er komt een tram aan!’

    ‘Kind, ben je aan het bellen op de fiets? Zo gevaarlijk in de stad, met al die trams en die taxichauffeurs! Straks kom je met je wiel in de trambaan terecht en dan --’

    Ik druk mijn telefoon uit en probeer terug te komen in mijn meditatieve moment, maar hoe blij ik ook kijk naar de eendjes, de bloemen en de woonboten, het lukt niet meer. Ik geef het op en zet mijn fiets vast aan een regenpijp van de Artist Rehearsal Studio’s.

    ]]>
    <![CDATA[Pauze-act]]>In een duidelijk geval van even geduld a.u.b. (sorry!) even een greep uit het archief:

    Richting

    It's like, you know?

    Lieve Britney

    ]]>
    <![CDATA[Column voor SiS: Fop-passie]]>Ik was laatst op een feestje in een over-hippe lounge, vol flitsende mensen uit de literatuur, media en andere interessante zaken. Stralend middelpunt was een voormalig reclameman, die zijn literaire debuut presenteerde. Aan de minimalistische bar probeerde ik me langs een man met piekhaar en een openhangend overhemd te wurmen, die woest in een notitieboekje zat te schrijven.

    “Sorry,” grijnsde hij, “even een brainwave noteren.”

    Ik probeerde drankjes te bestellen voor mij en mijn vriendinnen, maar de ongeschoren brainwave keerde zich naar me toe en blokkeerde mijn zicht.

    “Ja, ik ben creative marketing strategy consultant, maar in mijn hart ben ik eigenlijk dichter. Deze setting is zó inspirerend.” Hij deed zijn best om me indringend aan te kijken, terwijl hij zijn notitieboekje in het borstzakje van zijn ribfluwelen colbert stopte.

    “Ik verdien drie ton per jaar in de reclame,” ging hij verder, “maar dat interesseert me niets. Ik geef niet om geld en bezittingen.”

    Verbaasd over deze plotselinge ontboezeming keek ik hem aan.

    “Ik ben namelijk altijd een heel gewone jongen gebleven. Nog steeds op zoek naar innerlijke en intellectuele bevrediging.” Hij haalde zijn hand door zijn zorgvuldig geknipte non-kapsel, wat mij ruimte gaf om mijn bestelling naar de barman te seinen.

    “Weet je, ik wil alles in mijn leven doen met hart en ziel. Ik wil leven voor creativiteit, voor verbazing, voor intensiteit. Ik wil leven voor…” hij zette zijn diepzinnige blik nog een tandje hoger, “…….schoonheid.”

    Ik deed mijn best om mijn lach in te houden en keek hem serieus aan, nieuwsgierig naar het vervolg.

    “Want waar het uiteindelijk allemaal op neer komt, is passie. Zonder passie kan ik niet leven. En ik weet zeker…” hij liet zijn stem nog wat zakken, “…dat jij ook vol passie zit…”

    Ik slikte een opborrelende schaterlach in.

    “Mensen met passie trekken elkaar aan als magneten. We zitten op dezelfde golflengte, jij en ik. Ik wéét dat jij het ook voelt.” Hij boog zich verder naar me toe, maar veerde plotseling op. “Je inspireert me zo, ik wil een gedicht over je schrijven!”

    Toen het notitieblokje uit de borstzak tevoorschijn werd gehaald, vond ik het weer hoog tijd worden voor mijn gezelschap. Mijn gesprekspartner keek me verbouwereerd na; waarschijnlijk beledigd omdat ik niet van plan was om met hem mee naar huis te gaan voor een partijtje passie. Grinnikend balanceerde ik met mijn drankjes door de drukte. Passie als fashion statement, een nonchalante bohemien-look bij elkaar geshopt op de PC Hooft. Fop-passie!

    2005, SiS

    ]]>
    <![CDATA[Winnen: doe mij een ...? ]]>Terras-, Strand- en Vakantieboek van het Jaar 2007 worden steeds sterker. Niet dat 15 minuten niet lekker leest op de bank, in bed of in bad, maar volgens de jury is het leesgenot optimaal in de zon, met een koud drankje in je andere hand (in je ene houd je natuurlijk het boek vast), een bovenmaatse zonnebril op je hoofd en een slipper bungelend aan je voet. Omdat ik daar zo opgetogen over was en de zon prompt ook nog doorbrak, vond ik het tijd voor een prijsvraag voor de vriendelijke bezoekers van deze site! (win! win! win!)

    Wil jij een gesigneerd exemplaar winnen van 15 minuten? Doe dan mee. Voor deze prijsvraag worden zowel je trendwatchtalenten als je drankenkennis op de proef gesteld. Geef antwoord op de volgende vraag:

    Wat wordt deze deze zomer de opvolger van het Toppertje en de Breezer Ananas en wordt daarmee de terrashit van 2007?

    Vul je voorspelling in op onderstaand reactieformulier. De inzendingen worden beoordeeld door Barry, barman en doorgewinterd terrasloper, Brian Fukuyama, renowed trendwatcher (sorry, teveel ANTM) en mijzelf, ervaringsdeskundige op het gebied van terraszitten. De meest visionaire voorspelling krijgt dat gesigneerde exemplaar thuisgestuurd. Succes!

    ]]>
    <![CDATA[Genetisch cool]]>Ik ben jong. Ik ben cool. Ik woon in Amsterdam. Ik ben dus vanzelfsprekend op de hoogte van the places to be in onze bruisende hoofdstad. De stad waar alles gebeurt. De stad die nooit slaapt. Ik weet precies in welke cafés ik moet zijn en ik weet precies welke netkousen en neon truitjes ik deze maand moet dragen.

    Stiekem berusten deze uitspraken niet helemaal op de waarheid. Mijn vriendin L. weet, in tegenstelling tot mij, wél precies hoe het hoort. Ze wil dan ook altijd naar de Nieuwezijds Voorburgwal, thuisbasis van creative marketing strategy consultants mensen die iets met TV doen. En die kunnen het weten. Vandaar dat ik vorige week belandde in café Diep.

    Toen ik mijn jas uittrok, wierp L. direct een goedbedoelde misprijzende blik op mijn outfit (“Kan die broek niet ín die laarzen?”) en trok ze haar ultrakorte rokje en beenwarmers recht. Ik was zelf redelijk tevreden over mijn kledingkeuze, maar L. verzekerde me ervan dat ik de plank behoorlijk misgeslagen had. Een spijkerbroek kan, maar dan wel in uitzonderlijk laag heupmodel of gecombineerd met een neonkleurige slobsok. En op mijn shirt had in ieder geval een tekst gemoeten als ‘Patty Brard is a slut’ of ‘consumerism sucks’.

    Toen ik om me heenkeek, begreep ik waarom ik een beetje uit de toon viel. Ik blader wel eens door van die leuk bedoelde modereportages in tijdschriften, maar je verwacht toch niet dat mensen dat dan ook écht aan gaan trekken? Ik voelde me als een hip-antropoloog op trend-safari. Ik stond middenin een jungle van zorgvuldig geblondeerde meisjes met slobsokken, groengestipte rokjes en witte pumps en jongens met gehighlight haar in hysterisch gekleurde overhemden met omhooggestoken kragen. Ik vroeg me af: hoe weten al die mensen wat kan en wat niet kan? Hoe houden ze bij wanneer matjes uit zijn en beenwarmers in? En wat is de rangorde? Hoe meer zweetbandjes, hoe cooler je bent?  Ik voelde een lach in me opborrelen. Ik lachte, ik kon niet ophouden met lachen. Ik lachte tot ik er buikpuin van kreeg, en in de tussentijd stonden de gehighlighte kuifjes en de beenwarmers om me heen me vol onbegrip aan te kijken (hard lachen is zó 2001).

    Ik kon niet anders concluderen dat ik genetisch hip ben. Aangeboren cool. Daar hoeft geen beenwarmer aan te pas te komen.

    Strictly Magazine, 2004

     

    ]]>
    <![CDATA[Imagoschade]]>vre-se-lij-ke imagoschade in het buitenland goed moeten maken. In één klap zal Nederland het lievelingetje zijn van Europa, geloof me. Het plan is, al zeg ik het zelf, briljant in zijn eenvoud.

    We gaan namelijk het Eurovisie Songfestival van 2008 winnen. En nee, niet met de cast van Mama Mia, maar met Go East: the Dutch Eurovision Super Band.

    In deze band zitten:
    * 1 monster
    * 1 travestiet
    * 1 vampier
    * 1 overjarige housemuzikant
    * en - vooruit - Gerard Joling mag er ook in, op schaatsen, in een Pino-pak.

    In afwisselend Tjechisch, Russisch, Macedonisch, Roemeens, Bulgaars, Oekraiens en Hongaars zullen zij zingen:

    Wij houden van het Oooostblok
    Het is daar echt veel dope
    Het bier is er net zo lèèèèkker
    Maar dan zes keer zo goedkoop

    Oh mooi en prachtig Oooostblok
    Wat is het leven fijn
    Met jullie als nieuwe vrie-ienden
    En zonder IJzeren Gordijn

    Wij houden van het Oooostblok
    In caravan en tent
    Zo vol met mooie bèèèèrgen
    En muzikaal talent

    (Herhaal refrein 4 x)

    En dan roept Gerard Joling: stem op ooooooons!! En het monster: bwwwuuuuuuuggghhhhhrrrr!!

    Wat denk je? Zal ik meteen maar even contact opnemen met Maxime?]]>
    <![CDATA[Planet: Nationale PC Schoonmaak]]>Moet je als copywriter overal verstand van hebben? Nee, maar al werkende leer je van alles over dingen waarover je nog nooit eerder nagedacht hebt. Astma-medicijnen, bijvoorbeeld. Of bestelbusjes. En voor je het weet, weet je alles van draadloos internet, voice over IP en digitale televisie en sta je op familiefeestjes ooms te adviseren welk abonnement ze het beste kunnen nemen. Maar dat terzijde.

    Computerhater ben ik al lang niet meer (op de middelbare school wenste ik dat die rotdingen voor eeuwig zouden verdwijnen, maar dat had alles met Word Perfect 5.1 te maken), maar om nou te zeggen dat ik er veel verstand van heb... mwoah. Toch leek het Draft een goed idee dat ik mee zou werken aan de Nationale PC Schoonmaak voor Planet. Planet doet namelijk meer dan alleen abonnementen verkopen; ze willen ook graag dat hun klanten (en, vooruit, ook diegenen die geen klant zijn) optimaal kunnen genieten van hun snelle verbinding. En een smoezelige, overvolle, slome computer helpt daar niet echt bij. En dan praat je wat met mensen, je googlet wat en opeens weet je van alles over filters, registers, defragmenteren en ontdek je dat er meer bacterien in je toetsenbord zitten dan op je toilet.

    De Nationale PC Schoonmaak van Planet is hartstikke leuk geworden en nuttig bovendien. Doe dus allemaal even mee op pcschoonmaak.nl. Voor een lentefrisse computer.

    Bekijk de site!

     

     

    ]]>
    <![CDATA[1 meter interview]]>
    'Maaike Schutten: interview met energievolle literaire reclameschrijfster.'



    ]]>
    <![CDATA[Hellup ]]><![CDATA[Papier]]>‘Jan-Peter Balkenende heeft maatregelen getroffen om in de toekomst te voorkomen dat paperassen van Hare Koninklijke Hoogheid in handen van de pers vallen.'

    Eh - ik neem aan dat dit de maatregel is..?

    ]]>
    <![CDATA[Strike a pose ]]>Er is een wonderlijk fenomeen dat zich al tientallen jaren aan onze ogen voltrekt en waarvan we allemaal doen alsof we het volstrekt normaal vinden. Een bizarre samenzwering van een aantal grappenmakers die zich helemaal gek lachen om deze al zesendertig jaar voortdurende practical joke. Een verschijnsel dat me af en toe doet twijfelen aan het kritisch denkvermogen van mijn medemens. Maand na maand probeer ik de dieper liggende maatschappelijke, politiek correcte of socio-economische relevantie achter deze producties te begrijpen. Maar met de beste wil van de wereld krijg ik het niet voor elkaar. Wat is in vredesnaam het idee achter modereportages in glossies?

    Om dit vreemde verschijnsel beter te kunnen begrijpen heb ik me proberen in te leven in een aantal deelnemers aan deze eigenaardige cultus. Om te beginnen is er de stylist. Die eerst hevig nadenkt over een origineel thema, waarin hij of zij zich volledig artistiek kan uitleven. Na een wilde brainstorm komen de thema´s ´terug naar het aanrecht`, ´´t was aan de Costa del Sol`en ´horror fever` als besten uit de bus. Deze thema´s werkt de stylist eerst uit op moodboards, om daarna alle presentaties, modehuizen, mode-academies en vlooienmarkten af te struinen voor kledingstukken en andere lichaamsornamenten die deze thema´s in al hun facetten tot uiting kunnen brengen.

    Vervolgens is er de fotograaf. Samen met de stylist delibereert hij nachtenlang over de perfecte locatie voor de shoot die deze thema´s vorm gaat geven. Bij toeval bevinden de meest geschikte locaties zich doorgaans op vervelende eilanden met -bah- hagelwitte zonovergoten stranden of in een akelige stad als New York of Barcelona. Aldaar worden locaties gescout die aansluiten bij het thema van de fashionshoot, zoals een enig authentiek prothesewinkeltje, een lokale slachterij of een schilderachtig flatgebouw, waar hij het dienstdoende model aanwijzingen geeft om zich in zo onnatuurlijk mogelijke poses op, in of om te draperen.

    Daarnaast is er natuurlijk het model. Die gehoorzaamt aan de orders van de stylist en de fotograaf, zich hult in de 'eigenzinnige' creaties die de stylist haar aanreikt en zich met de uitdrukking van een tijger, een espresso-apparaat, Diana Ross of gewoon een fotomodel tegen vleesmachines, meubels of flatgebouwen aanvleit.

    Tenslotte leef ik me in in de lezer, voor het gemak gepersonifieerd door mezelf. Ik pak een gemiddelde glossy op en blader er door. Ik blader langs een relaas over een mislukte borstvergroting, een reportage over Sterke Vrouwen in Moeilijke Landen, een interview met een B-acteur waarvan ik nog nooit gehoord heb en een inspirerend en verrassend verhaal over het leven als zodanig zijnde. Tussen de Sterke Vrouwen en de B-acteur wordt mijn aandacht gegrepen door een serie beelden waarvan de bedoeling me volstrekt onduidelijk is. Ik zie een gratenpakhuis met een lampenkap op haar hoofd en lieslaarzen aan op een bananenplantage. Ik zie een meisje in een groen-rood-gestipte voetloze panty en een gehaakt hemd haar linkerbeen in haar nek leggen. Ik zie een meisje in een a-symmetrische jurk die haar linkerborst, of wat daarvoor moet doorgaan, bloot laat, in een gecompliceerde houding in een tandartsstoel. Ik zie een persoon, waarvan ik vermoed dat het een vrouw is, vervlochten in een visnet, met vishaken door zijn of haar neus en oren. Ik frons mijn wenkbrauwen, krab op mijn hoofd en blader nog een keer terug. Vishaken, tepel, been in nek, lampenkap. En krijg vervolgens niet de dringende behoefte om met een ontblote tepel naar mijn werk te gaan of een groen-rood-gestipte voetloze panty te combineren met een lampenkap voor het maandelijkse etentje bij mijn schoonouders.

    Volgende week misschien toch maar eens langs de IKEA om te kijken of de lampenkappen in de aanbieding zijn.

    Strictly Magazine, 2004

    ]]>
    <![CDATA[Doe mij die maar]]>Ben je nou al weken van plan om 15 minuten te kopen, maar is de boekwinkel te ver weg, worden er in jouw dorp geen boeken verkocht of ben je gewoon te lam om naar de boekhandel te fietsen? Vind je Bol.com te onpersoonlijk? Heb je nog een leuk verjaardagscadeau nodig?

    Voor al deze grote levensvraagstukken is er nu een oplossing! Gisteren is namelijk de allersimpelste webwinkel van Nederland geopend (Joost Buitenweg - je weet wel, die gemene Rien uit GTST seizoenen 1978-1982 en winnaar van Sterren Boksen Op Het IJs 1993 - was zo vriendelijk om het lintje door te knippen). In deze winkel is maar één product te koop: 15 minuten. Maar niet zomaar - ik signeer 'm voor je en schrijf er ook nog een persoonlijke boodschap in als je dat leuk vindt. En in geval van verjaardagscadeau staat de inpakservice (twee blonde, welgemanicuurde en welriekende dames met diploma's en awards in Wrapping & Packaging, die ik weggegrist heb achter de balie van Parfumerie Douglas) klaar om er een oogverblindend pakket van te maken. Ze sturen het dan ook direct op naar de ontvanger. Dus kom even langs en bekijk ons assortiment!

    ]]>
    <![CDATA[Traag]]>Soms ben ik een beetje traag. Zo haalde ik op mijn achtste mijn zwemdiploma A, begon ik op mijn 24e aan mijn eerste rijles (ja, ik ben inmiddels geslaagd), wist ik op mijn 29e het verschil tussen links en rechts (nou ja, meestal dan) en heb ik afgelopen weekend voor het eerst de Godfather-cyclus gezien.

    Ik hoorde mensen wel eens iets mompelen over ‘klassieker’ en ‘geweldig’ en oneliners oplepelen die ik niet kon plaatsen en dacht dan: 'jaja, het zal wel. Beetje schieten in een knap pak.' De waarheid was dat ik stiekem een beetje bang was voor de Corleonetjes. Als het op films aankomt, ben ik namelijk een mietje. Toen ik klein was had ik nachtmerries over de verfilming van Dickens Christmas Carol (niet die met de Muppets, maar die met mensen), door The Ring ben ik overgestapt op DVD en toen ik na Casino droomde dat ik levend begraven werd door een stel zware jongens met Italiaans accent had ik het even gehad met mafiafilms.

    Maar toen ik eenmaal begon bij Don Vito, kon ik niet meer stoppen tot ik wist hoe het in deel III met Michael afliep en zocht ik het internet af op trivia’s en andere leuke weetjes (Wist u dat van die sinaasappels? En van dat moedertje van Martin Scorsese? En dat die ene ook in die andere film zit?). En omdat door een verkoudheid mijn stem niet helemaal meewerkte, kon ik ook een geweldige ‘just when I thought I was out, they pull me back in!’ weggeven. Om over al die niet te weigeren aanbiedingen maar te zwijgen. Waarom had niemand me ooit verteld wat een geweldige films dit waren? Klassiekers, verdomme!

    Inmiddels zit ik ook halverwege seizoen 1 van de Soprano’s. (Ik zei u al: soms ben ik een beetje traag.) En morgen wil ik het hebben over een mieterse nieuwe band die ik heb ontdekt; The Beatles heten ze, geloof ik.

    ]]>
    <![CDATA[RUUD.]]><![CDATA[Wat vond de pers tot nu toe? ]]>- ELLE

    'Schutten schrijft grappig. Haar humor ligt vooral in de beschrijving van Alexis’ reclamewereldje, dat bevolkt wordt door de meest vreselijke figuren. De burelen van het reclamebureau worden bemand door mensen met namen als Frenk, J.P., Rodzjer en Yljaaa, mannen die gesprekken onderbreken om ‘even een brainwave te noteren’.' - De Groene Amsterdammer

    '15 minuten laat zich lezen als een liefdesverhaal en een vrolijke satire op de oh zo hippe wereld van de young & fabulous ineen.' - Sp!ts

    'Hoe Alexis haar plotselinge roem probeert te combineren met vrienden, familie en carriere beschrijft Maaike Schutten met veel humor en ironie.' - Algemeen Dagblad

    'Het boek is precies als de glamourwereld: het is mooier dan het lijkt en wat het lijkt is het natuurlijk niet: het is eerder het tegendeel. Maaike Schutten heeft wat mij betreft het eerste chicklitterige boek geschreven wat in chicklitstijl ook literaire aanspraken kan maken.' - Boekennieuws.com

    'Eigentijdse roman (...) De auteur heeft een vlotte pen, die nergens teleurstelt.' - Debutantenparade.nl

    'Net zo snel als de jongens uit het wereldje.' *** - Cosmopolitan

    *** - Viva

    'Een botsing van artistieke en zakelijke culturen en de roddelpers, geschetst in levendige beelden. (...) Prikkelend als champagne.' - De Stentor

    'Heerlijk leesvoer!' - Yes

    De droge humor van de hoofdpersoon (en dus ook de auteur) schetst mooie plaatjes van een onhandige Alex die ook maar per ongeluk met haar neus in de boter valt. De schrijfstijl is creatief.' - Fok.nl

    '15 minuten is een luchtige, satirische roman over glamour in nuchter Holland, waar je misschien liever niet met je hoofd boven het maaiveld uitsteekt.' - Living]]>
    <![CDATA[Grunberg]]>droom. (Ik droom niet dagelijks over Arnon Grunberg, hoor. Dat komt maar heel af en toe voor. En geiten spelen er geen rol van betekenis in.) Wat zouden de jury's vinden van zijn nieuwe fase? Zouden ze woest over hem heen buitelen en dingen roepen als 'oppervlakkig', 'aftreksel' en 'commercieel doelgroepproza'? Of zouden ze enorm hun best doen om een diepere laag te vinden in zijn verhaal over de iets te dikke, neurotische, single vrouw in New York en hem prijzen om de verrassende manier waarop hij de metafysische, existentiele tweestrijd van de mens als zodanig dit keer verpakt heeft?]]><![CDATA[Fugly]]>OK, natuurlijk is er niets oppervlakkiger dan mensen beoordelen op wat ze aanhebben. Want ja, het gaat uiteindelijk om je karakter (ook als je Britney Spears of Lindsay Lohan heet) en niet om oppervlakkige bijzaken als kledingstukken. Maar van wat deze dames doen krijg ik keer op keer de slappe lach.

    Heater en Jessica zijn twee Californische weblogsters met een obsessie voor Dynasty en andere televisieseries van Aaron Spelling, die  op hilarische wijze de meest recente kiekjes doornemen van sterren op rode lopers (en andere plekken waar ze in het wild rondlopen, zoals in/uitgangen van restaurants en straten met designwinkels, die ze beladen met tasjes op en af wandelen). Dat doen ze vanuit het begrip ‘fugly’ (fucking ugly), dat op het punt staat om de nieuwe versie van de Engelse Van Dale te halen. En om er toch nog een maatschappelijk verantwoorde draai aan te geven: je bent bij de dames aan het verkeerde adres als je besluit om eruit te willen zien als een stokpoppetje van 35 kilo. Of als je het nodig vindt om leggings onder korte broeken aan te trekken, of je huid oranje te laten kleuren. En dat is absoluut beter voor de wereld.

    ]]>
    <![CDATA[Snelwegbroodjes]]>Soms heb je van die weken dat je naar allerlei interessante uithoeken van het land moet. Ik hoop dan altijd dat ik, als ik trek krijg, net stop bij een tankstation die heerlijk vers geurende, knapperige, rijkbelegde broodjes serveert met exotische namen. Helaas weet het lot het altijd zo te regelen dat ik stop bij een tankstation dat alleen maar kledderige voorverpakte bende verkoopt.

    Omdat ik ondertussen ongeveer scheel kijk van de honger en het ook weer zoiets is om bij ieder tankstation te stoppen om bij het vijfde station uiteindelijk die lekkere, knapperige, hemelse broodjes te vinden, maar wel te laat te komen op mijn afspraak, zwicht ik toch maar voor zo'n laffe geplastificeerde tarwekledder.

    Als ervaringsdeskundige op het gebied van kleffe snelwegbroodjes kan ik u een aantal nuttige tips geven:


    · Vermijd alles met tomaat. Tomaat is de grote veroorzaker van kledderigheid. Als er ergens tomaat tussen zit, kunt u rekenen op een aantal bijzonder zompige happen.


    · Het feit dat er Bertolli op het pakje staat, betekent nog niet direct dat het lekker is.

    · Koop niks dat eerst in een magnetron moet. Het is onmogelijk dat iemand een magnetronhamburger overleeft. Het schijnt dat een vertegenwoordiger uit Friesland zich, na twee weken intensive care, langzaam heeft hersteld, maar daarvoor heb ik geen hard bewijs gezien.

    · zoek iets met kip uit. Omdat kip nog enigszins textuur heeft, is het risico op kleffe kledderigheid hier het kleinst. Tenzij er tomaten bij zitten, natuurlijk.

     

    ]]>
    <![CDATA[Sprout: terugblikken]]>Ik sprak onder meer met Harry de Winter:

    1972: how to bluff yourself into medialand.
    “Bij een studievriend kwamen wel eens radiomensen over de vloer. Voor één van die diskjockeys,Theo Stokking, mocht ik de platen op alfabetische volgorde zetten. En ik mocht items maken voor een KRO-programma. Dat ging niet zo goed, ik was natuurlijk geen verslaggever. Toen heb ik de VARA gebeld en zei dat het me niet zo beviel bij de KRO. Of ik niet bij hen kon werken. How to bluff yourself into medialand.”

    1977: de start van IDTV.
    “De NCRV vroeg me daarna als muziekproducer bij de radio. Ik was zo’n beetje de enige jongere daar, dus ik mocht ook een TV-programma voor jongeren maken. Dat liep na een half jaar stuk; de NCRV-bestuursleden vonden het te progressief en zeiden dat het naar hasjiesj rook. Maar ik had een half jaar TV gemaakt en vond het zo leuk dat ik dat ik IDTV begonnen ben. Eigenlijk uit een soort woede.”

    1980: Je ziet maar. “In het begin produceerde ik veel freelance, zoals ‘Je Ziet Maar’ voor de VARA. Ze hadden daar last van die opgeschoten jongeren over de vloer, dus ik stelde voor om mij het hele programma te laten maken. Met een vriend ben ik achter zo’n grote rekenmachine gaan zitten om een begroting te maken. Tot mijn verbazing bestelde de VARA 26 afleveringen! Toen groeide IDTV opeens van twee personen naar een stuk of tien.”  

    1990-1995: 15 programma’s per week op TV. “In het begin van IDTV was niemand echt bezig met geld verdienen of een bedrijf opzetten. We wilden vooral programma’s maken die we zelf goed vonden. Begin jaren ’90 ging het opeens hard. We hadden zo’n 15 programma’s per week op TV: Taxi, Lingo, Pleidooi... En bedrijven wilden ons kopen, terwijl wij ons nooit gerealiseerd hadden wat we waard waren.”  

    1997: de groei stopt. “Het werd ingewikkeld toen de commerciële televisie kwam en Van Den Ende en De Mol fuseerden. We waren echt een Publieke Omroep-producent, ik denk dat we niet voldoende gevoel hadden voor het grote publiek. De omzet donderde met 40% omlaag en mensen moesten worden ontslagen. IDTV was een echt bedrijf geworden, wat nooit mijn bedoeling was geweest, en ik was nooit opgeleid als manager. Gelukkig is het de jaren daarna weer goed gekomen.”  

    1999: afscheid. “In ’99 vond ik dat ik IDTV lang genoeg gerund had. Ik heb er twee jaar over gedaan om alles over te dragen. Een bedrijf is als je kind, daar loop je niet zomaar van weg. Daarna dacht ik: nu ga ik leuke dingen doen voor mezelf.”  

    2005: Leuk en toch nuttig. “Ik ben nu onder meer bezig met een nieuwe kwaliteitszender en een cultureel uitgaanscentrum in Amsterdam, onder het motto ‘leuk en toch nuttig’. Natuurlijk komt er wel eens stress bij kijken, maar ik heb geen aandeelhouders meer, of 145 man personeel. Ik ben een vrij man.”

    En met Roel Pieper: "Ik had ideeen over hoe ik Philips zou kunnen veranderen. Ik denk dat mijn strategie inhoudelijk goed was, maar ik ging te hard. Ik had die Amerikaanse mentaliteit van 'gewoon doen'. De schokbeweging die nodig was, werd niet gedragen. Dat was een teleurstelling, maar ook een les. Je kunt niet altijd je eigen stijl aanhouden."

    En ook Lex Harding maakte een trip down memory lane:  

    1966: De boot in. “Ik las een artikel over Radio Dolfijn, een Engelse radiopiraat die zich richtte op Nederland. Ik rook het avontuur en stuurde een telegram: ‘prepared to join you as a dj’. In twee weken leerde ik het dj-vak. Daarna werd ik bij Veronica de populairste dj van Nederland, een popster. Daar heb ik ongelofelijk van genoten.”  

    1974: Veronica uit de lucht. “Toen in 1974 Veronica uit de lucht moest, zorgde dat voor een onvoorstelbare boosheid. Daar ligt de kiem van alles dat ik later gedaan heb. Met Rob Out was ik betrokken bij de oprichting van Veronica als publieke omroep; een tussenfase. Mijn uiteindelijke doel was weer een radiostation als Veronica.”  

    1988: Sky Radio. “In 1988 richtte ik Sky Radio op. Dat kon natuurlijk helemaal niet, want ik was radiodirecteur bij een publieke omroep. Maar er zat een gat in de wet en die kans kon ik niet laten lopen.”  

    1989: RTL Véronique. “Ik kwam erachter dat je met een buitenlandse entiteit commerciële TV kon maken. Zo ontstond RTL Véronique. Veronica werd aandeelhouder en ik directeur. Maar volgens het Commissariaat van de Media was dat in strijd met de mediawet. Veronica stapte eruit, waardoor mijn positie onmogelijk werd. Ik ging terug naar Veronica. Een loodzware periode; ik was de kop van Jut.” 

    1992: Radio 538. “De overheid opende de mogelijkheid om commerciële radio te maken via de kabel. Veronica kon nog niet uit het publieke bestel; mijn idee was om een station te starten en later alles samen te voegen. Maar ik werd geschorst. Toen ben ik 538 begonnen. Ik heb een aantal jongens meegenomen, maar heb Veronica netjes achtergelaten.”  

    1995: TMF. “De eerste jaren ging het niet heel goed met 538. Maar ik had een paar dj’s die ook wat op TV konden. Toen heb ik TMF bedacht. 538 liet ik achter bij Erik de Zwart. Er was inmiddels een etherfrequentie, dus die strijd was gestreden. Na drie jaar TMF begon het weer te kriebelen. Als er een hoofd personeelszaken komt, moet ik door, pionieren. Dus begon ik TMF België.”  

    1999: geen operationele leiding meer. “Al dat gepionier gaat je niet in de koude kleren zitten. Ik wilde meer tijd om te tuinieren en te reizen en stapte operationeel uit mijn bedrijven. Radio 538 heb ik nog twee keer verkocht, daar heb ik veel geld mee verdiend.”  

    2006: Reizen, tuinieren en Slam FM. “Vorig jaar heb ik Slam FM gekocht. Daar lag weer een mogelijkheid. Maar ik werk nu anders. Ik zit in 22 bedrijven; aan een aantal besteed ik veel aandacht. Maar ik moet niks. Terugkijkend heb ik geweldige dingen kunnen doen. Het meest trots ben ik op Radio 538. Als het aan mij lag, had ik het nooit verkocht, maar ik was niet de enige aandeelhouder. ]]>
    <![CDATA[Leukedingendoen Tijdschrijft ]]>Je kent de site leukedingendoen.nl wel. Of de Leukedingendoen-boekjes. Najaar 2005 verscheen een nieuw Leukedingendoen-product: het nieuwe tijdschrijft Leukedingendoen 2006. Vol allerlei bijzondere leuke dingen die je alleen of samen kunt doen. Maar ook met verhalen van mensen die een Leukedingendoen-ding gedaan hebben. Van online naar offline, weer eens een andere volgorde!

    Ik heb een interviewserie gemaakt met een aantal mensen achter de Leukedingen: een heks, een handlezeres, de eigenaren van een B&B in een aantal tramstellen (die ook nog een russische straaljager, een UFO, een bus en binnenkort een trein in de tuin hebben staan), Xaviera Hollander (de 'Happy Hooker' runt tegenwoordig een B&B), een strandjutter en een voormalig reclameman die een voorturen, een havenkraan en een oud schip heeft omgebouwd tot wanzinnige hotels. Stuk voor stuk mensen met een bijzonder idee en een bijzonder doorzettingsvermogen.

    ------------------

    In bed bij Xaviera

    Het leven van Xaviera Hollander laat zich lezen als een spannend boek. Sterker, ze schreef er meerdere over. Iedereen kent The Happy Hooker, over haar periode als madam in New York. Tegenwoordig kun je bij haar slapen in haar Bed & Breakfast. “Nee, niet mèt. Ik vind het gewoon heerlijk om mensen om me heen te hebben.”

    “Er is hier altijd wat aan de hand,” zegt Xaviera. Haar travestie-‘houseboy’ David rent, wapperend met zijn armen, door het huis. Hij moet even de deur uit, maar kan zijn jas niet vinden en stuitert druk trappen op en af. “Hij is een scatterbrain. Ik heb altijd bedienden gehad. Thuis hadden we vroeger ook personeel. Ik was altijd een beetje een slavendrijfster, mijn moeder ook. Maar ik ben wel aardig voor mijn slaven,” lacht ze. In een felrode jas rent David uiteindelijk de deur uit. “Heb je geld bij je?” roept ze hem na. “Die jongens in huis zijn erg lief, maar ze weten niet hoe ze de show moeten runnen,” zucht ze. “Ik ben de enige captain op dit ship.”

    De woonkamer van haar villa in Amsterdam-Zuid is vol en kleurig. Overal waar je kijkt, zie je fotolijstjes, kleden, beelden, schilderijen en meubels. Boven zijn David en Goliath: een kleine en een grotere kamer, voor de gasten van haar Bed & Breakfast. De gasten ontbijten samen met haar, in haar woonkamer. En als ze het gezellig vinden, drinkt de gastvrouw ’s avonds ook een glaasje met ze, of gaat ze met ze op stap.

    Xaviera vertelt over een dronken Russische gast, die hier onlangs logeerde. “Wodka, I need wodka,” had hij gebromd, voordat hij de stad in verdween. “Blijf niet te lang weg, hè,” had ze nog moederlijk geroepen. Hij had die dag zijn vlucht al gemist en moest de volgende zeker halen. Toen hij maar weg bleef, stuurde ze David op pad, om hem te gaan zoeken. Om zeven uur ’s ochtends vonden ze hem; bij de politie. “Hij was zo dronken dat hij gevallen was en een hersenschudding had. De politie zei: ‘U wilt hem? Neemt u hem alstublieft mee!’ Dat zijn niet de normale gasten, maar het is hier echt Huize Hommeles af en toe.”

    Haar moeder wilde het liefst dat ze zou trouwen en kinderen zou krijgen. Haar vader zei: ga het leven in, en dan boeken schrijven. Want dat ze kon schrijven, bleek al bij de schoolkrant van het chique Barlaeus Gymnasium in Amsterdam. “Maar dat schrijven verkoopt voor geen meter meer. Ik heb net een prachtig boek geschreven, Kind Af. Eindelijk een literair werk. Het begint alleen met de sterfscène van mijn moeder, en dood verkoopt niet. HarperCollins, mijn uitgever in Amerika, heeft er een re-issue van de Happy Hooker bijgedaan; die loopt nog steeds gestaag door. Sex sells better. Maar ik wil op mijn leeftijd echt geen porno meer schrijven.”

    Haar loopbaan begon keurig: als secretaresse. Binnen een paar jaar benoemde Manpower haar zelfs tot secretaresse van het jaar. Een masterplan van wat ze wilde bereiken in haar leven had ze niet. “Maar ik wist wel dat ik geen typiste wilde blijven.”

    Avontuurzucht dreef haar naar Zuid-Afrika, waar ze werkte voor een reclamebureau. Bevrijd van het toeziend oog van haar ouders, gaf ze daar toe aan haar seksuele nieuwsgierigheid en had een reeks affaires. Toen haar eerste grote liefde zich aandiende, volgde ze hem eind jaren ‘60 naar de Verenigde Staten.

    Tot haar teleurstelling liep deze relatie stuk en stortte ze zich weer in een reeks tumultueuze avontuurtjes. Dit bracht haar op het idee om het salaris dat ze verdiende als secretaresse bij de VN aan te vullen als callgirl (“If I enjoy it, I might as well get paid for it”). Xaviera vond het moeilijk om een dubbelleven te leiden, dus ze ging al snel fulltime de prostitutie in. Slim kocht ze voor $10.000 de klantenlijst van een NewYorkse madam, die met pensioen ging. Het glamoureuze leven dat ze vanaf dat moment leidde, kent iedereen uit haar bestseller ‘The Happy Hooker’, dat in 1972 over de hele wereld insloeg als een bom.

    Happy Cooker  

    Halverwege de jaren ‘70 keerde ze terug naar Nederland. “Ik organiseerde toen wel eens avondjes; keurige klassieke huiskamerconcerten. Het geld maakte me niet zoveel uit; ik bulkte toen van de poen, dus ik vroeg er niks voor. Via een Tsjechische pianist die ik leerde kennen, ontmoette ik weer andere bekende musici. Dat ging zo door; op ieder feestje speelde iemand wel iets.”   “Op een gegeven moment had ik een kok. De mensen die voor me werkten deden het niet voor het geld, maar hij wilde een aardig salaris. Nou, dat had ik ook weer niet. Al die mensen zaten hier voor niks te eten en te drinken. Dus ik dacht: ik begin de Happy Cooker: etentjes met entertainment, tegen een vergoeding, in mijn woonkamer. Toen begon het networking. Dat is een kernwoord in mijn leven. Niet dat het een swingers club was, maar ik heb gevoel voor het koppelen van mensen. Zo van: ga jij tijdens het hoofdgerecht maar even daar zitten.”   Twaalf jaar gelewden volgde de Happy Booker: een theater, in haar eigen woonkamer. “Op het Edinburgh Theatre Festival in Schotland werd ik min of meer verliefd op een Poolse acteur. Ik vroeg hem of hij naar Nederland wilde komen. Hij zei: ‘only if I can worrrk.’ Hij had een one man show met één lampje als decor, dus ik dacht: dat kan ik wel handelen. Ik had allemaal timmerlui als vriendjes en die hebben een podiumpje getimmerd. Daarna zocht ik meer one man- en woman shows uit, die ik ook naar Nederland haalde.
    In het begin organiseerde ik ongeveer ieder weekend een Happy Cooker-avond. Iedere keer moest ik al mijn spullen in dozen doen en weg zetten. I became a sort of box person. Ik verdiende er niet veel aan. Ik vroeg toen 75 gulden, maar ze dronken je helemaal arm, die mensen. Na verloop van tijd stopte ik deze kook-events en bracht ik eens per twee maanden een week lang toneel aan huis.”

    Het ging allemaal goed, tot Buma Stemra zich met de zaak ging bemoeien. “Kort na een dreigend telefoontje kwam er tijdens een show een grote neger binnen; een politieman. (Zet een Surinaams accent op:) ‘Mevrouw Hollander, het spijt ons zeer, maar u mag hier geen theater hebben.’” Xaviera was net met een one woman show bezig die nog vier dagen duurde en wist de agent ervan te overtuigen dit af te mogen ronden. “Ze zagen het door de vingers, maar na die vier dagen hebben ze alles gecheckt. Daarna produceerde ik geen shows meer thuis en ben ik zalen gaan huren. Maar de onkosten daarvan werden te hoog; ik ben er toen mee gestopt. Mijn hart bloedt dat ik dit niet meer doe. Ik heb zoveel mensen via het theater leren kennen, heb er hele goede vriendschappen aan over gehouden. In oktober doe ik toch weer iets; een prachtige one man show, in het Parool Theater.”

    Happy Sleeper

    Een jaar of vier geleden begon Xaviera een Bed & Breakfast: de Happy Sleeper. “Dat ging ook spelenderwijs. Een vriendin zag een advertentie waarin mooie kamers werden gezocht in Amsterdam-Zuid. Ik dacht: ja, ik heb inderdaad mooie kamers.” De meeste bezoekers komen speciaal naar de B&B om te logeren bij the Happy Hooker. “Soms zit ik vol en moet ik gasten onderbrengen bij een vriendin. Ze zeggen dan dat ze wel terug komen als ik weer plek heb. Dan zeg ik wel eens: g